Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ 24/42277/GA, 17 december 2025, beroep
Uitspraakdatum:17-12-2025

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Nummer          24/42277/GA

Betreft  [klager]

Datum  17 december 2025

 

Uitspraak van de beroepscommissie van de RSJ op het beroep van

[klager] (hierna: klager)

 

1. De procedure

Klager heeft beklag ingesteld tegen:

a.  het opnemen van zijn geprivilegieerde telefoongesprekken met de rechtbank;

b.  het afluisteren en terugluisteren van zijn geprivilegieerde telefoongesprekken met de rechtbank.

De beklagcommissie bij de Penitentiaire Inrichting (PI) Leeuwarden heeft op 18 juli 2024 het beklag ongegrond verklaard (LW-2024-176). De uitspraak van de beklagcommissie is bijgevoegd.

Klagers raadsman, mr. W.B.O. van Soest, heeft namens klager beroep ingesteld tegen deze uitspraak.

De beroepscommissie heeft klager, zijn raadsman en de directeur van de PI Leeuwarden in de gelegenheid gesteld hun standpunten schriftelijk (nader) toe te lichten.

Op 31 oktober 2025 zijn nadere inlichtingen bij de directeur opgevraagd. De reactie van de directeur is ter informatie gedeeld met klager en zijn raadsman.

 

2. De standpunten in beroep

Standpunt van klager

Op 5 maart 2024 ontving klager een overzicht van zijn belhistorie, waaruit blijkt dat zijn gesprekken met de rechtbank zijn opgenomen en afgeluisterd. De directeur heeft aangegeven dat door technische redenen de gesprekken wel zijn opgenomen, maar dat deze gesprekken niet zijn teruggeluisterd. Volgens klager is dit ongeloofwaardig. De handelwijze van de directeur is in strijd met artikel 39, vierde lid, van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw) en artikel 37, eerste lid, van de Pbw.

Klager verzoekt om aan hem een tegemoetkoming toe te kennen.

Standpunt van de directeur

De directeur persisteert bij wat hij in beklag heeft aangevoerd. Aanvullend heeft de directeur te kennen gegeven dat er geen technische maatregelen zijn getroffen om te voorkomen dat de gesprekken met de rechtbank worden opgenomen.

 

3. De beoordeling

Beklag a.

De directeur heeft toegelicht dat met ingang van 1 augustus 2013 binnen inrichtingen met een beveiligingsniveau 3 of hoger standaard alle telefoongesprekken worden opgenomen. Telefoonnummers van de advocatuur zijn afgeschermd en worden automatisch geblokkeerd voor wat betreft het opnemen van die gesprekken. Telefoonnummers van de rechtbank kennen niet dergelijke afscherming. Dit brengt met zich mee dat de gesprekken met de rechtbank wel zijn opgenomen, aangezien er geen technische maatregelen zijn getroffen om dit te voorkomen.

Naar het oordeel van de beroepscommissie richt het beklag zich tegen (de toepassing van) een algemene regel. Tegen (de toepassing van) een algemene regel staat in beginsel geen beklag open, tenzij die regel in strijd is met hogere wet- of regelgeving. De beroepscommissie is van oordeel dat dit het geval is en zal dat hieronder toelichten.

De klacht ziet op telefoongesprekken met de rechtbank. Dit contact is ingevolge artikel 37, eerste lid van de Pbw, geprivilegieerd contact. Uit artikel 39, vierde lid, van de Pbw volgt dat op telefoongesprekken die gedetineerden voeren met geprivilegieerde personen of instanties als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Pbw, geen ander toezicht wordt uitgeoefend dan noodzakelijk is om de identiteit van de personen of instanties vast te stellen met wie de gedetineerde een telefoongesprek voert of wenst te voeren. De beroepscommissie heeft in haar uitspraak van RSJ 12 november 2012, 12/1767/GA en 12/1851/GA, geoordeeld dat het

opnemen van telefoongesprekken van gedetineerden met geprivilegieerde contacten als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Pbw niet is toegestaan, omdat dat in strijd is met hogere wetgeving, meer in het bijzonder met (de strekking van) artikel

39, vierde lid, van de Pbw. Dat geldt dus ook voor klagers gesprek(ken) met de rechtbank.

Gelet op het voorgaande zal de beroepscommissie het beroep in zoverre gegrond verklaren, de uitspraak van de beklagcommissie in zoverre vernietigen en beklag a. alsnog gegrond verklaren. Nu de rechtsgevolgen niet meer ongedaan zijn te maken, komt klager een tegemoetkoming toe. Alleen de telefoongesprekken met de rechtbank zijn opgenomen en klager heeft niet toegelicht om welke periode of om hoeveel telefoongesprekken het gaat. Daarom zal de beroepscommissie de tegemoetkoming vaststellen op €7,50.

Beklag b.

Klager stelt dat zijn gesprekken met de rechtbank zijn afgeluisterd en teruggeluisterd.

De directeur heeft in zijn verweerschrift en tijdens de beklagzitting aangegeven dat klager heeft verzocht om een algemeen telefoonnummer van de rechtbank Overijssel, locatie Zwolle, toe te voegen aan de white-list en dat dit verzoek is ingewilligd. Volgens de directeur is binnen de PI Leeuwarden het telefoonnummer van bijvoorbeeld de rechtbank Overijssel, locatie Zwolle, herkenbaar als geprivilegieerd contact en als zodanig op klagers bellijst geregistreerd. De telefoongesprekken waar klager naar verwijst worden overeenkomstig het toegepaste maatwerk niet uitgeluisterd, aldus de directeur.

De beroepscommissie overweegt, gelet op het standpunt van de directeur, dat het onvoldoende aannemelijk is geworden dat de directeur een beslissing zou hebben genomen tot het afluisteren en terugluisteren van klagers geprivilegieerde telefoongesprekken met de rechtbank of dat dit heeft plaatsgevonden. Daarmee is geen sprake van een beslissing in de zin van artikel 60, eerste lid, van de Pbw, waartegen beklag kan worden ingesteld.

Gelet op het voorgaande zal de beroepscommissie de uitspraak van de beklagcommissie in zoverre vernietigen en klager alsnog niet-ontvankelijk verklaren in beklag b.

 

4. De uitspraak

De beroepscommissie verklaart het beroep inzake beklag a. gegrond, vernietigt in zoverre de uitspraak van de beklagcommissie en verklaart dit beklag alsnog gegrond. Zij kent aan klager een tegemoetkoming toe van €7,50.

De beroepscommissie vernietigt de uitspraak van de beklagcommissie inzake beklag b. en verklaart klager alsnog niet-ontvankelijk in dit beklag.

 

Deze uitspraak is op 17 december 2025 gedaan door de beroepscommissie, bestaande uit mr. S.M. Krans, voorzitter, mr. L.C.P. Goossens en mr. S.C.M. Wouda-van Velzen, leden, bijgestaan door mr. L.M. Uljee, secretaris.

 

secretaris         voorzitter

Naar boven