Nummer 25/53548/GV
Betreft [klager]
Datum 17 februari 2026
Uitspraak van de beroepscommissie van de RSJ op het beroep van
[klager] (hierna: klager)
1. De procedure
De – zo begrijpt de beroepscommissie – Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid (hierna: verweerder) heeft op 27 november 2025 klagers verzoek om kortdurend re-integratieverlof afgewezen.
Klagers raadsman, mr. W.B.O. van Soest, heeft namens klager beroep ingesteld tegen deze beslissing.
De beroepscommissie heeft klager, zijn raadsman en verweerder in de gelegenheid gesteld hun standpunten schriftelijk (nader) toe te lichten.
De beroepscommissie heeft kennisgenomen van het beroepschrift, de reactie van verweerder en de overige stukken.
2. De beoordeling
Uit de inlichtingen van verweerder blijkt dat aan klager op 23 december 2025 alsnog kortdurend re‑integratieverlof is verleend voor hetzelfde doel, namelijk het bezoeken van zijn sociale netwerk. Klager had verzocht om dit verlof te genieten in het laatste kwartaal van 2025 en uit de stukken leidt de beroepscommissie af dat klager dit verlof ook nog genoten heeft in het laatste kwartaal van 2025. Hij heeft dan ook geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep. De beroepscommissie zal klager daarom niet-ontvankelijk verklaren in zijn beroep.
3. De uitspraak
De beroepscommissie verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn beroep.
Deze uitspraak is op 17 februari 2026 gedaan door de beroepscommissie, bestaande uit mr. G.C. Bos, voorzitter, mr. A.B. Baumgarten en F. van Dekken, leden, bijgestaan door mr. A. Back, secretaris.
secretaris voorzitter
Versie informatie document
Publicatie op Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming:
Huidige versie: 1
Datum beschikbaarheid huidige versie: 10-03-2026 (vanaf dit moment beschikbaar op Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming)
Datum document:
Uitspraakdatum: 17-02-2026