Onderwerp: Bezoek-historie

Prestatie- en tariefbeschikking medisch-specialistische zorg TB-REG-21608-02
Vaststellingsdatum:08-09-2020Geldigheid:01-01-2021 t/m 31-12-2021Status: Toekomstig geldig

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

PRESTATIE- EN TARIEFBESCHIKKING MEDISCH-SPECIALISTISCHE ZORG 2021

 

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft met inachtneming van Hoofdstuk 4, paragrafen 4.2 en 4.4, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg),

en meer in het bijzonder:

de artikelen 35, 50, eerste lid, onderdelen a, c en d, 52, aanhef en onder e, 53, aanhef en onder b, van de Wmg,

alsmede de beleidsregel:

  • Prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg, kenmerk BR/REG-21106a;
     

en de nadere regel:

  • Regeling medisch-specialistische zorg, kenmerk NR/REG-2103a;
     

besloten:

dat rechtsgeldig

door aanbieders van:

  1. medisch-specialistische zorg;
  2. audiologische zorg;
  3. trombosezorg;
  4. zorg in het kader van erfelijkheidsadvisering;
  5. geriatrische revalidatiezorg;
  6. mondzorg zoals kaakchirurgen die bieden;

 

aan:

  • zorgverzekeraars, en
  • (niet-)verzekerden

 

de volgende prestaties:

  • Dbc-zorgproducten zoals opgenomen in bijlage 1 bij de Regeling medisch-specialistische zorg,
  • Overige zorgproducten zoals opgenomen in bijlage 4 bij de Regeling medisch-specialistische zorg,
  • Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren die bij afzonderlijke beschikking als zodanig zijn vastgesteld en zijn opgenomen in de G-standaard.
     

en de volgende tarieven:

  • de kostenbedragen zoals genoemd in de ‘Tarieventabel dbc-zorgproducten en overige zorgproducten per 1 januari 2021’;
  • de tarieven behorende bij add-ongeneesmmiddelen en ozp-stollingsfactoren zoals genoemd in de G-standaard.

 

in rekening mogen worden gebracht.

Overig

Voor een uitleg of definitie van de in deze beschikking gehanteerde begrippen wordt verwezen naar de begripsbepalingen in artikel 1 van de Beleidsregel prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg met kenmerk BR/REG-21106a en artikel 1 van de Regeling medisch-specialistische zorg met kenmerk NR/REG-2103a.

De in deze beschikking genoemde bijlagen en de tarieventabel zijn te raadplegen en te downloaden via de website van de NZa.
Voor de bijlagen zie: https://puc.overheid.nl/nza/ à zoekterm BR/REG-21106a of NR/REG-2103a à bijlage.
Voor de tarieventabel zie: https://puc.overheid.nl/nza/ à TB/REG-21608-02 à Tarieventabel dbc-zorgproducten en overige zorgproducten per 1 januari 2021.
 

Voorwaarden, voorschriften en beperkingen
Ten aanzien van het hierboven gestelde gelden de navolgende voorwaarden, voorschriften en/of beperkingen:

 

  1. De tarieven die op grond van deze beschikking in rekening worden gebracht, zijn integrale tarieven.
  2. Een zorgaanbieder, hierboven genoemd onder een van de nummers 1 tot en met 6, die valt onder de definitie van solist, brengt de in deze beschikking genoemde (integrale) tarieven slechts in rekening, indien hij in het bezit is van een door de NZa afgegeven individuele beschikking als bedoeld in artikel 16 van de Beleidsregel prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg, respectievelijk artikel 31, lid 3, van de Regeling medisch-specialistische zorg.
  3. In aanvulling op de voorschriften 2, 3 en 4 geldt dat de in die voorschriften bedoelde zorgaanbieders ook ‘eigen zorgverleners’ als bedoeld in artikel 1, onderdeel m, van de Regeling medisch-specialistische zorg, dienen te zijn om de in deze beschikking genoemde (integrale) tarieven rechtsgeldig in rekening te kunnen brengen.
  4. De (integrale) tarieven die op grond van deze beschikking in rekening worden gebracht, zijn maximumtarieven, als bedoeld in artikel 50, eerste lid, onder c, van de Wmg, voor zover betrekking hebbend op geleverde zorgprestaties in het gereguleerde segment (A-segment), en zijn vrije tarieven, als bedoeld in artikel 50, eerste lid, onder a, van de Wmg, voor zover betrekking hebbend op geleverde zorgprestaties in het vrije segment (B-segment).
  5. De maximumtarieven die op grond van deze beschikking voor prestaties  in het gereguleerde segment in rekening mogen worden gebracht (met uitzondering van de add-on geneesmiddelen, ozp-stollingsfactoren, en een beperkte set prestaties die op grond van de tarieven in de eerste lijn, in de gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg en in de forensische zorg van een tarief worden voorzien), kunnen ten hoogste met 10% worden verhoogd indien hieraan een schriftelijke overeenkomst tussen de betreffende zorgaanbieder en zorgverzekeraar ten grondslag ligt. Een max-max tarief kan alleen in rekening worden gebracht aan:
    • de ziektekostenverzekeraar met wie het verhoogde maximumtarief is overeengekomen of;
    • de verzekerde ten behoeve van wie een zorgverzekering is gesloten bij een zorgverzekeraar met wie een zodanig maximumtarief schriftelijk is overeengekomen.
       
