Onderwerp: Bezoek-historie

Regeling bescherming koopvaardij
Publicatiedatum:01-02-2022Geldigheid:01-02-2022 t/m Status: Geldig vandaag

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid van 19 januari 2021 houdende nadere regels ter uitvoering van de Wet ter Bescherming Koopvaardij en het Besluit bescherming koopvaardij (Regeling bescherming koopvaardij)

Hoofstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 (definities)

In deze regeling wort verstaan onder:

  • b. geneeskundige verklaring: geneeskundige verklaring van geschiktheid voor het verrichten van maritieme beveiligingswerkzaamheden;relaties0
  • c. Inspectie: Inspectie Leefomgeving en Transport;relaties0
  • d. Minister: Minister van Justitie en Veiligheid;relaties0
  • e. toezichthoudende ambtenaren: ambtenaren van de Inspectie die krachtens artikel 16, eerste lid, van de wet zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet;relaties0
  • f. vervoerskoffer: met een slot af te sluiten bewaarplaats van de toegestane geweldsmiddelen;relaties0
  • g. wapenkluis: met een slot af te sluiten opslagplaats van de vervoerskoffers met aangewezen geweldsmiddelen op het schip als bedoeld in artikel 3.2 van het Besluit.relaties0
relaties0relaties0
relaties0

Hoofdstuk 2 De toestemming voor de inzet van particulier maritiem beveiligingspersoneel

Artikel 2 (toestemmingsaanvraag)

Bij de aanvraag om toestemming als bedoeld in artikel 4 van de wet wordt ten behoeve van het verstrekken van gegevens en daarbij over te leggen bescheiden gebruik gemaakt van het model-formulier zoals opgenomen in bijlage 1.

relaties0relaties0

Artikel 3 (beschermingsmaatregelen)

  • 1. De scheepsbeheerder waarborgt in ieder geval de beschikbaarheid van de volgende beschermingsmaatregelen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de wet:
    • a.verrekijkers voor het team op de brug;relaties0
    • b.schijnwerpers;relaties0
    • c.harmonica-scheermesdraad;relaties0
    • d.materialen die de mogelijkheid bieden tot vergrendeling van deuren en luiken die toegang geven tot de brug, de verblijven van de bemanning en passagiers en de machinekamers en;relaties0
    • e.materialen die de mogelijkheid bieden tot versterking van ramen en patrijspoorten.relaties0
    relaties0
  • 2. De kapitein treft voorafgaand aan de doorvaart door het risicogebied in ieder geval de volgende beschermingsmaatregelingen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de wet:
    • a.de aanwijzing van een veilige verzamelplaats of schuilplaats voor de zeevarenden en passagiers aan boord van het schip;relaties0
    • b.het aanbrengen op daartoe aangewezen plaatsen van harmonica-scheermesdraad;relaties0
    • c.de bevestiging van water- of schuimspuiten bij mogelijke toegangspunten aan dek;relaties0
    • d.het voorbereiden van de bemanning door oefeningen die gericht zijn op bescherming tegen piraterij;relaties0
    • e.de vergrendeling van deuren en luiken die toegang geven tot de brug, de verblijven van de zeevarenden en passagiers, alsmede de machinekamers;relaties0
    • f.de versterking van grote ramen en patrijspoorten, die deze versterking behoeven enrelaties0
    • g.de bescherming van uitrusting en apparatuur van het schip tegen gebruik door derden.relaties0
    relaties0
  • 3. De kapitein past tijdens de doorvaart door het risicogebied in ieder geval de volgende beschermingsmaatregelingen toe, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de wet:
    • a.de inzet van één of meer uitkijkposten met geïnstrueerde bemanningsleden;relaties0
    • b.het gebruik van verrekijkers door het team op de brug enrelaties0
    • c.het beschikbaar hebben van schijnwerpers voor onmiddellijk gebruik.relaties0
    relaties0
  • 4. Indien het wegens bijzondere omstandigheden niet mogelijk is om één of meer van de maatregelen als bedoeld in lid 1 tot en met 3 te treffen, doet de scheepsbeheerder daarvan met redenen omkleed melding op het formulier als bedoeld in artikel 2, zo mogelijk met vermelding van alternatieve maatregelen die worden getroffen.relaties0
relaties0
relaties0

Hoofdstuk 3 De inzet van particulier maritiem beveiligingspersoneel

Artikel 4 (wapenkluis en vervoerskoffers)

  • 1. De wapenkluis is slechts toegankelijk voor de kapitein, of met diens expliciete toestemming, de teamleider of een andere door de kapitein aangewezen functionaris.relaties0
  • 2. De kapitein voert een registratie van personen die toegang hebben tot de wapenkluis.relaties0
  • 3. Het openen van een vervoerskoffer en de uitgifte van geweldsmiddelen vereisen expliciete toestemming van de kapitein.relaties0
  • 4. Aan boord van het schip wordt een vervoerskoffer alleen geopend door de teamleider of diens plaatsvervanger.relaties0
  • 5. De vuurwapens die in een vervoerskoffer worden bewaard, zijn niet geladen met munitie. De munitie wordt afzonderlijk in een vervoerskoffer opgeslagen.relaties0
  • 6. De teamleider registreert dagelijks het merk, type, serienummer en de hoeveelheid van de geweldsmiddelen die in iedere vervoerskoffer aanwezig zijn. De kapitein ziet erop toe dat de registratie wordt uitgevoerd en ondertekent daartoe, tezamen met de teamleider deze registratie.relaties0
  • 7. Twee uur voor het bereiken van het risicogebied brengt de teamleider na overleg met de kapitein de vervoerskoffers naar de brug.relaties0
  • 8. De geweldsmiddelen, die niet worden gebruikt tijdens de doorvaart door het risicogebied, worden bewaard in een vervoerskoffer op de brug. De vervoerskoffers zijn tijdens de doorvaart niet afgesloten en staan onder toezicht van het dienstdoende en gewapende lid van het beveiligingsteam op de brug.relaties0
  • 9. Uiterlijk twee uur na het vertrek uit het risicogebied plaatst de teamleider de vervoerskoffers met geweldsmiddelen terug in de wapenkluis.relaties0
  • 10. De teamleider ziet erop toe dat de vuurwapens regelmatig worden onderhouden en adequaat werken overeenkomstig de instructies van de vergunninghouder.relaties0
relaties0

Artikel 5 (helmcamera en microfoon)

