Onderwerp: Bezoek-historie

Beslistermijnen aanvraagprocedure (SB3197)
Geldigheid:07-09-2016 t/m Versie:vergelijk Vergelijk met versie: 6: 31-08-2012 t/m 13-05-2014  X

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

De beslistermijn vangt aan op het moment dat de SVB het aanvraagformulier voor een uitkering bij de SVB is ontvangenontvangt. Indien de aanvraag via een buitenlands verbindingsorgaan, een Nederlands bestuursorgaan of, indien het een aanvraag om uitkering op grond van de TAS 2014 of TNS betreft, bij het IAS wordt ingediend, begint de beslistermijn te lopen op het moment dat de SVB de aanvraag van het betreffende orgaan heeft ontvangen.

IngevolgeOp grond van de artikelen 51 AOW, 65a64a Anw en, 29c AKW, 26 OBR en 6g Remigratiewet dient de SVB op een aanvraag op grond van deze wetten binnen een redelijke termijn na ontvangst van de aanvraag te beslissen. Het tweede lid van genoemde bepalingen regelt dat een redelijke termijn in ieder geval is verstreken wanneer binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking is genomen. Voor de Remigratiewet geldt een termijn van zestien weken. Op grond van het derde lid van deze artikelen is verlenging met een redelijke termijn mogelijk indien de beschikking niet binnen acht respectievelijk zestien weken kan worden genomen. De SVB maakt van deze verlengingstermijn gebruik door de beslistermijn in beginsel met maximaal acht weken te verlengen indien dit nodig is voor onderzoek naar de feiten. De SVB maakt alleen gebruik van een langere verlengingstermijn dan acht weken als zij bij het nemen van de beslissing tot verlenging gemotiveerd kan aangeven dat het onderzoek naar de feiten deze langere termijn noodzakelijk maakt. Voor het recht op AIO-aanvulling gelden de termijn van de artikelen 4:13 en 4:14 Awb omdat de Participatiewet zelf geen beslistermijn kent.

De SVB stuurt personen die in Nederland wonen een half jaarvijf maanden voor zij 65 jaar wordende pensioengerechtigde leeftijd bereiken een aanvraagformulier voor een AOW -pensioen (zie deel I, ToekenningSB1065 over toekenning op aanvraag, SB1065). Indien in die gevallen de aanvraag eerder wordt ingediend dan acht weken voor de ingang van het AOW-pensioen, beschouwt de SVB een verlenging van de beslistermijn tot de eerste dag van de maand waarin de aanvrager 65 jaar wordtde pensioengerechtigde leeftijd bereikt als redelijk.

Indien sprake is van vertraging bij het nemen van een beslissingbeschikking op aanvraag wordtschort de SVB de beslistermijn opgeschortop zolang de vertraging aan de aanvrager kan worden toegerekend,. De SVB rekent de vertraging in ieder geval toe aan de aanvrager indien hij vlak voor het einde van de beslistermijn spontaan nieuwe gegevens overlegt. In dat geval schort zij de beslistermijn met ten hoogste acht weken op.

Als de aanvrager niet of niet tijdig reageert op een verzoek om informatie, anders dan op een verzoek om aanvulling van de aanvraag (zie deel III, AanvullingSB3196 over aanvulling van de aanvraag, SB3196) rekent de SVB de vertraging eveneens aan hem toe. In dat geval schort de SVB de beslistermijn op met ingang van de dag waarop zij de aanvrager op zijn verzuim heeft gewezen tot de dag waarop de SVB de informatie heeft ontvangen of de hersteltermijn ongebruikt is verstreken.

IngevolgeOp grond van artikel 4:15, tweede lid, onder c Awb wordt de beslistermijn opgeschort in geval van overmacht. Volgens de SVB is in ieder geval sprake van overmacht indien de voor het nemen van een beschikking benodigde gegevens verloren zijn gegaan of voor langere tijd ontoegankelijk zijn ten gevolgeals gevolg van abnormale en onvoorziene omstandigheden die liggen buiten de invloedssfeer van de SVB.

Indien de SVB een uitkering tijdelijk bij wijze van voorschot wordt verleendverleent (zie Deel I, ToekenningSB1068 over toekenning van voorschotten, SB1068) wordt deze beslissing niet aangemerkt als de definitieve beslissingbeschikking op de aanvraag, als bedoeld in de hierboven weergegeven bepalingenbepalingen genoemd in de tweede alinea. Indien deze beslissing niet binnen de wettelijke beslistermijn kan worden gegeven wordt naast, stuurt de SVB een voorschotbeslissing ooken een kennisgeving van verlenging van de beslistermijn aan de aanvrager gezonden.

Grondslag

De tekst van de beleidsregels internationaal is afgesloten naar de stand van de wetgeving en jurisprudentie op 1 mei 2012. De tekst van de overige delen van de beleidsregels (het deel AOW, Anw, AKW, Remigratiewet, MKOB, TOG, TAS en TNS, en de delen Awb en Overige onderwerpen) is niet aangepast.

artikel 4:13 en artikel 4:15 Awb, artikel 29c AKW, artikel 64 a64a Anw, artikel 51 AOW,
artikel 8a TOG26 OBR, artikel 12, lid 2 Besluit voorzieningen6g Remigratiewet, , artikel 4:13, 4:14 en 4:15
Awb

Besluit beleidsregels internationaal SVB 20122016

Naar boven