  6. Op tarieven die betrekking hebben op dbc-zorgproducten en/of overige zorgproducten, die vóór 1 januari 2021 zijn geopend, maar na 1 januari 2021 in rekening worden gebracht (de zgn. overloop dbc’s 2020-2021), is de tariefbeschikking van 12 september 2018 met kenmerk TB/REG-20626-2, inclusief de daarin opgenomen voorwaarden, voorschriften en beperkingen, van toepassing.
  7. Dbc-zorgproducten voor gespecialiseerde brandwondenzorg (dbc-zorgproductcodes 979004001 t/m 979004017) mogen uitsluitend in rekening worden gebracht door instellingen die een beschikbaarheidbijdrage als bedoeld in artikel 56a van de Wmg voor brandwondenzorg hebben ontvangen voor het beschikbaar hebben van deze specifieke vorm van zorg.
  8. Dbc-zorgproducten voor complex chronische longaandoeningen (dbc-zorgproductcodes 990022034 t/m 990022085) mogen uitsluitend in rekening worden gebracht door derdelijns longcentra (categorale instellingen voor long-astmazorg): Centrum voor Revalidatie UMCG locatie Beatrixoord te Haren, CIRO Expertisecentrum voor Chronisch Orgaanfalen, Radboudumc Dekkerswald, Revant centrum complex chronisch longfalen te Breda, Merem Behandelcentra te Hilversum en stichting MC Astmacentrum.
  9. De declaratiebepalingen (voorschriften, voorwaarden of beperkingen) opgenomen in  de Beleidsregel prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg, respectievelijk de Regeling medisch-specialistische zorg, zijn - voor zover niet in deze beschikking genoemd - onverkort van toepassing op zorgaanbieders die op grond van deze beschikking prestaties en tarieven in rekening brengen.

Inwerkingtreding

Deze beschikking treedt in werking op 1 januari 2021 en vervalt op 1 januari 2022.

Met inachtneming van artikel 20, tweede lid, onderdeel d, van de Wmg, zal deze tariefbeschikking in de Staatscourant worden gepubliceerd.

Bezwaar en beroep

Indien u het niet eens bent met dit besluit dan kunt u binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit een bezwaarschrift indienen bij de Nederlandse Zorgautoriteit. U kunt uw bezwaar indienen: per post of per fax. Het is niet mogelijk uw bezwaar via de e-mail in te dienen.

Adres:   

   Nederlandse Zorgautoriteit

   t.a.v. unit Juridische Zaken

   Postbus 3017

   3502 GA  UTRECHT

   (In de linkerbovenhoek van de envelop vermeldt u:   Bezwaarschrift)

Fax:        030 – 296 82 96

Het bezwaar dient volgens artikel 6:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht schriftelijk en ondertekend te worden ingediend en dient ten minste de volgende gegevens bevatten:

  • naam en adres van de indiener;
  • de dagtekening;
  • een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt;
  • de gronden (onderbouwing) van het bezwaar.

 

Wij verzoeken u een kopie van dit besluit bij te voegen.

Hoogachtend,

Nederlandse Zorgautoriteit

 

J. Rijneveld

unitmanager Tweedelijns Somatische Zorg

Toelichting

In deze beschikking is aangegeven welke zorgaanbieders met ingang van 1 januari 2021 gerechtigd zijn de Wmg-prestaties en -tarieven, zoals genoemd in deze beschikking, in rekening te brengen. Daarmee is de reikwijdte van deze beschikking afgebakend. Met de invoering van integrale tarieven per 1 januari 2015 is het declaratierecht van dbc-zorgproducten en overige zorgproducten voorbehouden aan twee soorten zorgaanbieders, te weten: instellingen en solisten. In de regelgeving van de NZa worden instellingen en solisten samengevoegd onder de noemer, c.q. het verzamelbegrip, ‘zorgverlener’.

Instellingen en het declaratierecht

Een organisatorisch verband dat (gespecialiseerde) mondzorg levert zoals kaakchirurgen plegen te bieden, geldt op grond van de aanwijzing2 van de minister van VWS d.d. 21 mei 2014, kenmerk 371987-120847-MC, als een instelling voor medisch-specialistische zorg. Een gespecialiseerd of bijzonder tandheelkundig centrum niet zijnde een ziekenhuis, waar één of meer kaakchirurgen werkzaam zijn, moet dus - naast de van rechtswege verkregen toelating als instelling voor mondzorg - ook beschikken over een toelating als instelling voor medisch-specialistische zorg om rechtsgeldig kaakchirurgische (overige) zorgproducten in rekening te kunnen brengen.

Naar boven