  • 1. Een ieder die deel uitmaakt van het particulier maritiem beveiligingspersoneel maakt gebruik van een helmcamera met microfoon om beeld- en geluidsopnames te maken als bedoeld in lid, artikel 11, tweede van de wet.relaties0
  • 2. Voor de helmcamera’s geldt dat zij:
    • a.beeldopnamen maken van tenminste HD-kwaliteit (1280 x 720);relaties0
    • b.beeldopnamen maken van tenminste 30 frames per seconde;relaties0
    • c.voorzien zijn van videostabilisatie;relaties0
    • d.de tijd en datum toevoegen aan de beeldopnamen;relaties0
    • e.over een ingebouwde microfoon beschikken;relaties0
    • f.beeldopnamen en geluidsopnamen gesynchroniseerd opnemen;relaties0
    • g.beschikken over een batterijduur van ten minste zes uur.relaties0
    relaties0
relaties0

Artikel 6 (embarkatie, rapportage, melding aangewend geweld)

  • 1. De scheepsbeheerder verstrekt de kapitein de informatie, bedoeld in artikel 2.4, eerste en tweede lid, van het Besluit, ten minste vier uren voor embarkatie van het beveiligingsteam, de geweldsmiddelen en de apparatuur.relaties0
  • 2. Bij de uitvoering van de vergewisplicht, bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de wet en artikel 2.4, eerste en tweede lid, van het Besluit, wordt door de kapitein en de teamleider gebruik gemaakt van de model-formulieren, zoals opgenomen in bijlage 2, respectievelijk bijlage 3. De kapitein zendt de door de kapitein en de teamleider ingevulde formulieren terstond na embarkatie ter informatie toe aan de Kustwacht en de Inspectie.relaties0
  • 3. Bij de rapportages, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de wet, wordt door de kapitein en door de teamleider van het particulier maritiem beveiligingspersoneel gebruik gemaakt van het model-formulier zoals opgenomen in bijlage 4, respectievelijk bijlage 5. De formulieren, bedoeld in het eerste lid, maken deel uit van deze rapportages. De kapitein en de teamleider zenden de rapportages, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de wet uiterlijk 48 uur na afloop van de debarkatie van het beveiligingsteam aan de Inspectie.relaties0
  • 4. Bij de melding aan het openbaar ministerie, bedoeld in artikel 12, derde lid, van de wet, wordt door de kapitein gebruik gemaakt van de meldingsformulieren, zoals opgenomen in bijlage 6.relaties0
relaties0
relaties0

Hoofdstuk 4 De vergunning

Artikel 7 (vergunningaanvraag)

  • 1. De Inspectie hanteert een model-formulier ten behoeve van het verstrekken van gegevens ten behoeve van het aanvragen van een vergunning. De aanvrager voegt de op het aanvraagformulier vermelde bescheiden en bewijsstukken toe als bijlagen bij de aanvraag.relaties0
  • 2. Na ontvangst van de aanvraag wordt de aanwezigheid van bescheiden en bewijsstukken getoetst aan de eisen opgenomen in de artikelen 9 tot en met 15.relaties0
  • 3. Na ontvangst aanvraag bescheiden en bewijsstukken kan de Inspectie, alvorens een besluit te nemen naar aanleiding van de vergunningaanvraag, een audit verrichten op de vestigingslocatie van de aanvrager.relaties0
  • 4. Aan een vergunning kunnen voorwaarden worden verbonden met betrekking tot het waarborgen van:
    • a.een goed samenspel en goede communicatie met overheidsinstellingen;relaties0
    • b.de naleving van de bij of krachtens de wet gestelde voorschriften;relaties0
    • c.de kwaliteit van de bedrijfsvoering van de vergunninghouder;relaties0
    • d.de kwaliteit van de te leveren maritieme beveiliging.relaties0
    relaties0
relaties0

Artikel 8 (leges)

  • 1. De leges voor de afdoening van een aanvraag van een vergunning bedragen in totaal € 17.220,–. Voor de initiële afdoening van een aanvraag van een vergunning zijn leges verschuldigd ten bedrage van € 7.220,–. Voor de finale afdoening van een aanvraag van een vergunning zijn leges verschuldigd ten bedrage van € 10.000,–.relaties0
  • 2. De leges voor de afdoening van een aanvraag tot verlenging van een vergunning bedragen € 14.190,–.relaties0
  • 3. De leges voor de afdoening van de overgang van een vergunning op een derde, bedoeld in artikel 4.5 van het Besluit bedragen € 17.220,–.relaties0
relaties0
relaties0

Hoofdstuk 5 Wettelijke eisen vergunning

Paragraaf 5.1 Eisen aan de onderneming

Artikel 9 (continuïteit van de onderneming)

  • 1. De continuïteit van het maritiem beveiligingsbedrijf wordt geacht redelijkerwijs te zijn gewaarborgd indien het bedrijf beschikt over:
    • a.een uittreksel uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel van maximaal zes maanden oud of een gelijkwaardig document uit een andere lidstaat van de Europese Unie;relaties0
    • b.een aansprakelijkheidsverzekering van het maritiem beveiligingsbedrijf tot dekking van de risico’s waartoe de vergunde activiteiten aanleiding kunnen geven;relaties0
    • c.een accountantsverklaring van maximaal zes maanden oud, die inhoudt dat het bedrijf niet in staat van faillissement verkeert, aan het bedrijf geen surseance van betaling is verleend, geen beslag is gelegd op een aanmerkelijk deel van het vermogen van het maritiem beveiligingsbedrijf of op een of meer van zijn bedrijfsmiddelen die een aanmerkelijk deel van zijn vermogen vormen;relaties0
    • d.een overzicht van belangrijke leveranciers.relaties0
    relaties0
  • 2. De verzekering, bedoeld in het eerste lid, onder b, omvat in ieder geval een verzekering voor beroepsaansprakelijkheid, algemene aansprakelijkheid en werkgeversaansprakelijkheid. De verzekering dekt de aansprakelijkheid van het bedrijf voor ten minste € 2.500.000 per schadegeval voor letselschade en ten minste € 750.000 per schadegeval voor zaakschade waartoe de vergunde activiteiten aanleiding kunnen geven.relaties0
relaties0

Artikel 10 (betrouwbaarheid)

