Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ R-20/7956/GA, 18 februari 2022, beroep
Uitspraakdatum:18-02-2022

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

 

Nummer          R-20/7956/GA

Betreft [klager]

Datum 18 februari 2022

 

Uitspraak van de beroepscommissie van de RSJ op het beroep van  de directeur van de Penitentiaire Inrichting (PI) Alphen te Alphen aan den Rijn (hierna: de directeur)

 

1. De procedure

[klager] (hierna: klager) heeft beklag ingesteld tegen de omstandigheid dat hij al maandenlang brood krijgt waarvan de houdbaarheidsdatum is verstreken.

De beklagcommissie bij de PI Alphen heeft op 31 augustus 2020 het beklag gegrond verklaard (AR-2020-513). De uitspraak van de beklagcommissie is bijgevoegd.

De directeur heeft tegen deze uitspraak beroep ingesteld.

De beroepscommissie heeft de directeur en klager in de gelegenheid gesteld hun standpunten schriftelijk (nader) toe te lichten.

 

2. De standpunten in beroep

Standpunt van de directeur

Het brood dat klager op advies van de medische dienst krijgt, is bestemd voor zijn dieet. Het brood wordt in grote hoeveelheden besteld en direct na binnenkomst in de vriezer geplaatst. De datum op de verpakking van het brood is de datum waarop het brood is afgebakken en in de zak is gedaan. Conform de ‘Hazard Analysis and Critical Control Points’ (hierna: de HACCP) wordt het ingevroren brood één maand bewaard waarbinnen het ook wordt genuttigd. De directeur voldoet aan de zorgplicht door het verstrekken van correcte voeding.

Standpunt van klager

Klager heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om zijn standpunt in beroep kenbaar te maken.

 

3. De beoordeling

Ingevolge artikel 44, eerste lid, van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw) – voor zover hier van belang – draagt de directeur zorg voor de verstrekking van voeding aan de gedetineerde. Ingevolge artikel 42, vierde lid, aanhef en onder a, van de Pbw draagt de directeur zorg voor de verstrekking van de door de aan de inrichting verbonden arts of diens vervanger voorgeschreven medicijnen en diëten. Onderdeel van deze zorgplicht is dat de directeur waakt over de kwaliteit van de verstrekte voeding.

Anders dan de beklagcommissie is de beroepscommissie van oordeel dat niet is gebleken dat de directeur de zorgplicht jegens klager niet is nagekomen door het voor hem bestemde brood groot in te slaan, na ontvangst in te vriezen en vervolgens in kleine porties aan hem te verstrekken, waarbij geen sprake is van brood dat langer dan een maand ingevroren is geweest, een en ander conform de HACCP.

Gelet op het voorgaande zal de beroepscommissie het beroep gegrond verklaren, de uitspraak van de beklagcommissie vernietigen en het beklag alsnog ongegrond verklaren.

 

4. De uitspraak

De beroepscommissie verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de beklagcommissie en verklaart het beklag alsnog ongegrond.

Deze uitspraak is op 18 februari 2022 gedaan door de beroepscommissie, bestaande uit mr. T.B. Trotman, voorzitter, mr. R. Raat en mr. D. van der Sluis, leden, bijgestaan door mr. B.M.L. Commelter, secretaris.

secretaris        voorzitter

Naar boven