Onderwerp: Bezoek-historie

Ernst van de overtreding (SB1107)
Geldigheid:17-06-2010 t/m 24-08-2011Versie:vergelijk Status: Niet meer geldig

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

De ernst van de overtreding wordt op grond van artikel 2 Boetebesluit socialezekerheidswetten in de eerste plaats afgemeten aan de hoogte van het benadelingsbedrag. Onder benadelingsbedrag verstaat de SVB het bedrag dat, gelet op de herziening van de uitkering, door haar te veel is betaald tussen het moment dat de mededelingsverplichting is geschonden en het moment waarop de mededeling van de belanghebbende dan wel het wijzigingsbericht van een derde werd ontvangen.

Basis boetebedrag

Is er geen sprake van bijzondere omstandigheden zoals hierna te bespreken, dan legt de SVB een boete op ter hoogte van het zogenaamde basis boetebedrag. Onder basis boetebedrag wordt verstaan het boetebedrag vastgesteld volgens artikel 2 van het Boetebesluit socialezekerheidswetten.

Verhoging wegens recidive

Het basis boetebedrag wordt met 50% verhoogd, indien in de vijf jaar, onmiddellijk voorafgaande aan het moment van de overtreding waarvoor de boete dient te worden opgelegd, is vastgesteld dat de belanghebbende de mededelingsverplichting op grond van dezelfde wet reeds eerder heeft geschonden en voor die overtreding een bestuurlijke boete of een strafrechtelijke sanctie aan de belanghebbende is opgelegd. Het basis boetebedrag wordt niet verhoogd indien de tweede overtreding niet heeft geleid tot een benadelingsbedrag. In geval van een derde overtreding binnen vijf jaar na de tweede overtreding wordt het basis boetebedrag wel met 50% verhoogd, ook als er geen benadelingsbedrag is.

Verhoging wegens de ernst van de overtreding

Het basis boetebedrag kan met 50% worden verhoogd, indien geen sprake is van recidive, maar vastgesteld wordt dat de ernst van de overtreding rechtvaardigt dat het basis boetebedrag wordt verhoogd.

Dit doet zich in elk geval voor, wanneer de belanghebbende zonder daarvan mededeling te doen ten minste twee jaar inkomsten uit of in verband met arbeid heeft genoten en in betreffende periode ten minste twee maal door de SVB door middel van een inlichtingenformulier in de gelegenheid is gesteld om de juiste en volledige informatie te verstrekken.

Eveneens rechtvaardigt de ernst van de overtreding een verhoging van het basis boetebedrag met 50%, indien de overtreding heeft plaatsgevonden in een zogenaamde fraudeconstructie, waarin de belanghebbende gezamenlijk met anderen onjuiste informatie heeft verstrekt met de bedoeling de SVB te benadelen.

Verlaging wegens verminderde ernst van de overtreding

Ingeval de belanghebbende heeft nagelaten een feit of omstandigheid te melden die uitsluitend kan leiden tot verhoging van de uitkering, is er sprake van een verminderde ernst van de overtreding. De SVB verlaagt dan in beginsel, tenzij sprake is van een situatie waarin met een waarschuwing kan worden volstaan, het basisboetebedrag met 50%. Uiteraard dient ook in de gevallen van zelfbenadeling acht te worden geslagen op de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden waaronder de overtreding is gepleegd. Deze beoordeling zal in individuele gevallen, als de omstandigheden hiertoe aanleiding geven, tot een afwijkend besluit kunnen leiden.

Grondslag

De tekst is afgesloten naar de stand van de wetgeving op 3 maart 2010.

Besluit beleidsregels SVB 2010

Naar boven