  • 1. De betrouwbaarheid van het bedrijf en van de personen die diens beleid bepalen of mede bepalen worden geacht te zijn gewaarborgd indien:
    • a.gelet op de voornemens en antecedenten van hen naar redelijke verwachting zal worden voldaan aan de bij of krachtens de wet gestelde regels;relaties0
    • b.deze bij de aanvraag van een vergunning beschikken over een verklaring omtrent gedrag, of, indien betrokkene een niet-ingezetene is van Nederland, een Engelstalig uittreksel justitiële documentatie of een gelijkwaardig Engelstalig getuigschrift van de autoriteiten van het land waar hij woonachtig is, dat niet ouder is dan zes maanden;relaties0
    • c.deze personen niet onder curatele staan;relaties0
    • d.deze niet gelieerd zijn aan nationale overheden;relaties0
    • e.het bedrijf de op aantoonbare wijze de uitgangspunten van de International Code of Conduct Association onderschrijft;relaties0
    • f.redelijkerwijs aangenomen mag worden dat gehandeld zal worden in overeenstemming met hetgeen van een goede beveiligingsorganisatie in het maatschappelijk verkeer mag worden verwacht.relaties0
    relaties0
  • 2. Onverminderd het bepaalde in artikel 5.3, tweede lid, van het Besluit wordt, in het geval het maritiem beveiligingsbedrijf zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdvestiging niet in Nederland heeft, bij de beoordeling van de betrouwbaarheid van het bedrijf, van de personen die diens beleid bepalen of mede bepalen, mede betrokken de vergunning of erkenning van de bevoegde autoriteiten van het land waar het bedrijf zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of hoofdvestiging heeft.relaties0
  • 3. De Minister neemt bij zijn beoordeling bedoeld in artikel 5.5, derde lid, onderdeel c, van het Besluit, de verklaring omtrent het gedrag, dan wel het uittreksel justitiële documentatie in aanmerking.relaties0
  • 4. De betrouwbaarheid van het maritiem beveiligingsbedrijf wordt geacht niet te zijn gewaarborgd indien het bedrijf, of de personen die diens beleid bepalen of mede bepalen, onherroepelijk zijn veroordeeld voor misdrijven genoemd in titel XVIII, titel XIX, titel XX, XXIII tot en met XXVI en titel XXIX van het Wetboek van Strafrecht.relaties0
relaties0

Artikel 11 (bedrijfsvoering)

  • 1. De bedrijfsvoering van het maritiem beveiligingsbedrijf is zodanig ingericht dat het bedrijf in ieder geval beschikt over:
    • a.een personeelsadministratie, daarbij inbegrepen een registratie van het particulier maritiem beveiligingspersoneel en van de bewijzen van hun betrouwbaarheid, vakbekwaamheid en geoefendheid, medische geschiktheid en beheersing van de Engelse taal;relaties0
    • b.relevante beleidsdocumenten, werkinstructies en overzichten, als bedoeld in het tweede tot en met vierde lid;relaties0
    • c.een functionaris die belast is met de verantwoordelijkheid voor de naleving van wettelijke voorschriften en het daarop betrekking hebbende risicomanagement;relaties0
    • d.continue toegang tot en beschikbaarheid van maritiem juridisch advies.relaties0
    relaties0
  • 2. Beleidsdocumenten als bedoeld in het eerste lid, onder b, betreffen in ieder geval:
    • a.ethisch beleid;relaties0
    • b.algemeen veiligheidsbeleid;relaties0
    • c.arbeidsomstandighedenbeleid, in het bijzonder gezondheids- en veiligheidsbeleid;relaties0
    • d.beleid inzake de werving, selectie en training van maritieme beveiligers;relaties0
    • e.beleid met betrekking tot wapens, daarbij inbegrepen de opslag, het onderhoud en de vernietiging;relaties0
    • f.beleid inzake interne en externe communicatie;relaties0
    • g.beleid inzake klachtafhandeling;relaties0
    • h.klokkenluidersregeling;relaties0
    • i.risicoanalyse;relaties0
    • j.mensenrechten;relaties0
    • k.crisismanagement;relaties0
    • l.de uitvoer van strategische goederen, daarbij inbegrepen exportcontrole certificaten.relaties0
    relaties0
  • 3. Werkinstructies als bedoeld in het eerste lid, onder b betreffen in ieder geval instructies inzake
    • a.het uitvoeren van een te beveiligen transport, daarbij inbegrepen de communicatie en rapportage tijdens de doorvaart;relaties0
    • b.de inzet van maritieme beveiligers tijdens een transport;relaties0
    • c.het levensreddend optreden aan boord (lifesaving rules);relaties0
    • d.het gebruik van geweldsbevoegdheden;relaties0
    • e.de procedure voor het inschieten van een persoonlijk wapen;relaties0
    • f.het gebruik van floating armouries;relaties0
    • g.het gebruik van camera’s en microfoons;relaties0
    • h.het gebruik van handboeien.relaties0
    relaties0
  • 4. Overzichten als bedoeld in het eerste lid, onder b, betreffen in ieder geval:
    • a.trainingen, daarbij inbegrepen herhalingstrainingen, van de particuliere maritieme beveiligers;relaties0
    • b.wapenvergunningen enrelaties0
    • c.onderhoudsplannen.relaties0
    relaties0
relaties0

Artikel 12 (intern toezicht)

Het intern toezicht van het maritiem beveiligingsbedrijf voorziet schriftelijk aantoonbaar in:

relaties0relaties0
relaties0

Paragraaf 5.2 Eisen aan de beveiligers

Artikel 13 (verlening inzage)

Het maritiem beveiligingsbedrijf verleent de Inspectie ten behoeve van de afdoening van de vergunningaanvraag en desgevraagd na verlening van een vergunning inzage in de bewijzen dat de maritieme beveiligers voldoen aan de eisen van betrouwbaarheid, medische geschiktheid, vakbekwaamheid en geoefendheid voor het verrichten van maritieme beveiligingswerkzaamheden.

relaties0relaties0

Artikel 14 (betrouwbaarheid)

  • 1. De maritieme beveiligers beschikken over een verklaring omtrent gedrag dat bij de vergunningaanvraag niet ouder is dan twaalf maanden.relaties0
  • 2. Indien een maritieme beveiliger niet-ingezetene is van Nederland beschikt hij ten minste over een Engelstalig uittreksel justitiële documentatie of gelijkwaardig Engelstalig getuigschrift van de autoriteiten van het land waarvan hij ingezetene is, dat bij de vergunningaanvraag niet ouder is dan twaalf maanden.relaties0
relaties0

