Nummer 25/47822/JA en 25/48039/JA
Betreft [klager]
Datum 23 december 2025
Uitspraak van de beroepscommissie van de RSJ op de beroepen van de directeur van de Justitiële Jeugdinrichting (JJI) Teylingereind te Sassenheim (hierna: de directeur) en [klager], geboren op [geboortedatum] (hierna: klager)
1. De procedure
Klager heeft beklag ingesteld tegen het niet krijgen van een beklagformulier als hij hierom vroeg, voor een paar weken.
De beklagrechter bij de JJI Teylingereind heeft op 18 maart 2025 het beklag gegrond verklaard en daarbij aan klager een tegemoetkoming toegekend van €5,- (TE 2025-016). De uitspraak van de beklagrechter is bijgevoegd.
De directeur heeft tegen deze uitspraak beroep 25/47822/JA ingesteld.
Klager heeft beroep 25/48039/JA ingesteld tegen de hoogte van de toegekende tegemoetkoming.
De beroepscommissie heeft een jurist bij de JJI Teylingereind, klager en mr. T. Novaković, waarnemend namens klagers raadsman, mr. M. Jonk, gehoord op de zitting van 2 september 2025 in de rechtbank Midden-Nederland te Utrecht.
2. De beoordeling
In december 2024 is op klagers afdeling de maatregel ingevoerd dat jeugdigen niet direct een beklagformulier kregen wanneer zij daarom vroegen, maar eerst in gesprek moesten met de teamleider. De maatregel is ingevoerd, omdat op de afdeling een handel was ontstaan in het invullen van klaagschriften. Klager vulde formulieren in voor alle jeugdigen en vroeg daarvoor een vergoeding. De directeur meent dat binnen de grenzen van de redelijkheid is opgetreden tegen deze onveilige situatie en dat het niet de taak van de inrichting is om beklagformulieren te verstrekken.
Klager stelt dat hij in die periode meerdere keren heeft gevraagd om een beklagformulier en dat werd geweigerd. Klager klaagt daarmee over een beslissing die de beperking inhoudt van het recht om te klagen (artikel 65, eerste lid, onder n, van de Beginselenwet Justitiële Jeugdinrichtingen (Bjj)). Hij is daarom terecht ontvangen in zijn beklag.
De beroepscommissie is van oordeel dat de beslissing van de directeur om klager geen beklagformulier uit te reiken als hij niet eerst in gesprek gaat met de teamleider, in strijd is met artikel 65, derde lid, van de Bjj, vergelijk RSJ 9 september 2025, 25/47579/GA. Hoewel de directeur vanwege begrijpelijke redenen beleid voert dat is gericht op bemiddeling van klachten binnen de inrichting, mag het beklagrecht van een jeugdige (via een beklagformulier) niet afhankelijk worden gesteld van een verplicht voorafgaand gesprek met de teamleider, zoals dat zich in het onderhavige geval heeft voorgedaan.
Gelet op het voorgaande is de beroepscommissie van oordeel dat de beklagrechter het beklag terecht gegrond heeft verklaard.
Tegemoetkoming
De beroepscommissie ziet, anders dan de beklagrechter, geen aanleiding om aan klager een tegemoetkoming toe te kennen. De directeur heeft onweersproken aangevoerd dat klager in de betreffende periode meerdere klachten heeft ingediend door middel van een zelf opgestelde brief en overigens is niet gebleken dat hij enig ongemak heeft ondervonden.
Het beroep van de directeur zal daarom gegrond worden verklaard en het beroep van klager zal ongegrond worden verklaard.
3. De uitspraak
De beroepscommissie verklaart het beroep 25/47822/JA van de directeur gegrond en vernietigt de uitspraak van de beklagrechter voor zover daarbij aan klager een tegemoetkoming is toegekend. Zij bevestigt voor het overige de uitspraak van de beklagrechter met aanvulling van de gronden.
De beroepscommissie verklaart het beroep 25/48039/JA van klager ongegrond.
Deze uitspraak is op 23 december 2025 gedaan door de beroepscommissie, bestaande uit mr. J.M.C. Louwinger-Rijk, voorzitter, dr. T. Jambroes en dr. J.G. Vinke, leden, bijgestaan door mr. A. Laagland, secretaris.
secretaris voorzitter