Onderwerp: Bezoek-historie

Aanvraag (SB1043)
Geldigheid:01-11-2017 t/m Versie:vergelijk Vergelijk met versie: 4: 17-06-2010 t/m 24-08-2011  X

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

De artikelen 35 en 38 AOW en 63a Anw regelen de mogelijkheid om na beëindiginghet einde van de verplichte verzekering deze op vrijwillige basis voort te zetten dan welof bij aanvang van de verplichte verzekering tot 'inkoop' over te gaan van de achterliggende niet verzekerde periode. De aanvraag voor vrijwillige verzekering moet worden ingediend binnen een termijn van één jaar na beëindiging van de verplichte verzekering dan welrespectievelijk tien jaar na aanvang van de verplichte verzekering. Voor personen voor wie de SVB een fictieve aanvangsleeftijd hanteert op grond van het beleid in SB1275 over de ingangsdatum van de vrijwillige verzekering AOW geldt voor de vrijwillige verzekering als bedoeld in artikel 35 AOW een uitzondering op de aanmeldtermijn van één jaar. De SVB laat deze personen toe als zij een aanvraag indienen binnen een jaar na het bereiken van de fictieve aanvangsleeftijd.

De SVB hanteertUit het beleid dat na beëindigingoogpunt van de verplichte verzekering een schriftelijk of elektronisch verzoek om informatie over vrijwillige verzekeringdienstverlening bevordert de aanvraagtermijn van één jaar stuit. Om de aanvraag daadwerkelijk te effectueren, dient de belanghebbende binnen twaalf weken na het moment van stuiting zijn aanvraagformulierSVB aanvragen voor vrijwillige verzekering bij de SVB ingediend te hebben. Dit beleid vindt evenzeer toepassing als een verzoekbekende personen die potentieel het recht hebben om informatie dat bij een ander bestuursorgaan dan de SVB is ingediend, naarzich vrijwillig te verzekeren. Het betreft onder meer de SVB is doorgezonden. volgende categorieën personen:

  • de AOW-gerechtigde die Nederland metterwoon verlaat;
  • de jongere echtgenoot van een persoon met een AOW-pensioen, indien de SVB verneemt dat deze met de pensioengerechtigde Nederland metterwoon verlaat;
  • de gezinsleden die tot het huishouden behoren van degene die zich heeft aangemeld voor vrijwillige verzekering;
  • nabestaanden met een Anw-uitkering indien bekend is dat zij Nederland metterwoon verlaten;
  • personen die bij de SVB of bij het socialeverzekeringsorgaan van hun woonland een aanvraag om AOW-pensioen hebben ingediend binnen een jaar na het einde van hun verplichte verzekering.

De verantwoordelijkheid voor het indienen van een aanvraag blijft echter te allen tijde bij de betrokkene zelf berusten.

Een aanvraagDe termijn van tien jaar die geldt tevensvoor de 'inkoop' vangt aan op het moment waarop betrokkene voor tot het huishouden behorende gezinsledeneerst verzekerd wordt ingevolge de AOW. De SVB maakt hierbij geen onderscheid tussen verzekering op grond van artikel 6 AOW of artikel 6a AOW.

Grondslag

De tekst is afgesloten naar de stand van de wetgeving op 3 maart 2010.

artikel 6, 6a, 35, lid 1eerste lid, artikel 36, lid 1eerste lid, artikel 38, lid 1eerste lid, artikel 39, lid 1eerste lid, AOW en
artikel 63a, lid 1eerste lid, artikel 63b, lid 1eerste lid, Anw

Besluit beleidsregelsWijzigingsbesluit Beleidsregels SVB 2010oktober 2017

Naar boven