Artikel 15 (geneeskundige verklaring)

Elk lid van het beveiligingsteam beschikt te allen tijde over:

  • a.een Nederlandstalige of Engelstalige geneeskundige verklaring van geschiktheid voor het verrichten van maritieme beveiligingswerkzaamheden;relaties0
  • b.een Nederlandstalige of Engelstalige verklaring die inhoudt dat gedurende de tewerkstelling geen drugs of alcohol wordt gebruikt door het lid van het beveiligingsteam.relaties0
relaties0relaties0

Artikel 16 (vakbekwaamheid en geoefendheid)

  • 1. Elk lid van het beveiligingsteam beschikt over:
    • a.ten minste vier jaar operationele dienstervaring in een militaire – of politie-organisatie, waarna eervol ontslag is verleend;relaties0
    • b.een Nederlandstalige of Engelstalige maritime security operators-certificaat of gelijkwaardig certificaat van vakbekwaamheid en geoefendheid voor het verrichten van maritieme beveiligingswerkzaamheden dat niet ouder is dan twaalf maanden;relaties0
    • c.een Nederlandstalige of Engelstalige verklaring van vakbekwaamheid en geoefendheid voor het omgaan met semi-automatische vuurwapens in maritieme omstandigheden die niet ouder is dan twaalf maanden;relaties0
    • d.een eigen Nederlandstalige of Engelstalige verklaring die niet ouder is dan twaalf maanden welke inhoudt dat hij bekend is met de fundamentele rechten zoals die worden gewaarborgd door het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en het bepaalde bij of krachtens de wet, in het bijzonder de geweldsinstructie, en over de vakbekwaamheid en geoefendheid beschikt in het gebruik van camera’s en microfoons en in het gebruik van handboeien enrelaties0
    • e.een Nederlandstalig of Engelstalig certificaat van beheersing van de Engelse taal;relaties0
    relaties0
  • 2. Het certificaat als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, dient te zijn afgegeven door een instelling die bevoegd is het certificaat daartoe af te geven en die de vakbekwaamheid en geoefendheid verzorgt overeenkomstig de normdocumenten 9001:2015, 28000:2007 en 28007:2015 van de International Organization for Standardization.relaties0
  • 3. Het lid van het beveiligingsteam dat als team medic wordt aangewezen heeft ten minste een cursus First Person On Scene Intermediate met goed gevolg afgelegd bij een instelling die bevoegd is het certificaat daartoe af te geven.relaties0
relaties0
relaties0
relaties0

Hoofdstuk 6 Operationele eisen

Artikel 17 (teamleider)

  • 1. Onverminderd hetgeen bij of krachtens de artikelen 6, 9, 11 en 12 van de wet is bepaald heeft de teamleider tot taak:
    • a.het uitoefenen van de operationele leiding over de overige leden van het beveiligingsteam bij de uitvoering van de maritieme beveiligingswerkzaamheden;relaties0
    • b.het uitoefenen van het toezicht op en de controle over de overige leden van het beveiligingsteam;relaties0
    • c.het fungeren als tussenpersoon tussen het beveiligingsteam en de kapitein;relaties0
    • d.het fungeren als tussenpersoon tussen de vergunninghouder en de kapitein;relaties0
    • e.het verstrekken van een opdrachtafhankelijke procedurehandleiding aan de overige leden van het beveiligingsteam;relaties0
    • f.het adviseren van de kapitein over te treffen veiligheidsmaatregelen aan boord van het schip die niet het gebruik van geweldsmiddelen betreffen;relaties0
    • g.het functioneel beheer van de geweldsmiddelen en de uitrusting van het beveiligingsteam;relaties0
    • h.het toezien op het juiste gebruik en het functioneren van de camera en microfoon door het particulier maritiem beveiligingspersoneel;relaties0
    • i.het leidinggeven aan het gezamenlijk oefenen van het beveiligingsteam met de bemanning van de maritieme beveiligingswerkzaamheden gericht op de bescherming tegen piraterij indien de kapitein daartoe de opdracht geeft;relaties0
    • j.het toezien op de veiligheid, het welzijn en het gedrag van de overige leden van het beveiligingsteam.relaties0
    relaties0
  • 2. De teamleider verricht voorafgaand aan het embarkeren in ieder geval de volgende handelingen:
    • a.het informeren van de overige leden van het beveiligingsteam over de procedurehandleiding en geweldsinstructie;relaties0
    • b.het laten ondertekenen van de overige leden van het beveiligingsteam van een verklaring waaruit blijkt dat de leden van het beveiligingsteam op de hoogte zijn van de inhoud van de procedurehandleiding en geweldsinstructie;relaties0
    • c.de controle op de geweldsmiddelen en uitrusting van de leden van het beveiligingsteam;relaties0
    • d.het verrichten van een oefening van het beveiligingsteam, in het bijzonder in het gebruik van geweldsmiddelen enrelaties0
    • e.het aanwijzen van een lid van het beveiligingsteam als team medic.relaties0
    relaties0
relaties0
relaties0

Hoofdstuk 7 Bestuursrechtelijke handhaving en boetes

Artikel 18 (bestuurlijke boete vergunninghouder)

relaties0

Artikel 19 (bestuurlijke boete scheepsbeheerder)

De bestuurlijke boete die ten hoogste aan de scheepsbeheerder voor een overtreding van artikel 6, eerste lid van de wet en artikel 6, derde lid, van de wet jo artikel 2.4, eerste en tweede lid, van het Besluit kan worden opgelegd, komt overeen met de boete van de derde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.

relaties0relaties0

Artikel 20 (bestuurlijke boete kapitein)

De bestuurlijke boete die ten hoogste aan de kapitein voor een overtreding van de artikelen 6, eerste en vierde lid, en 12, eerste en tweede lid, van de wet en artikel 6, tweede lid jo artikel 2.4 van het Besluit kan worden opgelegd, komt overeen met de boete van de tweede categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.

relaties0relaties0

Artikel 21 (bestuurlijke boete teamleider)

De bestuurlijke boete die ten hoogste aan de teamleider voor een overtreding van artikelen 6, tweede lid, en 12, eerste en tweede lid, van de wet kan worden opgelegd, komt overeen met de boete van de tweede categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.

relaties0relaties0

Artikel 22 (matiging boete)

