Onderwerp: Bezoek-historie

Overgangsvoordelen AOW (SB1051)
Geldigheid:27-05-2021 t/m Versie:vergelijk Status: Geldig vandaag

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

De AOW is op 1 januari 1957 in werking getreden. Zonder nadere regeling had niemand voor het jaar 2007 aanspraak kunnen maken op een volledig pensioen. Om deze situatie op te lossen, is in de artikelen 55 en 56 AOW een overgangsregeling getroffen. Deze houdt in dat tijdvakken tussen de 15e verjaardag van de verzekerde en 1 januari 1957 worden gelijkgesteld met verzekerde jaren op grond van de AOW. De gelijkgestelde tijdvakken worden 'overgangsvoordelen' genoemd.

Om recht te hebben op de overgangsvoordelen moet de verzekerde voldoen aan de volgende voorwaarden uit de artikelen 55 en 56 AOW:

  • na zijn 59ste verjaardag zes jaren in Nederland hebben gewoond,
  • in Nederland wonen en
  • Nederlander zijn.


Deze nationaliteits- en wooneisen kunnen opzij worden gezet als is voldaan aan de voorwaarden uit het Besluit gelijkstelling niet-Nederlanders met Nederlanders (KB 605) respectievelijk het Besluit gelijkstelling van wonen buiten het Rijk met wonen binnen het Rijk (KB 632).

De in de artikelen 55 en 56 AOW opgenomen wooneisen ter verkrijging van het recht op de nationale overgangsvoordelen kunnen niet met een beroep op artikel 7 Verordening (EG) nr. 883/2004 terzijde worden gesteld. Dit blijkt uit het arrest Winter-Lutzins.

De nationaliteitseis van artikel 56 AOW en de nationaliteitseisen in de op artikel 57 AOW gebaseerde Koninklijke Besluiten kunnen opzij worden gezet door de in internationale regelingen opgenomen discriminatieverboden naar nationaliteit. Op grond van de rechtspraak van het Hof van Justitie EU is dit gegeven mede van belang voor gezinsleden en nabestaanden van personen die vallen onder de werkingssfeer van Verordening (EG) nr. 883/2004 en de overeenkomsten die tussen de EG en enkele derde landen zijn afgesloten (zie hiervoor tevens SB2123 over personele werkingssfeer en SB2166 over de reikwijdte van de non-discriminatiebepalingen ten aanzien van gezinsleden).

In het bijzonder naar aanleiding van de arresten Cabanis en Hallouzi, heeft de SVB voor dergelijke gezinsleden en nabestaanden het volgende beleid ontwikkeld.

Gezinsleden en nagelaten betrekkingen van werknemers en zelfstandigen die onder de personele werkingssfeer van Verordening (EG) nr. 883/2004 vallen

De nationale overgangsvoordelen AOW worden ook toegekend aan gezinsleden en nagelaten betrekkingen, voor zover zij voldoen aan de wooneisen van de artikelen 55 en 56 AOW. De gezinsleden en nagelaten betrekkingen aan wie de nationale overgangsvoordelen AOW zijn toegekend, kunnen deze exporteren binnen de EU. Artikel 3, onder e, van het Besluit gelijkstelling van wonen buiten Nederland met wonen in Nederland, verschaft aan Nederlanders het recht toegekende overgangsvoordelen over de gehele wereld te exporteren. De nationaliteit van het gezinslid of de nagelaten betrekking wordt voor de toepassing van deze bepaling met de Nederlandse gelijkgesteld zolang deze zich beweegt binnen de grenzen van de territoriale werkingssfeer van Verordening (EG) nr. 883/2004.

Gezinsleden en nagelaten betrekkingen van Marokkaanse, Algerijnse, Tunesische en Turkse werknemers

Gezinsleden en nagelaten betrekkingen van Marokkaanse, Algerijnse, Tunesische en Turkse werknemers moeten op dezelfde wijze worden behandeld als een Nederlander. Dit geldt zolang de werknemers en hun gezinsleden of nagelaten betrekkingen in de EU wonen. Zij komen dus evenzeer, ongeacht hun nationaliteit, voor de nationale overgangsvoordelen in aanmerking voor zover zij voldoen aan de wooneisen van de artikelen 55 en 56 AOW. Tevens kunnen zij de overgangsvoordelen binnen de EU exporteren. De SVB leidt uit het arrest Hallouzi af dat de verplichting tot gelijkstelling van de nationaliteit eindigt zodra de werknemer, het gezinslid of de nagelaten betrekking zich buiten de EU vestigt. De toegekende overgangsvoordelen kunnen dus niet worden geëxporteerd buiten het grondgebied van de EU.

Grondslag

artikel 55, artikel 56 en artikel 57 AOW

Wijzigingsbesluit Beleidsregels SVB mei 2021

Naar boven