Nummer 25/49810/GA
Betreft [klager]
Datum 30 december 2025
Uitspraak van de beroepsrechter van de RSJ op het beroep van
[klager] (hierna: klager)
1. De procedure
Klager heeft beklag ingesteld tegen het onvoldoende voortvarend handelen van de casemanager in het kader van zijn verzoek om plaatsing in een Beperkt Beveiligde Afdeling (BBA).
De beklagrechter bij de Penitentiaire Inrichting (PI) Heerhugowaard heeft op 18 juli 2025 het beklag ongegrond verklaard (ZB-2025-376). De uitspraak van de beklagrechter is bijgevoegd.
Klagers raadsman, mr. P.M. Iwema, heeft namens klager beroep ingesteld tegen deze uitspraak.
De beroepsrechter heeft klager, zijn raadsman en de directeur van de PI Heerhugowaard in de gelegenheid gesteld hun standpunten schriftelijk (nader) toe te lichten.
2. De beoordeling
De beroepsrechter heeft het beroepschrift en de overige stukken in het dossier bestudeerd. Op basis van deze stukken is de beroepsrechter van oordeel dat de beklagrechter het beklag terecht ongegrond heeft verklaard. Het beroep zal daarom ongegrond worden verklaard.
In aanvulling op de uitspraak van de beklagrechter overweegt de beroepsrechter als volgt. In de klacht staat nadrukkelijk dat klager het de directeur van de PI Heerhugowaard verwijt dat met onvoldoende voortvarendheid is gehandeld ten aanzien van klagers verzoek om plaatsing in een BBA. De beklagrechter heeft daarom – en nu klager op het moment van het indienen van de klacht al in de PI Heerhugowaard verbleef – in redelijkheid kunnen oordelen over het handelen van klagers casemanager in de PI Heerhugowaard.
De beroepsrechter wenst in zijn algemeenheid evenwel het volgende op te merken. Volgens het Beleidskader BBA wordt gesproken van een zendende inrichting en een ontvangende inrichting. Zodra er sprake is van (het zoeken van) een externe organisatie, start de afstemming met de senior casemanager van de betreffende BBA waar de gedetineerde naartoe gaat. Deze afstemming start door het invullen van het aanmeldformulier. De senior casemanager is verantwoordelijk voor een werkbezoek aan de externe organisatie.
Hoewel de senior casemanager van de ontvangende inrichting – in dit geval de PI Heerhugowaard – dus een rol heeft in het proces ten aanzien van het compleet maken van een verzoek om plaatsing in een BBA, geldt dat de directeur – en dus de casemanager – van de zendende inrichting verantwoordelijk blijven ten aanzien van het voortvarend handelen ten aanzien van klagers verzoek om plaatsing in een BBA totdat het selectieadvies naar de selectiefunctionaris wordt verzonden.
3. De uitspraak
De beroepsrechter verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de beklagrechter met aanvulling van de gronden.
Deze uitspraak is op 30 december 2025 gedaan door mr. G.C. Bos, beroepsrechter, bijgestaan door mr. M. Olde Keizer, secretaris.
secretaris voorzitter