  • 1. Onverminderd de artikelen 3:4, 5.41 en 5:46 van de Algemene wet bestuursrecht, houden de toezichthoudende ambtenaren bij het vaststellen van een bestuurlijke boete in ieder geval rekening met de volgende omstandigheden, voor zover die van toepassing zijn:
    • a.de ernst en de duur van de overtreding;relaties0
    • b.de mate waarin de overtreding aan de overtreder kan worden verweten;relaties0
    • c.de afwezigheid van eerdere overtredingen van de overtreder van de bij of krachtens de wet gestelde voorschriften;relaties0
    • d.de mate waarin de overtreder meewerkt bij het vaststellen van de overtreding;relaties0
    • e.de maatregelen die de overtreder na de overtreding heeft genomen om herhaling van de overtreding te voorkomen.relaties0
    relaties0
  • 2. De toezichthoudende ambtenaren verlagen het boetebedrag met een evenredig percentage indien de omstandigheden, genoemd in het eerste lid, een dergelijke verlaging rechtvaardigen.relaties0
relaties0
relaties0

Hoofdstuk 8 Bescherming persoonsgegevens en verwerking gegevens

Artikel 23 (bewaartermijn)

  • 1. De scheepsbeheerder, het maritiem beveiligingsbedrijf, de kapitein en de teamleider zijn gerechtigd de beeld- en geluidsopnames in te zien respectievelijk te beluisteren.relaties0
  • 2. De bestanden met beeld- en geluidsopnamen worden door de scheepsbeheerder, de kapitein en het particulier maritiem beveiligingspersoneel vernietigd nadat deze tezamen met de rapportages, bedoeld in artikel 12, tweede en derde lid, van de wet aan de Minister, respectievelijk het openbaar ministerie zijn verzonden, maar uiterlijk binnen 28 dagen na het verlaten van het risicogebied.relaties0
  • 3. In afwijking van het tweede lid, kunnen de bestanden met beeld- en geluidsopnamen langer worden bewaard door de scheepsbeheerder, de kapitein en het particulier maritiem beveiligingspersoneel indien dat noodzakelijk is voor de instelling, uitoefening of onderbouwing van een rechtsvordering.relaties0
relaties0

Artikel 24 (privacyverklaring)

  • 1. De toezichthoudende ambtenaren maken met betrekking tot de persoonsgegevens, bedoeld in artikel 14a, eerste en tweede lid, van de wet, in een privacyverklaring kenbaar:
    • a.hoe de rechten kunnen worden uitgeoefend tot inzage en correctie van persoonsgegevens;relaties0
    • b.met welke partijen en onder welke voorwaarden persoonsgegevens worden gedeeld;relaties0
    • c.welke maatregelen zijn getroffen om misbruik, verlies, onbevoegde toegang, ongewenste openbaarmaking en ongeoorloofde wijziging van persoonsgegevens tegen te gaan.relaties0
    relaties0
  • 2. De privacyverklaring wordt op de website van de Inspectie geplaatst.relaties0
relaties0
relaties0

Hoofdstuk 9 Slotbepalingen

Artikel 25 (inwerkingtreding)

Deze regeling treedt in werking met ingang van de datum waarop de Wet ter Bescherming Koopvaardij in werking treedt.

relaties0relaties0

Artikel 26 (citeertitel)

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling bescherming koopvaardij.

relaties0relaties0
relaties0
’s-Gravenhage
19 januari 2022
De Minister van Justitie en Veiligheid,
D.
Yeşilgöz-Zegerius

Annex 1 Permission application form

To be completed by the shipping company for Dutch flagged vessels with registration in the Netherlands only. For VPD-protection of vessels with registration in Curaçao please contact Maritime Authority Curaçao. This application must be submitted to the Coast Guard Centre (ccc@kustwacht.nl). The statutory timeframe in which the Coast Guard must make its decision on an application for armed private security will start once it receives parts 1 to 4 of this form, fully completed.
For Coast Guard use only:
Contact: KWC/ Coast Guard Centre: MIK-NL Maritime Intelligence Centre
Tel./fax/email: 0223 542 300 / 0223 658 358 / ccc@kustwacht.nl/MIK-NL@kustwacht.nl
Date:   Kwc dossierno.:  
Urgency: Immediate response by Coast Guard within 24 hours preferred?  
  PART 1 – GENERAL INFORMATION
    Details Notes
1 Company name    
2 Adress    
3 Areal code / city    
4 Name of contact person(s)    
5 Email    
6 Telephone    
7 Name of ship    
8 Registration Dutch flag: Yes / No If ‘No’ please cancel this request. This procedure is only applicable in case of Dutch flagged vessels.
9 Call sign    
10 IMO number    
11 Type of ship   E.g. tanker, dry cargo, passenger ship, RoRo, other
12 Photo of a side view of the ship   Please attach photo
13 Number of crew members    
14 Attach copy of ship’s general plan    
15 Attach an accommodation plan    
16 Cargo specifications    
17 Dates of transport    
18 Last port of departure before HRA    
19 First port of arrival after HRA    
20 Intended route    
  PART 2 – INITIAL RISK ANALYSIS OF THE TRANSPORT to be completed by the company security officer
    Details Notes
21 Tonnage (DWT)    
22 Free board on high risk area passage (metres/decimetres)    
23 Maximum speed    
24 Cruising speed during transport    
25 Estimated total time expected to be in the High Risk Area    
26 Manoeuvrability of the ship Good / average / fairly poor / poor Strike out what does not apply
27 Weather sensitivity of the ship Very sensitive / sensitive / less sensitive / not sensitive Strike out what does not apply
28 Insured value cargo    
29 Insured value ship    
Initial risk analysis prior to application of own protection measures
Impact level: 1. Marine crime (ship stores) 2. Marine crime including exposure for crew 3. Piracy exposure 4. Severe injury / kidnap incident 5. Fatalities / Multiple severe injuries / Hijack of vessel Frequency: Criteria1 ○ Exposure time in high-risk area > 48 hours ○ Increase of attacks in the last quarter according to IMB reports ○ Attacks reported last year according to IMB ○ Vessel speed alignment ○ Client / cargo resulting in extra exposure
Risk: High / Medium / Low. Drag the black dot to the appropriate field in the matrix
 

