Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ 04/0233/GB, 12 maart 2004, beroep
Uitspraakdatum:12-03-2004

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Uitspraak

Nummer: 04/233/GB

Betreft: [klager] datum: 12 maart 2004

De beroepscommissie als bedoeld in artikel 73, eerste lid, van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw) heeft kennis genomen van een op 9 februari 2004 bij het secretariaat van de Raad ingekomen op 1 februari 2004 gedateerdeberoepschrift van

[...], geboren op [1984], verder te noemen klager,

gericht tegen een op 19 januari 2004 genomen en op 27 januari 2004 aan klager uitgereikte beslissing van de selectiefunctionaris,

alsmede van de overige stukken, waaronder de bestreden beslissing.

Op grond van haar onderzoek overweegt en beslist de beroepscommissie als volgt.

1. De inhoud van de bestreden beslissing
De selectiefunctionaris heeft het bezwaarschrift van klager gericht tegen de beslissing hem over te plaatsen naar het huis van bewaring voor psychologisch onvolwassenen (jovo-h.v.b.) te Middelburg ongegrond verklaard.

2. De feiten
Klager is sedert 23 april 2003 gedetineerd. Hij verblijft als preventief gehechte in het h.v.b. te Middelburg. Vanuit dit h.v.b. is hij geherselecteerd voor de jovo-afdeling van dit h.v.b.. Deze overplaatsing was ten tijde van hetinstellen van het beroep nog niet gerealiseerd.

3. De standpunten
3.1. Door klager is het beroep tegen de bestreden beslissing van de selectiefunctionaris als volgt toegelicht.
Hij verwacht niet dat het goed zal gaan op de jovo-afdeling. Hij heeft nu eindelijk een beetje rust gevonden. Op de jovo-afdeling zal dat meteen weer weg zijn.

3.2. De selectiefunctionaris heeft de bestreden beslissing als volgt toegelicht.
De beslissing tot overplaatsing naar de jovo-afdeling van het h.v.b. te Middelburg is gebaseerd op het gegeven dat klager volgens de eerste indicatiestelling jovo-geïndiceerd is. Klager scoort op de onderdelen first offender enkwetsbaarheid.

4. De beoordeling
4.1. Volgens artikel 16 van de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden worden in inrichtingen of afdelingen voor bijzondere opvang van psychologisch onvolwassenen onder meer gedetineerden geplaatst die ouderzijn dan 17 jaar en die zich door hun gedrag kenmerken als psychologisch onvolwassenen. Uit het handboek voor de bijzondere opvang van psychologisch onvolwassen mannen binnen het gevangeniswezen, Ministerie van Justitie, DienstJustitiële Inrichtingen, augustus 2001, kan worden afgeleid dat psychologische onvolwassenheid zich in algemene zin kenmerkt door een gebrek aan vaardigheden die noodzakelijk zijn voor een goede persoonlijke ontwikkeling. Daarbijkomt dat gedetineerden in de leeftijd van 16 tot (indicatief) 24 jaar zich in het algemeen in een relatief kwetsbare periode van hun ontwikkeling bevinden. Om te bepalen of een gedetineerde is gebaat bij plaatsing in een inrichtingvoor psychologisch onvolwassenen vindt indicatiestelling plaats.

4.2. De beroepscommissie stelt vast dat klager, gelet op de tekst van artikel 16 van de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden aanhef en onder b, qua leeftijd valt onder de categorie gedetineerden die in eenjovo-inrichting kunnen worden geplaatst. Voorts is uit klagers indicatiestelling gebleken dat hij first offender is en een tekortkoming heeft voor wat betreft kwetsbaarheid; dit maakt dat hij eveneens voldoet aan het tweedecriterium van artikel 16 van de Regeling. Het bestaan van die indicatiestelling blijkt uit het zich bij de stukken bevindende formulier ‘eerste indicatiestelling’. Tegen de achtergrond van het vorenstaande komt de beroepscommissietot het oordeel dat klager in beginsel in aanmerking komt voor plaatsing in een jovo-inrichting.
Namens klager is door de inrichtingspsycholoog, verbonden aan de penitentiaire inrichting Zuid-West, per brief van 11 december 2003 -zakelijk weergegeven- het volgende aangevoerd. Uit talrijke gesprekscontacten blijkt dat sprake isvan een zich ontwikkelende persoonlijkheidsstoornis. Klager is kwetsbaar en heeft nauwelijks contact met zijn gevoelswereld. Om te kunnen voelen, heeft klager heftige sensaties nodig en neigt hij naar oppositioneel gedrag. Gezienhet verschil in milieu op een jovo-afdeling vergeleken met een reguliere afdeling verwacht de inrichtingspsycholoog dat het voor klager moeilijk zal zijn zich te handhaven op een jovo-afdeling. Met name de beïnvloeding door deandere gedetineerden, de groepsdynamiek en het vaak opstandige gedrag van de jovo’s zullen naar alle waarschijnlijkheid het functioneren van klager binnen detentie verslechteren. Door de selectiefunctionaris is op voorgaande door depsycholoog aangevoerde argumentatie in de bestreden beslissing niet ingegaan. Onder die omstandigheden moet de op de onder 3.2 genoemde gronden gebaseerde beslissing van de selectiefunctionaris bij afweging van alle in aanmerkingkomende belangen als onvoldoende gemotiveerd worden aangemerkt.
Het beroep is mitsdien gegrond en de bestreden beslissing dient te worden vernietigd.
De selectiefunctionaris zal worden opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak binnen een termijn van twee weken na ontvangst daarvan.
De beroepscommissie acht geen termen aanwezig voor het toekennen van een tegemoetkoming.

5. De uitspraak
De beroepscommissie verklaart het beroep gegrond en vernietigt de bestreden beslissing.
Zij draagt de selectiefunctionaris op een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van haar uitspraak binnen een termijn van twee weken na ontvangst daarvan.
Zij kent klager geen tegemoetkoming toe.

Aldus gegeven door de beroepscommissie voornoemd, bestaande uit mr. J.P. Balkema, voorzitter, mr. A.G. Bosch en dr. J.P.S. Fiselier, leden, in tegenwoordigheid van mr. I. Lispet, secretaris, op 12 maart 2004

secretaris voorzitter

Naar boven