Onderwerp: Bezoek-historie

Schuldige nalatigheid (SB1050)
Geldigheid:07-09-2016 t/m 31-10-2017Versie:vergelijk Status: Niet meer geldig

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

Indien een persoon die verplicht verzekerd is voor de volksverzekeringswetten de verschuldigde premies niet voldoet, beslist de SVB of sprake is van schuldig nalaten als bedoeld in de artikelen 13 AOW en 10 OBR. Schuldige nalatigheid leidt tot een korting op het ouderdomspensioen of de overbruggingsuitkering.

Voordat de SVB een beslissing neemt over de schuldige nalatigheid probeert zij de oorzaak van het niet betalen van de premies te achterhalen, tenzij het gevallen betreft waarin artikel 61, tweede lid of artikel 62 Wfsv van toepassing is. Als de betrokkene aangeeft dat er omstandigheden zijn op grond waarvan het niet betalen hem niet kan worden verweten, beoordeelt de SVB of er van een niet toerekenbaar niet betalen sprake is. Financiële en sociale aspecten spelen daarbij een rol. Ernstige verslaving, detentie, schuldsanering en faillissement van de betrokkene, of een inkomen beneden de bijstandsnorm kunnen omstandigheden vormen op grond waarvan de SVB betrokkene niet schuldig nalatig verklaart.

Blijkt niet van bijzondere omstandigheden waarom betrokkene niet heeft betaald, dan verklaart de SVB betrokkene schuldig nalatig. Van bijzondere omstandigheden is in ieder geval geen sprake als het niet betalen van de verschuldigde premie het gevolg is van:

  • de terugvordering van een voorlopige teruggaaf (CRvB 13 september 2013);
  • het handelen of nalaten van een gemachtigde (CRvB 21 februari 2014);
  • de wijze van bedrijfsvoering (CRvB 16 januari 2002).

Lukt het niet om betrokkene te bereiken, of reageert hij niet en wijzen de door de Belastingdienst aangedragen gegevens op schuldige nalatigheid, dan verklaart de SVB betrokkene eveneens schuldig nalatig.

De artikelen 61 en 62 Wfsv zijn op 1 januari 2006 in werking getreden. Uit de uitspraak van de CRvB van 27 augustus 2009 vloeit voort dat deze bepalingen ook van toepassing zijn op de beoordeling van schuldige nalatigheid over tijdvakken gelegen voor 1 januari 2006.

Grondslag

artikel 13 AOW, artikel 10 OBR, artikel 61 en artikel 62 Wfsv

Besluit beleidsregels SVB 2016

Naar boven