Onderwerp: Bezoek-historie

Verlaging of intrekking ex nunc wegens wijziging van de omstandigheden (SB1077)
Geldigheid:15-06-2008 t/m 11-07-2009Versie:vergelijk Status: Was geldig

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

Artikel 17, vierde lid AOW en artikel 16, tweede lid Anw bepalen dat een verlaging of beëindiging van de uitkering die voortvloeit uit een wijziging van de omstandigheden, ingaat op de eerste dag van de maand volgende op die waarin de wijziging van de omstandigheden heeft plaatsgevonden.

In geval van wijziging van het inkomen wordt de uitkering evenwel herzien met ingang van de eerste dag van de maand waarin die wijziging zich voordoet, ongeacht of de uitkering moet worden verhoogd of verlaagd. Dit is bepaald in artikel 1a van de Beschikking van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 12 juli 1985 en in artikel 19, eerste lid Anw.

Uit artikel 12, eerste tot en met derde lid van het Uitvoeringsbesluit Remigratiewet en artikel 17 van het Besluit voorzieningen Remigratiewet volgt dat de verlaging of intrekking van voorzieningen ingevolge de Remigratiewet als regel ingaat op de eerste dag van de maand volgende op die waarin de wijziging van omstandigheden heeft plaatsgevonden.

De AKW kent geen expliciete bepalingen inzake de herziening van kinderbijslag wegens wijziging van de omstandigheden. Ondanks dat feit wordt de SVB geacht ook tot verlaging van reeds vastgestelde kinderbijslagrechten over te gaan indien zich een wijziging in de omstandigheden heeft voorgedaan die hiertoe noopt. De herziening geldt in dat geval met ingang van het kwartaal waarin op de peildatum de gewijzigde omstandigheden van kracht waren.

In zeer uitzonderlijke situaties kan het voorkomen dat het rechtszekerheids- of vertrouwensbeginsel zich verzet tegen een herziening of intrekking met ingang van de maand of het kwartaal na die waarin de wijziging plaatsvond. In dergelijke situaties kan - afhankelijk van de omstandigheden van het geval - geheel van herziening of intrekking worden afgezien, of kan een afbouwregeling worden toegepast.

Indien wordt gekozen voor een afbouwregeling wordt de uitkering gedurende in beginsel maximaal een jaar stapsgewijs verlaagd. Afbouw gedurende een langere periode is evenwel niet uitgesloten. Van een afbouwregeling, dan wel van afzien van herziening of intrekking, kan uitsluitend sprake zijn als ten minste wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

  • de SVB heeft onjuiste of onvolledige inlichtingen verstrekt, dan wel nagelaten noodzakelijke inlichtingen te verstrekken, waardoor betrokkene intrekking of verlaging van de uitkering niet behoefde te verwachten;
  • betrokkene was niet op andere wijze op de hoogte van de noodzaak tot intrekking of verlaging van de uitkering, terwijl deze hem ook niet redelijkerwijs duidelijk behoefde te zijn;
  • door herziening of intrekking vindt een ingrijpend verlies aan inkomen plaats.

Grondslag

De tekst is afgesloten naar de stand van zaken op 7 april 2008, met dien verstande dat het Maatregelenbesluit socialezekerheidswetten dat per 1 mei 2008 in werking is getreden wel is verwerkt.

artikel 17, lid 4 AOW en artikel 17, lid 6 AOW jo. Beschikking van de Staatssecretaris
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 12 juli 1985, artikel 16, lid 2 Anw, artikel 12,
leden 1, 2 en 3 Uitvoeringsbesluit Remigratiewet en artikel 17 Besluit voorzieningen
Remigratiewet

Besluit beleidsregels SVB 2008

Naar boven