Onderwerp: Bezoek-historie

Beslistermijnen aanvraagprocedure (SB3197)
Geldigheid:14-05-2014 t/m 14-01-2015Versie:vergelijk Status: Niet meer geldig

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

De beslistermijn vangt aan op het moment dat het aanvraagformulier voor een uitkering bij de SVB is ontvangen. Indien de aanvraag via een buitenlands verbindingsorgaan, een Nederlands bestuursorgaan of, indien het een aanvraag om uitkering op grond van de TAS of TNS betreft, bij het IAS wordt ingediend, begint de beslistermijn te lopen op het moment dat de SVB de aanvraag van het betreffende orgaan heeft ontvangen.

Ingevolge de artikelen 51 AOW, 65a Anw en 29c AKW dient de SVB op een aanvraag op grond van deze wetten binnen een redelijke termijn na ontvangst van de aanvraag te beslissen. Het tweede lid van genoemde bepalingen regelt dat een redelijke termijn in ieder geval is verstreken wanneer binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking is genomen. Op grond van het derde lid van deze artikelen is verlenging met een redelijke termijn mogelijk indien de beschikking niet binnen acht weken kan worden genomen. De SVB maakt van deze verlengingstermijn gebruik door de beslistermijn in beginsel met maximaal acht weken te verlengen indien dit nodig is voor onderzoek naar de feiten. De SVB maakt alleen gebruik van een langere verlengingstermijn dan acht weken als zij bij het nemen van de beslissing tot verlenging gemotiveerd kan aangeven dat het onderzoek naar de feiten deze langere termijn noodzakelijk maakt.

De SVB stuurt personen die in Nederland wonen een half jaar voor zij 65 jaar worden een aanvraagformulier voor een AOW pensioen (zie deel I, Toekenning op aanvraag, SB1065). Indien in die gevallen de aanvraag eerder wordt ingediend dan acht weken voor de ingang van het AOW-pensioen, beschouwt de SVB een verlenging van de beslistermijn tot de eerste dag van de maand waarin de aanvrager 65 jaar wordt als redelijk.

Indien sprake is van vertraging bij het nemen van een beslissing op aanvraag wordt de beslistermijn opgeschort zolang de vertraging aan de aanvrager kan worden toegerekend, De SVB rekent de vertraging in ieder geval toe aan de aanvrager indien hij vlak voor het einde van de beslistermijn spontaan nieuwe gegevens overlegt. In dat geval schort zij de beslistermijn met ten hoogste acht weken op.

Als de aanvrager niet of niet tijdig reageert op een verzoek om informatie, anders dan op een verzoek om aanvulling van de aanvraag (zie deel III, Aanvulling van de aanvraag, SB3196) rekent de SVB de vertraging eveneens aan hem toe. In dat geval schort de SVB de beslistermijn op met ingang van de dag waarop zij de aanvrager op zijn verzuim heeft gewezen tot de dag waarop de SVB de informatie heeft ontvangen of de hersteltermijn ongebruikt is verstreken.

Ingevolge artikel 4:15, tweede lid, onder c Awb wordt de beslistermijn opgeschort in geval van overmacht. Volgens de SVB is in ieder geval sprake van overmacht indien de voor het nemen van een beschikking benodigde gegevens verloren zijn gegaan of voor langere tijd ontoegankelijk zijn ten gevolge van abnormale en onvoorziene omstandigheden die liggen buiten de invloedssfeer van de SVB.

Indien een uitkering tijdelijk bij wijze van voorschot wordt verleend (zie Deel I, Toekenning van voorschotten, SB1068) wordt deze beslissing niet aangemerkt als de definitieve beslissing op de aanvraag, als bedoeld in de hierboven weergegeven bepalingen. Indien deze beslissing niet binnen de wettelijke beslistermijn kan worden gegeven wordt naast de voorschotbeslissing ook een kennisgeving van verlenging van de beslistermijn aan de aanvrager gezonden.

Grondslag

De tekst van de beleidsregels AOW, Anw, AKW, OBR, Remigratiewet, MKOB, Regeling niet-KOB-gerechtigden, TOG, TAS en TNS en de beleidsregels Internationaal is afgesloten naar de stand van de wetgeving op 31 december 2013 en de stand van de jurisprudentie op 21 februari 2014. De tekst van de overige delen van de beleidsregels (de delen Awb en Overige onderwerpen) is niet aangepast.

artikel 4:13 en artikel 4:15 Awb, artikel 29c AKW, artikel 64 a Anw, artikel 51 AOW,
artikel 8a TOG, artikel 12, lid 2 Besluit voorzieningen Remigratiewet, artikel 4:15
Awb

Besluit beleidsregels SVB 2013

Naar boven