Onderwerp: Bezoek-historie

Tijdvakken vóór 29 juli 1991 (SB2131)
Geldigheid:15-06-2008 t/m 11-07-2009Versie:vergelijk Vergelijk met versie: 8: 15-01-2015 t/m 06-09-2016  X

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

Uit jurisprudentie Ter beantwoording van het HvJ EG volgt datde vraag in hoeverre de conflictregels niet langervoor actieven ook toepassing kunnen vinden op personen die definitief hun beroepswerkzaamheden hebben gestaakt. Indien hiervan sprake is, wordtgeen werkzaamheden verrichten heeft de verzekeringspositie van de betrokkene niet beoordeeld op grond van de verordening, doch op grond vanSVB voor tijdvakken gelegen vóór 29 juli 1991 het nationale rechtvolgende beleid vastgesteld.

Of een persoon zijn werkzaamheden definitief heeft gestaakt, wordt door de SVB naar de omstandigheden beoordeeld. Hierbij kunnen de volgende factoren een rol spelen:

  • Staat betrokkene ingeschreven bij het arbeidsbureau?
  • Blijkt de intentie van betrokkene om te werken uit bijvoorbeeld het zich beschikbaar stellen voor de arbeidsmarkt?
  • Wat is de reden voor de beëindiging van de werkzaamheden (was dit vrijwillig of niet)?
  • Welke middelen van bestaan zijn er (te denken valt hierbij aan het hebben van een langdurige uitkering, hetgeen er op kan wijzen dat iemand niet meer gaat werken)?

  • Stond betrokkene ingeschreven bij het arbeidsbureau?
  • Blijkt de intentie van betrokkene om te werken uit bijvoorbeeld het zich beschikbaar stellen voor de arbeidsmarkt?
  • Wat was de reden voor de beëindiging van de werkzaamheden (was dit vrijwillig of niet)?
  • Welke middelen van bestaan waren er (te denken valt hierbij aan het hebben van een langdurige uitkering, hetgeen er op kan wijzen dat iemand niet meer gaat werken)?

Van het definitief staken van beroepswerkzaamheden iswas - ongeacht de vraag of nog daadwerkelijk werkzaamheden worden verricht - geen sprake zolang een dienstbetrekking voortduurt (zie HRHoge Raad 11 juli 2003). Ten aanzien van de vraag of een dienstbetrekking aanwezig moet worden geacht, wordt door de SVB zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de criteria zoals die zijn ontwikkeld onder de vigeur van de Wet op de Loonbelasting 1964. Hierbij is van belang dat er nog een economische vergoeding plaatsvindt zoals omschreven in Deel I, WonenSB1035 over wonen in Nederland, werken buiten Nederland, SB1035..

Toepassing van deze criteria op situaties die in de praktijk veel voorkomen, levert het volgende beeld op. Ten aanzien van gepensioneerden, personen met een uitkering in verband met vervroegde uittreding en personen met een volledige arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt aangenomen dat zij definitief hun beroepswerkzaamheden hebben gestaakt.

In geval van ziekte wordt voor zover niet reeds sprake was van een dienstbetrekking uitgegaan van een nawerking van de conflictregels gedurende maximaal een jaar. Hierbij geldt als aanvullende voorwaarde dat men recht heeft gehad op ziekengeld.

In geval van werkloosheid anders dan ten gevolge van een vrijwillige ontslagname of een vrijwillige beëindiging van de beroepswerkzaamheden anders dan in loondienst wordt eveneens nawerking van een jaar aangenomen, mits de belanghebbende reëel beschikbaar is voor de arbeidsmarkt.

Ten aanzien van personen die noch werkloos, noch ziek zijn (bijvoorbeeld vrijwillig niet-actieven) is geen sprake van nawerking. Dit is ook het geval voor gedeeltelijk arbeidsongeschikten van wie wordt verwacht dat zij hun restcapaciteit benutten.

Grondslag

De tekst van de beleidsregels Awb en de beleidsregels Overige onderwerpen is afgesloten naar de stand van zakende wetgeving en de jurisprudentie op 7 april 20081 november 2014. De tekst van de overige delen van de beleidsregels (het deel AOW, met dien verstande dat het Maatregelenbesluit socialezekerheidswetten dat per 1 mei 2008 in werkingAnw, AKW, OBR, Remigratiewet, MKOB, Regeling niet-KOB-gerechtigden, TOG, TAS en TNS en het deel Internationaal) is getreden wel is verwerktniet aangepast.

Besluit beleidsregels SVB 20082014

Naar boven