1 Mark if applicable: the sum of the markings is the frequency.

  PART 3 – SECURITY MEASURES / BMP5 IMPLEMENTATION to be completed by the Company Security Officer
  Mandatory BMP5 measures according to Article 3 of the Merchant Shipping Protection Regulation: Confirmation Notes
30 Binoculars for the team on the bridge    
31 Search lights to check the surroundings of the ship    
32 Razor wire    
33 Locking access to the bridge, the crew and passenger quarters and the engine rooms    
34 Reinforcing large windows and portholes with bars or cover plates    
35 Designating crew muster point or safe room with means of communication with the outside world, such as VHF and/or INMARSAT    
36 Mounting water or foam sprayers    
37 Preparing the crew through anti-piracy exercises    
38 Protecting the ship’s equipment and machinery from third-party use    
39 Deploying fully trained crew members to one or more lookout posts, including the use of the bridge    
       
  Other:    
40 CCTV enabled?    
41 Lifts taken out of service?    
42 Other protective measures    
  OTHER CONSIDERATIONS
  Have the following been considered: Yes/No Notes
43 Taking a different route?    
44 Sailing in convoy?    
45 Hiring unarmed security personnel?    
Private armed maritime security preferred above VPD security? Go to Part 4 (and skip Part 5) VPD security preferred above private armed maritime security? Go to Part 5 (and skip Part 4) If in doubt about whether to seek permission for armed private maritime security, complete 4 and 5.
  PART 4 – Armed private security PMSC QUOTES AND DISTANCE OF DETOUR FOR VPD EMBARKATION
      Notes
       
46 Quoted price PMSC 1 (total price)    
47 Quoted price PMSC 2 (total price)    
48 Quoted price PMSC 3 (total price)    
       
  DETAILS OF PROPOSED PMSC
    Details Notes
49 Name of proposed PMSC / permit holder    
50 ILT permit number of PMSC    
51 Address / contact details of PMSC/permit holder    
52 Size of envisaged security team    
53 Email address of PMSC    
54 Proposed embarkation point of PMSC    
55 Proposed disembarkation point of PMSC    
56 Detour distance for VPD embarkation if known   Total distance for embarkation and disembarkation
57 Further details of detours   Additional port calls? Time lost? Additional costs?
58 Storage of arms and ammunition on board if the ship sails outside of the high-risk area    
59 PMSC included in SSP?   Yes /No
60 Email address / telephone number of ship master    
PART 5 – Request for Vessel Protection Detachment from Ministry of Defence
Residual risk assessment after application of own protection measures
Impact level: 1. Marine crime (ship stores) 2. Marine crime including exposure for crew 3. Piracy exposure 4. Serious injury / abduction 5. Fatalities / Multiple serious injuries / Hijacking of ship Frequency: Criteria1 ○ Exposure time in high-risk area > 48 hours ○ Increase of attacks in the last quarter in the risk area according to IMB reports ○ Attacks reported last year according to IMB ○ Vessel speed alignment ○ Client / cargo resulting in extra exposure
Risk: High / Medium / Low. Drag the black dot to the appropriate field in the matrix
 

1 Mark if applicable: the sum of the marks is the frequency.

  REGARDING THE VPD EMBARKATION
  Question   Notes
61 Name and function of contact person for the Ministry of Defence on this voyage    
62 What is the ‘minimum safe manning’ number on board?   According to the ship’s certificate
63 Maximum crew according to certificates?   According to the ship’s certificate
64 Extra accommodation available?    
65 How many additional berths are available?    
66 Description of medical facilities on board    
67 Description of the ship’s antenna plan (for possible helicopter operations)    
68 Contact details of your shipping agents in embarkation and disembarkation ports    
I have completed this form correctly to the best of my knowledge.
Name and position Date Signature
relaties0

Annex 2 Embarkation Form – ship master

Instruction – Please send the completed form after embarking security guards and armament to the Dutch Coast Guard and the Human Environment and Transport Inspectorate (ccc@kustwacht.nl / MIK-NL@kustwacht.nl / wtbk@ilent.nl) – attach completed form to final voyage report
GENERAL INFORMATION
  Details Notes
Name of ship    
IMO number    
Call sign    
Name of master    
Place and date of embarkation of security team    
INFORMATION ABOUT THE SECURITY TEAM MEMBERS If possible attach crew list with the following information: Name of maritime security guard Date of birth Address Nationality Passport number
INFORMATION ABOUT THE WEAPONS
Weapons Details Notes
Type of weapons    
Serial numbers   Attach photo of weapon serial numbers
Do the weapons match the statement from the ship manager and PMSC? Yes/No  
INFORMATION ABOUT THE AMMUNITION
Ammunition Details Notes
Ammunition type   (Calibre, FMJ/soft-point)
Number of bullets    
     
INFORMATION ABOUT THE HELMET CAMERAS
  Details Notes
Brand and type of the helmet cameras    
Number of helmet cameras    
INFORMATION ABOUT THE HAND CUFFS
  Details Notes
Hand cuffs available?    
Number of hand cuffs    
THE SHIP MASTER DECLARES THAT:
  Yes Notes
     
Outside the high risk area, the weapons will be stored in the weapons locker in accordance with art. 3.2 BBK    
An immediate report will be made to the Dutch Public Prosecutor’s Office concerning any incident at sea involving the use of force and I will also inform the Coast Guard and the Human Environment and Transport Inspectorate.    
a report will be made to the Coast Guard and the Human Environment and Transport Inspectorate about where and when the armed security team disembarks within 48 hours after disembarkment.    
I have completed this form correctly to the best of my knowledge.
Name Date Signature
relaties0

Annex 3 Team Leader Embarkation Form

Team Leader Embarkation Form

Instruction – Please send the completed form after embarking security guards and armament to the Dutch Coast Guard and the Human Environment and Transport Inspectorate (ccc@kustwacht.nl / MIK-NL@kustwacht.nl / wtbk@ilent.nl) – attach completed form to final voyage report
GENERAL INFORMATION ABOUT THE SHIP
  Details Notes
Name of ship    
IMO number    
Call sign    
Dates of transport    
Load    
PMSC embarkation point    
PMSC disembarkation point    
Proposed IRTC route   East-West or West-East
Expected Date/Time of arrival in HRA    
Expected Date/Time of departure from HRA    
Ship condition: Loaded/In ballast    
At anchor/Moored in port    
Summer deadweight: ......... tonnes  
Planned boat speed through HRA ......... knots  
Lowest freeboard with load: (lowest deck) ......... metres  
Freeboard at summer draught: ......... metres  
INFORMATION ABOUT THE TEAM MEMBERS
Team member Details Notes
Name    
Date of birth    
Address    
Nationality    
Passport number    
INFORMATION ABOUT THE WEAPONS
  Details Notes
Date and time of weapon embarkation    
Place or location    
Floating armoury? Yes/No    
If yes, name of ship    
Floating armoury company    
Date and time of weapon disembarkation    
Place or location of weapon disembarkation    
Floating armoury? Yes/No    
If yes, name of ship    
Floating armoury company    
INFORMATION ABOUT THE WEAPONS
Weapons Details Notes
Brand and type of weapons    
Serial numbers    
Attach photo of weapon serial numbers    
Hand cuffs available? Y/N    
Amount of hand cuffs available    
INFORMATION ABOUT THE AMMUNITION
Ammunition Details Notes
Ammunition type   (Calibre, FMJ/soft-point)
Number of bullets    
     
