Onderwerp: Bezoek-historie

Onderdanen van landen buiten de EU en EER (SB2124)
Geldigheid:25-08-2011 t/m 30-08-2012Versie:vergelijk Vergelijk met versie: 8: 15-01-2015 t/m 06-09-2016  X

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

Krachtens Vo De personele werkingssfeer van Verordening (EG) nr. 859883/20032004 is Voin beginsel beperkt tot de onderdanen van lidstaten van de EU, landen van de EER en Zwitserland. 1408/71Onderdanen van toepassingderde landen vallen uitsluitend onder de personele werkingssfeer van die verordening als zij erkend zijn als vluchteling of in de hoedanigheid van gezinslid of nabestaande. In Verordening (EU) nr. 1231/2010 is echter bepaald dat op een onderdaanonderdanen van een land buiten de EU en EERderde landen die uitsluitend wegens hun nationaliteit niet onder Verordening (EG) nr. 883/2004 vallen, die laatste verordening niettemin van toepassing is als deze onderdaanonderdanen legaal op het grondgebied van een lidstaat verblijftverblijven en zich rechtmatig binnen de Gemeenschap verplaatstUnie verplaatsen.

Het begrip legaal verblijf is niet gedefinieerd in VoVerordening (EU) nr. 8591231/20032010. Het beleid van de SVB is om legaal verblijf in Nederland aan te nemen indien hetdit verblijf in Nederland rechtmatig is in de zin van artikel 8 Vw 2000, met dien verstande dat de SVB geen legaal verblijf wordt aangenomenaanneemt indien de vreemdeling in Nederland verblijft in afwachting van een aanvraag om eerste toelating.

Uit de titel, considerans en bepalingen van VoVerordening (EU) nr. 8591231/20032010 volgt dat onderdanen van derde landen op dezelfde wijze als gemeenschapsonderdanen moeten voldoen aan het verplaatsingscriterium zoals omschreven in Deel II, Verplaatsingscriterium, SB2120SB2120 over het verplaatsingscriterium.

Vo Verordening (EU) nr. 8591231/20032010 is (vooralsnog) niet van toepassing op de EU-lidstaat DenemarkenDenemarken en het Verenigd Koninkrijk. De SVB geeft daarom geen toepassing aanIn relatie met Denemarken past de nieuwe verordening ten behoeveSVB daarom titel II van Verordening (EG) nr. 883/2004 niet toe op onderdanen van derde landen die in Denemarken verblijven. Voorts beschouwt de SVB Denemarken niet als lidstaat in de zin van VoVerordening (EG) nr. 1408883/712004 bij de beoordeling van de vraag of aan het verplaatsingscriterium is voldaan door een onderdaan van een derde land. Ten slotte past de SVB de bepalingen uit Vo. 1408/71 niet toe in relatie tot Denemarken wanneerWanneer zich in de situatie van een onderdaan van een derde land aanknopingspunten voordoen met Denemarken en ten minste twee andere lidstaten, dan past de SVB Verordening (EG) nr. 883/2004 uitsluitend toe in relatie tot deze andere lidstaten. Dit beleid geldt eveneens in relatie tot Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland, die geen lid zijn van de EU.

In relatie tot het Verenigd Koninkrijk doet zich de bijzondere situatie voor dat op onderdanen van derde landen ook na de inwerkingtreding van Verordening (EU) 1231/2010 op 1 januari 2011 de voorheen geldende Verordening (EG) nr. 859/2003 van toepassing blijft. De SVB geeft daarom voor onderdanen van derde landen toepassing aan Verordening (EEG) nr. 1408/71 wanneer zich in de situatie van een onderdaan van een derde land aanknopingspunten voordoen met het Verenigd Koninkrijk.

Grondslag

De tekst van de beleidsregels Awb en de beleidsregels Overige onderwerpen is afgesloten naar de stand van de wetgeving en de jurisprudentie op 1 juni 2011november 2014. De beleidsregels zijn nog niet aangepast aantekst van de inwerkingtredingoverige delen van de EGbeleidsregels (het deel AOW, Anw, AKW, OBR, Remigratiewet, MKOB, Regeling niet-Verordeningen 883/2004KOB-gerechtigden, TOG, TAS en 987/2009 per 1 mei 2010TNS en het deel Internationaal) is niet aangepast.

artikel 1 en 2 Vo. 8591231/20032010

Besluit beleidsregels SVB 20112014

Wet- en regelgeving

Naar boven