Onderwerp: Bezoek-historie

Tijdvakken van wonen of werken van minder dan één jaar (SB2152)
Geldigheid:24-03-2022 t/m Versie:vergelijk Vergelijk met versie: 4: 17-06-2010 t/m 24-08-2011  X

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

Op grond van de letterlijke tekst van artikel 48, eerste lid zou de SVB geen nabestaandenuitkering hoeven toe te kennen als de overledene op de datum van overlijden krachtens de wetgeving van een andere lidstaat verzekerd was en hij ingevolge de Anw korter dan één jaar verzekerd is geweest. In het arrest Malfitano van het HvJ EG is echter beslist dat deze bepaling niet aan de betrokkene mag worden tegengeworpen als de desbetreffende nationale regeling geen eisen stelt aan de duur van de verzekering voor de opening van het recht op uitkering. Voor de toepassing van de Anw, in het kader van welke wet geen wachttijd geldt, betekent dit dat een nabestaandenuitkering ook kan worden toegekend als de duur van de verzekering in Nederland korter was dan één jaar en de betrokkene op datum van overlijden krachtens de wetgeving van een andere lidstaat verzekerd was.

In de situatie waarin de uitsluitingsgrond van artikel 15Artikel 57, eerste lid, onder b Anw van toepassing is en uitsluitend recht op uitkering zou kunnen ontstaan via een beroep opVerordening (EG) nr. 883/2004 staat het toe om een pensioen te weigeren als de totale duur van de arresten Moscato en Klaus (zie Deel II, Inbij het intreden van de verzekerde gebeurtenis in aanmerking te nemen tijdvakken voor de opening van hetminder dan een jaar bedraagt, en uitsluitend rekening houdend met deze tijdvakken geen recht op uitkering, SB2150), is artikel 48 wel van toepassing bestaat. Dit brengt met zich dat indien een verzekerde uitsluitend in het jaar voorafgaande aan het overlijden tijdvakkenDe gevolgen van verzekering ingevolge de Anw heeft vervuld, endeze bepaling voor de gezondheidstoestandverplichting van de verzekerde bij aanvangSVB om een ouderdomspensioen op grond van de verzekering het overlijden binnenAOW of een jaar redelijkerwijs moest doen verwachten, er geen recht op nabestaandenuitkering ontstaatnabestaandenuitkering op grond van de Anw te weigeren zijn beschreven in beleidsregel SB2150.

Artikel 4857, tweede lid 2 VoVerordening (EG) nr. 1408883/712004 schrijft voor dat als een uitkering uit een lidstaat wordt geweigerd op grond van het eerste lid van dat artikelomdat een betrokkene minder dan een jaar verzekerd is geweest, andere lidstaten de periode van verzekering van minder dan één jaar in aanmerking dienen te nemen voor de berekening van een pensioen krachtens artikel 4652, tweedeeerste lid Vo, onder b), i), Verordening (EG) nr. 1408883/712004. Uit het HvJ EGHof van Justitie EU-arrest Vermaut volgt dat dit ook dient te gebeuren als het pensioen nationaalrechtelijk wordt berekend, dus zonder terug te vallen op samentellings- en prorateringsregels. Wanneer een ouderdomspensioen door een lidstaat wordt geweigerd op grond van het eerste lid van artikel 48, worden de tijdvakken van verzekering korter dan één jaar in aanmerking genomen bij de berekening van een pensioen krachtens de AOW, alsof die tijdvakken krachtens de AOW waren vervuld. Door de SVB worden tijdvakken korter dan één jaar eveneens in aanmerking genomen bij de berekening van de uitkering ingevolge de AOW als deze reeds zijn meegeteld voor de berekening van een ouderdomspensioen uit een andere lidstaat van de EU dan Nederland.

Wanneer een ouderdomspensioen door een lidstaat wordt geweigerd omdat sprake is van verzekering van minder dan één jaar, neemt de SVB de tijdvakken van verzekering korter dan één jaar in aanmerking bij de berekening van een pensioen krachtens de AOW, alsof die tijdvakken krachtens de AOW zijn vervuld. De SVB neemt deze tijdvakken eveneens in aanmerking bij de berekening van een ouderdomspensioen als deze al zijn meegeteld voor de berekening van een pensioen uit een andere lidstaat.

Bij de toepassing van de Anw is het tweede lid van artikel 4857 Verordening (EG) nr. 883/2004 uitsluitend relevant voor de berekening met toepassing van de samentellings- en prorateringsregels. Ingeval van een nationaalrechtelijke berekening is de duur van het verzekeringsverleden in verband met het risicokarakter van de Anw immers niet van belang voor de hoogte van de uitkering.

Bij beoordeling van de vraag of de SVB een ouderdomspensioen op grond van de AOW of een nabestaandenuitkering op grond van de Anw moet weigeren, omdat sprake is van een verzekeringsduur van minder dan een jaar, hanteert de SVB het beleid beschreven in SB2150 over in aanmerking te nemen tijdvakken voor de opening van het recht op uitkering.

Grondslag

De tekst is afgesloten naar de stand van de wetgeving op 3 maart 2010.

artikel 4857 Vo. 1408883/712004

Besluit beleidsregelsWijzigingsbesluit Beleidsregels SVB 2010maart 2022

Wet- en regelgeving