Onderwerp: Bezoek-historie

Vaststelling leeftijd, meerderjarigheid en minderjarigheid (SB1001)
Geldigheid:15-01-2015 t/m 06-09-2016Versie:vergelijk Vergelijk met versie: 4: 17-06-2010 t/m 24-08-2011  X

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel

De aanspraken op grond van de AOW, Anw, AKW, OBR, MKOB, de Regeling niet-KOB-gerechtigden, de TOG 2000 en de Remigratiewet zijn mede afhankelijk van de leeftijd van de aanvrager, de overleden verzekerde, de (huwelijks)partner en de kinderen. Met ingang van 1 januari 2010 dient de SVB bij het bepalen van de leeftijd uit te gaan van de geboortedatum zoals die is geregistreerd in de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA). De SVB neemt de in de GBA opgenomen geboortedatum al vanaf 1 oktober 2009 over.

In sommige gevallen is het geboortejaar wel, maar de precieze geboortedatum niet geregistreerd in de GBA. In dergelijke gevallen wordtstelt de SVB een onderzoek ingesteldin naar de werkelijke geboortedatum. Wanneer de SVB deze niet kan achterhalen, gaat zij uit van een fictieve geboortedatum. Is alleen het geboortejaar bekend dan hanteert de SVB 1 juli als fictieve geboortedatum. Zijn het geboortejaar en de geboortemaand bekend, maar de exacte datum niet dan hanteert de SVB de zestiende van de betreffende maand als fictieve geboortedatum. De SVB baseert deze gedragslijn op de werkafspraken inzakeover de vaststelling van geboortedata vastgelegd in de circulaire van de voormalige Sociale Verzekeringsraad van 12 december 1986. De CRvB heeft in zijn uitspraak van 7 april 1995 deze gedragslijn bevestigd.

Indien de aanvrager niet in de GBA bekend is en hij bij de aanvraag een andere geboortedatum opgeeft dan de geboortedatum waarmee hij eerder in Nederland bekend was, bijvoorbeeld bij inschrijving bij een ziekenfonds of de Belastingdienst, dan hanteert de SVB bij de vaststelling van de geboortedatum het volgende, op jurisprudentie gebaseerde beleid (zie onder meer de uitspraak van de CRvB van 23 maart 1988 en het arrest van het HvJ EG van 14 maart 2000).

De SVB gaat uit van de geboortedatum die bij binnenkomst in Nederland bij een bevoegde instantie is opgegeven. Van dit uitgangspunt wijkt de SVB af wanneer op basis van authentieke stukken die tot stand zijn gekomen vóór de datum van binnenkomst in Nederland een andere geboortedatum wordt aangetoond en de juistheid van die geboortedatum aannemelijker is (zie de uitspraken van de CRvB van 25 maart 1987 en 8 april 1987). De SVB houdt alleen rekening met een buitenlands rechterlijk vonnis over de geboortedatum wanneer dit is gebaseerd op controleerbare gegevens die doorslaggevende betekenis hebben (CRvB 1 november 1989). De SVB aanvaardt een medisch deskundig oordeel over het juiste geboortejaar niet als bewijs (zie CRvB 13 december 1989) en gaat evenmin af op de persoonlijke aanblik van betrokkene.

Als bij de wijziging van de geboortedatum na het onderzoek geen zekerheid is verkregen over de juiste geboortedatum, gaat de SVB uit van de datum waarmee de betrokkene voor het eerst bekend was in Nederland.

In een uitspraak van de Rechtbank Amsterdam van 1 juli 1994 is bepaald dat een 'copie-intégrale' (een afschrift van een geboorteakte uit de Marokkaanse geboorteregisters) kan worden aangemerkt als een document waarmee kan worden aangetoond dat er sprake is van een andere geboortedatum dan die welke betrokkene bij binnenkomst in Nederland heeft opgegeven. Omdat de copie-intégrale slechts een afschrift is van de originele geboorteakte, stelt de SVB bepaalde voorwaarden aan dit document:

  • De in de copie-intégrale genoemde geboortedatum moet overeenstemmen met de in de oorspronkelijke geboorteakte vermelde datum.
  • De oorspronkelijke geboorteakte mag niet zijn opgemaakt op een tijdstip dat nauw verband houdt met de migratie of de afgifte van de copie-intégrale.

De Remigratiewet stelt het recht op dan wel de hoogte van een aantal voorzieningen afhankelijk van de vraag of een persoon minderjarig dan wel meerderjarig is. De SVB beantwoordt deze vraag, ongeacht het woonland of de nationaliteit van de betrokken persoon, op basis van artikel 1:233 van het Burgerlijk Wetboek.

Grondslag

De tekst van de beleidsregels Awb en de beleidsregels Overige onderwerpen is afgesloten naar de stand van de wetgeving en de jurisprudentie op 3 maart 20101 november 2014. De tekst van de overige delen van de beleidsregels (het deel AOW, Anw, AKW, OBR, Remigratiewet, MKOB, Regeling niet-KOB-gerechtigden, TOG, TAS en TNS en het deel Internationaal) is niet aangepast.

artikel 7, artikel 8, eerste lid 1 en artikel 9, leden 1 en 6 AOW, artikel 14, lideerste
1lid, artikel
15, lid 3derde lid, artikel 16, leden 1 en 2, artikel 2226, lidleden 1 en 2, artikel 2429,
tweede lid, artikel 66a en artikel 67, eerste lid Anw, artikel 7, eerste lid AKW, artikel 3,
artikel, 4, leden 1, 3 en 24, artikel
266, eerste lid, artikel 10, leden 1 en 2, artikel 2911,
lid 2artikel 15 OBR, artikel 66a en4 MKOB, artikel 673, lid1Anw,artikel 7,eerste lid 1Regeling
AKWniet-KOB-gerechtigden,
artikel 2 TOG 2000, artikel 1, onder h en artikel 2, eerste lid 1 Remigratiewet

Besluit beleidsregels SVB 20102014

Naar boven