TEAM LEADER RISK ANALYSIS
Nature of the risk   Notes
     
PREPARATORY MEASURES BY TEAM LEADER
    Notes
Members of security team briefed on procedure manual and rules of engagement    
Security team members have signed a declaration confirming their awareness of the contents of the procedure manual and the rules of engagement    
Weapons and equipment of security team members checked    
Drill completed with security team, covering the use of weapons in particular    
Name of security team member designated as team medic    
BMP5 checklist for TEAM LEADER
General
Is it the intention to sail through the HRA at maximum speed? • What is the maximum speed of the ship? • What is the cruising speed of the ship?    
Will the ship be sailing alone, in convoy or in group transit?    
Is it the intention not to carry out work on deck during the passage through the high-risk area?    
Crew preparation
    Notes
Has the crew received a briefing from the TL/PCASP team   A briefing in which they were made aware of: • The danger of piracy • The latest intelligence (threat assessment) • What to do in an emergency • How access to the accommodation block and engine rooms will be controlled/regulated during the passage through the HRA. Ref BMP 5 p. 9 and p. 16
Has the crew been trained in the actions to be taken if there is a risk of attack by pirates?   • First actions of bridge team and PCASP on suspicious approach • Alerting the crew • First actions to be taken by the crew • Retreat to citadel when ordered to do so • What to do when the ‘all clear’ is given Ref BMP 5 p. 9
Manoeuvring: has the bridge team practised taking the first evasive manoeuvres after observing a suspicious vessel?    
 
Mandatory measures upon entry into high-risk area
Binoculars available    
Search lights available    
Concertina razor wire available and in place    
Safe muster point or safe room designated for ship’s crew    
Crew prepared by means of anti-piracy exercises    
Trained crew members deployed to one or more lookout posts    
Water or foam sprayers mounted on the deck near potential boarding points    
Doors and hatches giving access to the bridge, the crew and passenger quarters and the engine rooms have been locked    
Large windows and portholes reinforced    
Ship equipment and machinery protected against third-party use    
     
Other possible measures
     
Place dummies (mannequins) on the bridge wings and/or other places to give the impression that a good lookout is being kept;    
Avoid drifting and slow speeds, and do not anchor in the HRA;    
• Anti-RPG fencing along the bridge wings to provide protection against Rocket-Propelled Grenades (RPGs); • Sandbags or water-filled oil drums beside openings along the bridge wings, behind which PCASP and bridge crew can take shelter; • Steel plates that can be quickly mounted on a number of bridge windows on both port and starboard sides in the event of an attack or suspicious approach; • Anti-blast lamination on bridge windows to protect against flying glass caused by bullet impacts.    
Other (non-physical) protective measures that may be considered (not mandatory): • If present, CCTV cameras should be positioned to provide a view of areas that are vulnerable to pirates, such as the quarterdeck and the lowest deck (wind hole); • If present, CCTV cameras could be positioned in such a way, potentially with a searchlight alongside, that the surroundings (the water) at the rear of the ship (behind the railing) can be monitored from the bridge; • The ability to centrally switch off lighting in the accommodation block to disorient pirates once inside; • Displaying warning signs on the outside of the ship in English and/or Somali and/or drawings indicating that the ship is protected by armed guards. Ref BMP-5 p. 18    
Communication and means of communication
Do all means of communication work? • VHF from the bridge • VHF from the citadel • INMARSAT from the bridge and/or cabin • INMARSAT from the citadel • Internal ship communication devices (telephones/two-way radios); • Has the SSAS been tested? • Is the Automatic Identification System enabled? • Are the emergency contact lists up to date and have they been posted at all locations from which external calls can be made, including the citadel? Ref: BMP p. 9    
In terms of communication, will the following actions be taken upon entry to the HRA? • Minimise use of VHF; • If VHF is used, only respond to ‘legitimate’ or known contacts. Ref: BMP5 – p. 10   VHF could give away the ship’s position. Preferably use email and INMARSAT instead. There have been cases where people have used VHF to pretend to be someone other than who they really are.
Have UKMTO and MSCHOA been informed of the ship’s sailing plans through the Voluntary Reporting Scheme? Have the following reports been made, or will they be made? • Initial report (upon entering VRA); • Daily (noon) report; • Final report upon leaving VRA; • Reporting of irregular or suspicious ship movements. Ref: BMP5 p. 21    
Ship’s resources
Optical resources: • Are Night Viewing Optics and/or Thermal Imagers (TIs) present and working and can the crew access them during the hours of darkness?    
Radar. Does the ship have: • Properly functioning navigation radar for all-round observation? • Fence radar (stern radar) covering the area behind the funnel?    
Alarm signals: Is the alarm that sounds in case of a suspicious ship or an attack such that the ship immediately knows that it is a possible attack and the alarm is not confused with (for example) a fire alarm? Ref BMP-5 p. 9    
Securing the crew – muster, citadel
Citadel. Is a citadel present or designated? Does the citadel meet the following conditions? • VHF and/or INMARSAT connection with the outside world (see also Section 5); • Sufficient water and food for the entire crew for a long period of time; • Sanitary facilities; • Team medic designated? • Sufficient medical resources to treat even serious injuries; • Ability to steer the ship; • Have the crew practised evacuating to the citadel? Ref BMP-5 p. 17    
Other observations
     
I have completed this form correctly to the best of my knowledge.
Signature    
Team leader’s name    
Company    
relaties0

