Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ 17/0965/GA, 19 september 2017, beroep
Uitspraakdatum:19-09-2017

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

nummer:          17/965/GA

betreft: [klager]            datum: 19 september 2017

De beroepscommissie als bedoeld in artikel 69, tweede lid, van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw) heeft kennisgenomen van een bij het secretariaat van de Raad ingekomen beroepschrift van

[…], verder te noemen klager,

gericht tegen een uitspraak van 10 maart 2017 van de beklagcommissie bij de penitentiaire inrichting (p.i.) Esserheem te Veenhuizen.

alsmede van de overige stukken, waaronder de uitspraak waarvan beroep, welke in afschrift aan deze uitspraak is gehecht.

 

Ter zitting van de beroepscommissie van 14 juli 2017, gehouden in de p.i. Lelystad, is namens de vestigingsdirecteur van de p.i. Esserheem. [...], juridisch medewerker, gehoord. Hoewel voor klagers vervoer naar de zitting was zorg gedragen, heeft hij daarvan geen gebruik gemaakt.

 

Op grond van haar onderzoek overweegt en beslist de beroepscommissie als volgt:

           

1.         De inhoud van het beklag en de uitspraak van de beklagcommissie

Het beklag (Eh 2016/521) betreft:

a. het niet reageren op verzoekbriefjes van klager door het afdelingshoofd;

b. het ontbreken van de mogelijkheid om telefonisch of via internet contact te leggen met het Europees Hof voor de rechten van de mens (EHRM).

De beklagcommissie heeft klager niet-ontvankelijk verklaard in zijn beklag op de gronden als in de aangehechte uitspraak weergegeven.

 

2.         De standpunten van klager en de directeur

Klager heeft in beroep zijn tegenover de beklagcommissie ingenomen standpunt als volgt toegelicht. Tijdens de behandeling van de klacht door de beklagcommissie is gesproken over onderwerpen die niet gerelateerd zijn aan de klacht. Het aangetekend versturen van post is gelet op het lage arbeidsloon in detentie onmogelijk. Klager heeft hier geen geld voor. Bovendien heeft de inrichtingswinkel geen postzegels voor post naar het buitenland. Klager begrijpt niet waarom de inrichting hem hierin niet helpt, nu zij weten dat niet alle correspondentie is aangekomen en zij ter zitting van de beklagcommissie hebben verklaard te weten wat klager schrijft. Andere gedetineerden kunnen gebruik maken van de telefoon omdat zij de Nederlandse taal spreken. Ook kan er post zonder postzegels verstuurd worden. Klager wil zijn telefoongesprekken met Europese instellingen  in het Pools voeren. Dit moet mogelijk zijn. Het personeel pretendeert echter dit niet te weten. Niemand wil klager helpen. Klagers advocaat reageert ook niet, en de advocaat die klager kreeg toegewezen helpt hem onvoldoende.

Het afdelingshoofd en casemanager hebben niet gereageerd op de acht verzoekbriefjes die klager heeft geschreven. Voordat klager het verzoekbriefje in de bus deponeerde, heeft hij het personeel nog gevraagd of zij begrijpen wat klager heeft opgeschreven. Van klager wordt verlangd dat  hij op verzoek van het personeel naar een gesprek gaat, maar als klager zelf een gesprek wenst, komt er geen reactie. 

Namens de directeur is in beroep zijn tegenover de beklagcommissie ingenomen standpunt als volgt toegelicht. Er heeft na het beklag met behulp van een tolk een gesprek plaatsgevonden met de casemanager en afdelingshoofd. Hieruit kan niet de conclusie worden getrokken dat het personeel daarvóór geen tijd voor klager had. Er wordt door het personeel wel degelijk op verzoekbriefjes van klager gereageerd. Er zal sprake zijn van miscommunicatie en de inrichting kan niet op alle vragen van klager antwoord geven. De geprivilegieerde post wordt door de gedetineerden gesloten aan het personeel aangeboden, waarna deze wordt verstuurd. De suggestie om post aangetekend te versturen was een suggestie van de inrichting richting klager. Klager beschikt over een telefoonkaart en heeft alle mogelijkheden gehad om te bellen, ook bij het RIC.

 

3.         De beoordeling

a. Het beklag van klager is gericht tegen het niet reageren door het personeel op verzoekbriefjes van klager. Indien op een dergelijk verzoek geen beslissing wordt genomen, kan dit de directeur worden aangerekend. Hiertegen staat dan ook beklag open. Klager kan daarom worden ontvangen in zijn beklag. Ter zitting van de beroepscommissie is namens de directeur betoogd dat wel wordt gereageerd op verzoekbriefjes. Het tegendeel is door klager niet aannemelijk gemaakt. Het beklag zal daarom ongegrond worden verklaard.

b. Klager meent dat hem niet de gelegenheid wordt geboden telefonisch of via internet contact te leggen met het EHRM. Dit betreft een door of namens de directeur genomen beslissing waartegen op grond van artikel 60, eerste en tweede lid, van de Pbw beklag open staat. Klager kan daarom worden ontvangen in zijn beklag. Klagers stellingen worden door de directeur weersproken. Klager heeft wel degelijk de mogelijkheid contact op te nemen met het EHRM. Het verweer van de directeur voor de beklagcommissie de post aangetekend te versturen, betrof een advies van de directeur en – zo moet dat worden begrepen – houdt niet in dat enkel via aangetekende brieven contact kan worden gelegd. Het beklag zal daarom ongegrond worden verklaard. 

 

4.         De uitspraak

De beroepscommissie vernietigt de uitspraak van de beklagcommissie, verklaart klager alsnog ontvankelijk in beide onderdelen van het beklag, maar verklaart dit beklag ongegrond.

 

Aldus gegeven door de beroepscommissie voornoemd, bestaande uit mr. J.A.M. de Wit, voorzitter, J.G.A. van den Brand en mr. R.S.T. van Rossem - Broos, leden, in tegenwoordigheid van mr. R. Kokee, secretaris, op 19 september 2017

 

 

            secretaris         voorzitter

 

 

 

 

Naar boven