Nummer 25/48413/GV
Betreft [klager]
Datum 14 juli 2025
Uitspraak van de beroepscommissie van de RSJ op het beroep van
[klager] (hierna: klager)
1. De procedure
De (toenmalig) Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid (hierna: verweerder) heeft op 14 mei 2025 klagers verzoek om strafonderbreking toegewezen voor de duur van vijf dagen.
Klagers raadsvrouw, mr. A.M. van Wingerden, heeft namens klager beroep ingesteld tegen deze beslissing, meer specifiek tegen de duur van de verleende strafonderbreking. Klager had verzocht om strafonderbreking voor de duur van drie maanden.
De beroepscommissie heeft klager, zijn raadsvrouw en verweerder in de gelegenheid gesteld hun standpunten schriftelijk (nader) toe te lichten.
De beroepscommissie heeft kennisgenomen van het beroepschrift, de reactie van verweerder en de overige stukken.
2. De beoordeling
Uit de inlichtingen van verweerder blijkt dat aan klager op 17 juni 2025 alsnog strafonderbreking is verleend voor de duur van drie maanden. Hij heeft dan ook geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep. Naar het oordeel van de beroepscommissie leidt ook het gegeven dat klager tussentijds nog 29 dagen in detentie heeft verbleven alvorens hij opnieuw met strafonderbreking kon niet tot het oordeel dat klager daarmee nog belang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep. De beroepscommissie zal klager daarom niet-ontvankelijk verklaren in zijn beroep.
3. De uitspraak
De beroepscommissie verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn beroep.
Deze uitspraak is op 14 juli 2025 gedaan door de beroepscommissie, bestaande uit mr. J.R.K.A.M. Waasdorp, voorzitter, mr. A.B. Baumgarten en F. van Dekken, leden, bijgestaan door mr. A. Back, secretaris.
secretaris voorzitter
Versie informatie document
Publicatie op Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming:
Huidige versie: 1
Datum beschikbaarheid huidige versie: 05-08-2025 (vanaf dit moment beschikbaar op Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming)
Datum document:
Uitspraakdatum: 14-07-2025