Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ 21/19634/GV,7 juli 2021, beroep
Uitspraakdatum:07-07-2021

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Nummer          21/19634/GV

           

Betreft [klager]

Datum 7 juli 2021

 

Uitspraak van de beroepscommissie van de RSJ op het beroep van [klager] (hierna: klager)

 

1. De procedure

De Minister voor Rechtsbescherming (hierna: verweerder) heeft op 27 januari 2021 klagers verzoek tot incidenteel verlof afgewezen.

 

Klagers raadsman, mr. M. de Reus, heeft namens klager beroep ingesteld tegen deze beslissing.

 

De beroepscommissie heeft klager, zijn raadsman en verweerder in de gelegenheid gesteld hun standpunten schriftelijk (nader) toe te lichten.

 

De beroepscommissie heeft kennisgenomen van het beroepschrift, de reactie van verweerder en de overige stukken.

 

2. De standpunten in beroep

Standpunt van klager

Klager heeft verzocht om incidenteel verlof om aanwezig te kunnen zijn bij een intakegesprek van zijn vrouw bij Stichting Transfore op donderdag 4 februari 2021. Dit levert een grond op voor het verlenen van incidenteel verlof op grond van artikel 29 van de Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting (hierna: de Regeling) dan wel op grond van de restcategorie van artikel 31 van de Regeling. Verweerder lijkt dit in de bestreden beslissing te onderkennen, maar heeft klagers verzoek desondanks afgewezen, omdat klager ook gedurende een regimair verlof bij het intakegesprek aanwezig zou kunnen zijn. Klager stelt dat het intakegesprek niet kan worden bijgewoond gedurende regimaire verloven, aangezien het intakegesprek doordeweeks plaatsvindt en regimaire verloven, op grond van het bepaalde in artikel 21, derde lid, van de Regeling, plaatsvinden gedurende het weekend. De bestreden beslissing is dan ook in strijd met de wet, meer in het bijzonder met artikel 21, derde lid, van de Regeling. Klager verzoekt daarom het beroep gegrond te verklaren, de beslissing te vernietigen en verweerder op te dragen een nieuwe beslissing te nemen. Tevens wordt verzocht klager een tegemoetkoming toe te kennen.

 

Standpunt van verweerder

Het verzoek tot incidenteel verlof is op juiste gronden afgewezen. Ingevolge artikel 21, derde lid, van de Regeling, wordt incidenteel verlof niet verleend indien de gedetineerde binnen een maand na de beoogde verlofdatum in aanmerking komt voor invrijheidstelling of regimesgebonden of algemeen verlof en het beoogde bezoek in dat kader kan worden afgelegd. Ingevolge artikel 19, tweede en zesde lid, van de Regeling kan de directeur van de inrichting bepalen dat het regimaire verlof niet in het weekend plaatsvindt. De vrijhedencommissie heeft geadviseerd dat het regimesgebonden verlof kan worden verplaatst. Klager had kunnen regelen dat hij gedurende zijn regimesgebonden verlof meekon naar het intakegesprek van zijn vrouw. Hiervan heeft hij geen gebruik willen maken.

 

Uitgebrachte adviezen

De directeur van de locatie Zuyder Bos te Heerhugowaard heeft negatief geadviseerd ten aanzien van de verlofaanvraag, omdat klager geen aanspraak kan maken op incidenteel verlof, vanwege zijn verblijf in een inrichting met regimaire vrijheden. Klager wordt in de gelegenheid gesteld zijn regimaire verlof te gebruiken en zijn verlof te splitsen voor het bijwonen van het intakegesprek van zijn partner.

De politie heeft onderzoek gedaan naar het verlofadres en dit in orde bevonden.

 

3. De beoordeling

Uit het selectieadvies van de directeur van 26 januari 2021 en de bijbehorende registratiekaart blijkt dat klager sinds 11 juli 2019 is gedetineerd. Hij was in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier jaar met aftrek, wegens diefstal met geweld in vereniging gepleegd, afpersing en poging tot doodslag.

 

Op grond van artikel 21 van de Regeling kan incidenteel verlof worden verleend voor het bijwonen van gebeurtenissen in de persoonlijke sfeer van de gedetineerde, waarbij zijn aanwezigheid noodzakelijk is. Op grond van artikel 21, derde lid, van de Regeling kan dit verlof niet worden verleend indien de gedetineerde binnen een maand na de beoogde verlofdatum in aanmerking komt voor invrijheidsstelling of regimesgebonden of algemeen verlof en het beoogde bezoek in dat kader kan worden afgelegd.

 

Klager heeft verzocht om incidenteel verlof op 4 februari 2021 om bij het intakegesprek van zijn vrouw aanwezig te kunnen zijn. De beroepscommissie stelt vast dat klager op 15 oktober 2020 in de Beperkt Beveiligde Inrichting Amerswiel te Heerhugowaard is geplaatst en dat hij regimaire verloven geniet, waarbij de mogelijkheid bestaat om deze verloven te verschuiven indien dit nodig is. Klager wil, zo staat in het selectieadvies, een extra verlof en wil zijn reguliere – de beroepscommissie begrijpt zijn regimaire – verlof niet verschuiven of inleveren. Nu klager de mogelijkheid had om het intakegesprek bij te wonen in het kader van regimesgebonden verlof, biedt de Regeling niet de mogelijkheid om aan klager incidenteel verlof toe te kennen. Gelet op het voorgaande en bij afweging van alle in aanmerking komende belangen, kan de bestreden beslissing niet als onredelijk of onbillijk worden aangemerkt. De beroepscommissie zal het beroep daarom ongegrond verklaren.

 

4. De uitspraak

De beroepscommissie verklaart het beroep ongegrond.

 

Deze uitspraak is op 7 juli 2021 gedaan door de beroepscommissie, bestaande uit mr. D. van der Sluis, voorzitter, F. van Dekken en mr. D.W.J. Vinkes, leden, bijgestaan door mr. A. Back, secretaris.

 

secretaris        voorzitter

Naar boven