Onderwerp: Bezoek-historie

Termijnen van verrekening en uitstel van betaling (SB1251)
Geldigheid:27-05-2021 t/m Versie:vergelijk Vergelijk met versie: 5: 14-05-2014 t/m 14-01-2015  X

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

Op grond van artikel 4:87 Awb hanteert de SVB in beginsel een betalingstermijn van 6 weken in gevallen waarin het verrekenen van een geldschuld met een lopend recht op uitkering niet mogelijk is of in gevallen waarin de geldsom € 2.400,- of hoger is. Op verzoek van de klantbetrokkene verleent de SVB echter uitstel van betaling. De SVB verrekent de geldschuld als deze lager is dan € 2.400,- en verrekening mogelijk is.

Bij het verlenen van uitstel van betaling of het verrekenen van een geldschuld past de SVB de Regeling tenuitvoerlegging bestuurlijke boeten en terugvordering onverschuldigde betalingen toe. Deze regeling bevat nadere regels over de termijn of termijnen waarbinnen een op grond van de AOW, Anw of AKW verschuldigde geldsom moet worden terugbetaald. Op grond van artikel 22, tweede lid OBR jo. artikel 24b AOW en artikel 8, eerste lid TOG jo. artikel 24b AKW is deze regeling van overeenkomstige toepassing op terugvorderingen op grond van de OBR en de TOG.

AlsBij de SVB uitsteltoepassing van betaling verleent of de geldschuld verrekent, past zij de hiervoor genoemde regeling toe. Daarbij hanteert de SVB de volgende uitgangspunten.

De SVB heeft opOp grond van artikel 5 van de Regelingregeling verrekent de bevoegdheid om een geldsom van € 300,- of lagerSVB de geldschuld zonder voorafgaand overleg met de belanghebbende als deze € 300,- of lager is. De verrekening vindt plaats binnen 12twaalf maanden te verrekenen door inhouding van een bedrag van ten hoogste € 52,- per maand op de uitkering.

AlsDe SVB doet aan betrokkene een voorstel als de geldsom hoger is dan € 300,- maar lager dan € 2.400,- doet de SVB de belanghebbende eenen volledige of gedeeltelijke verrekening mogelijk is. Dit voorstel waarbijhoudt in dat de gehele geldsom binnen 12twaalf maanden door middel van verrekening of betaling wordt voldaan. De belanghebbendebetrokkene kan binnen de in het voorstel genoemde termijn een tegenvoorstel doen, waarbij eveneens als voorwaarde geldt dat. Ook dan moet de gehele geldsom binnen 12twaalf maanden moet zijn voldaan. Als de belanghebbendebetrokkene niet reageert op het voorstel verrekent, zal de SVB de vordering conform het voorstel of, indien verrekening niet mogelijk is, verlangt de SVBverrekenen of betaling van de gehele vordering binnen zes wekenverlangen.

Als de geldsom € 2.400,- of hoger is en de belanghebbendebetrokkene verzoekt gemotiveerd om uitstel van betaling dan honoreert de SVB dit verzoek indien de gehele geldsom binnen twaalf maanden door middel van verrekening of betaling wordt voldaan.

Als de belanghebbendebetrokkene aangeeft dat hij de geldsom niet binnen 12twaalf maanden kan voldoen, wordtvolgt de SVB de procedure van artikel 3 of 4 van de Regeling gevolgdregeling.

De Regelingregeling is niet van toepassing bij besluiten tot terugvordering op grond van de Participatiewet en de Remigratiewet. Voor zover de SVB in dergelijke gevallen na 1 juli 2009 een besluit neemt inzake de wijze van terugbetaling hanteert zij daarbij naar analogie de Regelingregeling en de hiervoor geformuleerde uitgangspunten voor de toepassing daarvan.

Grondslag

De tekst van de beleidsregels AOW, Anw, AKW, OBR, Remigratiewet, MKOB, Regeling niet-KOB-gerechtigden, TOG, TAS en TNS en de beleidsregels Internationaal is afgesloten naar de stand van de wetgeving op 31 december 2013 en de stand van de jurisprudentie op 21 februari 2014. De tekst van de overige delen van de beleidsregels (de delen Awb en Overige onderwerpen) is niet aangepast.

Artikel 4:87 Awb, Regeling tenuitvoerlegging bestuurlijke boeten en terugvordering
onverschuldigde betalingen

Besluit beleidsregelsWijzigingsbesluit Beleidsregels SVB 2013mei 2021