Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ 21/23848/GB, 1 november 2021, beroep
Uitspraakdatum:01-11-2021

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Nummer          21/23848/GB

               

Betreft [Klager]

Datum 1 november 2021

 

Uitspraak van de beroepscommissie van de RSJ op het beroep van [Klager] (hierna: klager)

 

1. De procedure

De Minister voor Rechtsbescherming (hierna: verweerder) heeft op 30 september 2021 klager opgeroepen om zich op 5 november 2021 te melden in de Penitentiaire Inrichting Lelystad, voor het ondergaan van veertien dagen gevangenisstraf.

 

Klager heeft daartegen bezwaar ingesteld. Verweerder heeft op 15 oktober 2021 klager niet-ontvankelijk verklaard in zijn bezwaar.

 

Klager heeft tegen deze beslissing beroep ingesteld.

 

De beroepscommissie heeft kennisgenomen van het beroepschrift, de reactie van verweerder en de overige stukken.

 

2. De standpunten in beroep

Standpunt van klager

Klagers bezwaar, gericht tegen de aan hem opgelegde gevangenisstraf van veertien dagen, was vrij logisch. Verweerder is het echter niet eens met klager. Klager heeft niet het idee dat verweerder het bezwaarschrift heeft gelezen of verstand heeft van waar de zaak over gaat. Klager heeft de aan hem opgelegde gevangenisstraf niet verdiend.

 

Standpunt van verweerder

Gelet op hetgeen door klager in beroep is aangevoerd, zijn er geen redenen om de bestreden beslissing van 15 oktober 2021 te wijzigen.

 

3. De beoordeling

De procedure voor zelfmelders is geregeld in hoofdstuk 2 van de Regeling tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen en hoofdstuk 2 van de Beleidsregels tenuitvoerlegging strafrechtelijke en administratiefrechtelijke beslissingen 2021.

 

Klager heeft bezwaar aangetekend tegen zijn meldoproep, omdat hij het niet eens is met de aan hem op 29 juli 2021 opgelegde gevangenisstraf van veertien dagen. Klager heeft echter tegen deze veroordeling niet binnen de termijn van veertien dagen hoger beroep ingesteld. De veroordeling tot de onvoorwaardelijke gevangenisstraf van veertien dagen is dan ook inmiddels onherroepelijk geworden.

 

De rechtmatigheid van de aan klager opgelegde gevangenisstraf is in deze bezwaar- en beroepsprocedure niet aan de orde, omdat verweerder uit moet gaan van de rechtmatigheid van een vonnis van de rechter. Gelet daarop heeft verweerder terecht beslist dat klager niet kon worden ontvangen in zijn bezwaar. Het beroep zal daarom ongegrond worden verklaard. Klager dient zich op 5 november 2021 te melden.

 

4. De uitspraak

De beroepscommissie verklaart het beroep ongegrond.

 

Deze uitspraak is op 1 november 2021 gedaan door de beroepscommissie, bestaande uit mr. A. Jongsma, voorzitter, mr. M.J. Stolwerk en drs. M.R. van Veen, leden, bijgestaan door mr. S.F.J.H. Niederer, secretaris.

 

secretaris        voorzitter

Naar boven