Annex 4 SHIP Master Report Form

SHIP Master Report Form

For use by the Human Environment and Transport Inspectorate only
Contact:  
Tel./fax/email:  
Date:   ILT reference:  
INSTRUCTION FOR SHIP MASTER
Attach: – embarkation form and attachments – relevant parts of crew list and ship’s logbook   Notes
Send form and attachments within 48 hours after disembarkment of private maritime security team to: wtbk@ilent.nl
GENERAL INFORMATION ABOUT THE SHIP AND VOYAGE
  Details Notes
Name of ship    
IMO number    
Call sign    
Dates of transport    
Load    
PMSC embarkation point    
PMSC disembarkation point    
IRTC route   East-West or West-East
Date/Time of arrival in HRA    
Date/Time of departure from HRA    
INFORMATION ABOUT THE WEAPONS
  Details Notes
Date and time of weapon disembarkation    
Place or location of weapons disembarkation    
Floating armoury? Yes/No    
If yes, name of ship    
Floating armoury company    
TEAM LEADER RISK ANALYSIS
Nature of the risk   Notes
     
INFORMATION ON THE PROTECTIVE MEASURES TAKEN See the WtBK and Merchant Shipping Protection Regulation
  Details Notes
Measure 1    
Measure 2    
     
INFORMATION ON WEAPON STORAGE See Merchant Shipping Protection Regulation
  Details Notes
Location of weapons locker    
Weapons checks    
Removal and return of weapons    
INFORMATION ON TRAINING See Merchant Shipping Protection Regulation
  Details Notes
Drill 1    
Drill 2    
Drill 3    
INFORMATION ON COMMUNICATION WITHIN THE TEAM and operational activities of the security team, see Merchant Shipping Protection Regulation
  Details Notes
Instructions to team leader    
Advice from team leader    
Positions of security guards    
Start and end of watch shift For each security guard    
INFORMATION ON SUSPICIOUS CIRCUMSTANCES 1
  Details Notes
Location    
Time    
Description    
RUF invoked yes/no   If yes, fill in ‘Report to Public Prosecution Service’ form
INFORMATION ON SUSPICIOUS CIRCUMSTANCES 2
  Details Notes
Location    
Time    
Description    
RUF invoked yes/no   If yes, fill in ‘Report to Public Prosecution Service’ form
I have completed this form correctly to the best of my knowledge.
Name and signature of master  
Town/City  
Date  
relaties0

Annex 5 Team leader’s report form

TEAM LEADER REPORT FORM

INSTRUCTION FOR TEAM LEADER
Please send the completed form within 48 hours after disembarkment of security guards and armament to the Dutch Human Environment and Transport Inspectorate (wtbk@ilent.nl)
Attach Team Leader Embarkation Form
INFORMATION ON WEAPON STORAGE See Merchant Shipping Protection Regulation
  Details Notes
Location of weapons locker    
Weapons checks    
Removal and return of weapons    
INFORMATION ON TRAINING See Merchant Shipping Protection Regulation
  Details Notes
Drill 1    
Drill 2    
Drill 3    
INFORMATION ON COMMUNICATION WITHIN THE TEAM and Operational activities of the security team, see Merchant Shipping Protection Regulation
  Details Notes
Instructions to team leader    
Advice from team leader    
Positions of security guards    
Start and end of watch shift For each security guard    
INFORMATION ON SUSPICIOUS CIRCUMSTANCES 1
  Details Notes
Location    
Time    
Description    
RUF invoked yes/no   If yes, the master must fill in the ‘Report to Public Prosecution Service’ form
INFORMATION ON SUSPICIOUS CIRCUMSTANCES 2
  Details Notes
Location    
Time    
Description    
RUF invoked yes/no   If yes, fill in ‘Report to Public Prosecution Service’ form
I have completed this form correctly to the best of my knowledge.
Team leader name and signature    
Town/City    
Date    
relaties0

Annex 6 Ship master form for reporting the use of force and/or handcuffs to the public prosecution service

Form A For immediate notification of the use of force

For Public Prosecution Service use only
Contact:  
Tel./fax/email:  
Date:   Public Prosecution Service File No.:  
Instruction
send form to the Dutch Public Prosecutor, PM c.c. Dutch Cost Guard, Human Environment Inspectorate(ccc@kustwacht.nl / MIK-NL@kustwacht.nl / wtbk@ilent.nl)
Basic information  
Name of ship  
Call sign  
IMO number  
Time in GMT  
Ship’s position (lat/long)  
Course and speed during incident  
Brief description of the incident  

Form B Detailed report on the use of force

For Public Prosecution Service use only
Contact:  
Tel./fax/email:  
Date:   Public Prosecution Service File No.:  
Instruction
send form to the Dutch Public Prosecutor, PM c.c. Dutch Cost Guard, Human Environment Inspectorate(ccc@kustwacht.nl / MIK-NL@kustwacht.nl / wtbk@ilent.nl)
Basic information  
Name of the ship  
Call sign  
IMO number  
Type of ship  
Name and address of ship manager  
Name of ship master Contact details  
Name of private maritime security organisation  
Permit number of private maritime security organisation  
Date and place of maritime security team embarkation  
Route of ship  
Date and place of maritime security team disembarkation  
   
Composition of maritime security team Attach crew list details
Surname, first name of team leader nationality passport number Contact details  
Surname, first name nationality passport number  
Surname, first name nationality passport number  
Surname, first name nationality passport number  
Surname, first name nationality passport number  
Surname, first name nationality passport number  
Surname, first name nationality passport number  
   
Description of the incident  
Date and time of the incident  
Incident location, ship location  
Accurate description of the facts, such as: • Method of approach and speed of the suspect vessel • First non-kinetic actions taken by own ship • Time RUF invoked and distance from the ship at that time • Time of transfer of responsibility to TL for use of force • RUF end time • In case of an attack: number of attackers, type of weapons (rifles/RPGs, etc.), type of ammunition, etc.  
Reason for invoking RUF / using weapons  
Description of how the rules of engagement / RUF were followed  
Description of any injury suffered by own crew as a result of the incident  
Description of any injury to third parties caused by the incident  
Description of any property damage caused by the incident  
Were any third parties taken on board?  
If yes, how many persons, name and address details  
Description of support/care provided to third parties  
Other measures taken by team leader or master  
UKMTO and MSCHOA informed?  
Was support provided by other ships, including military vessels?  
Did the crew enter the citadel?  
Were witness statements recorded? If yes, please attach statements  
Description of available video camera footage  
Are photos available? If yes, please attach photos  
 
Sighted by team leader: name of team leader  
   
I have completed this form correctly to the best of my knowledge. Name and signature of ship master    
relaties0

Inhoudsopgave

Alles dichtklappenAlles openklappen
Naar boven