Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ 21/20969/SGA, 22 april 2021, schorsing
Uitspraakdatum:22-04-2021

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

 

Nummer          21/20969/SGA

    

           

Betreft [Verzoeker]

Datum 22 april 2021

Uitspraak van de voorzitter van de beroepscommissie van de RSJ op het verzoek van  [Verzoeker] (hierna: verzoeker)

 

1. De procedure

Verzoekers raadsvrouw, mr. M.F.M. Ortner, vraagt namens verzoeker om schorsing van de (verdere) tenuitvoerlegging van de omstandigheid dat verzoeker op 19 april 2021 niet in de gelegenheid is gesteld zijn raadsvrouw terug te bellen.

De voorzitter heeft kennisgenomen van de reactie van de directeur van de Penitentiaire Inrichting (PI) Sittard op het schorsingsverzoek en van het klaagschrift (beklagkenmerk G-2021-207).

 

2. De beoordeling

De voorzitter stelt voorop dat bij een verzoek om schorsing van de tenuitvoerlegging van een beslissing van de directeur slechts ruimte bestaat voor een voorlopige beoordeling. De zaak kan dus niet ten gronde worden onderzocht. De voorzitter beoordeelt alleen of de beslissing waartegen beklag is ingesteld in strijd is met een wettelijk voorschrift of dat deze zodanig onredelijk of onbillijk is dat er een spoedeisend belang is om op dit moment de (verdere) tenuitvoerlegging van die beslissing te schorsen. Naar het oordeel van de voorzitter is dat niet het geval.

Namens verzoeker is aangevoerd dat zijn raadsvrouw op 19 april 2021 een terugbelverzoek heeft achtergelaten, maar dat aan de raadsvrouw de mededeling is gedaan dat verzoeker niet in de gelegenheid is om telefonisch contact op te nemen met zijn raadsvrouw vanwege de lockdown. Volgens verzoekers raadsvrouw is de noodzaak van het terugbelverzoek door haar toegelicht. De enkele omstandigheid dat de PI in lockdown is, zou niet de gelegenheid van het telefonisch contact tussen verzoeker en zijn raadsvrouw mogen beletten.

Uit de schriftelijke inlichtingen van de directeur volgt dat op 13 april 2021 – zo begrijpt de voorzitter – de ordemaatregel van plaatsing in afzondering is opgelegd, in verband met een besmetting met het coronavirus binnen de PI Sittard. Na vijf dagen werden volgens de directeur alle gedetineerden getest. Uit de testuitslag bleek dat nog een gedetineerde positief getest is op het coronavirus. Voor de veiligheid en gezondheid van alle gedetineerden is volgens de directeur iedereen opnieuw in quarantaine geplaatst in afwachting van een nieuwe testronde. De directeur voert aan dat gedetineerden die niet getest willen worden, gedurende tien dagen in quarantaine geplaatst worden. Volgens de directeur hebben de gedetineerden dagelijks een luchtmoment van 30 minuten of een belmoment op de afdeling. De directeur stelt dat de gedetineerden worden gecompenseerd voor de beperking in hun recht-activiteiten, zoals luchten en recreatie, en dat zij aanvulling op eerdere compensatie (van €15,-) eenmalig €10,- ontvangen en dat hen daarnaast gedurende de looptijd van de maatregel dagelijks een versnapering wordt aangeboden.

Uit de schriftelijke inlichtingen van de directeur volgt voorts dat aan alle gedetineerden de mogelijkheid is geboden een formulier in te vullen, zodat de administratie namens hen contact kan opnemen met een contactpersoon buiten de inrichting. Volgens de directeur kan middels dit formulier tevens de advocaat worden geïnformeerd. Het postverkeer gaat volgens de directeur gewoon door, gedetineerden kunnen te allen tijde schriftelijk contact met familie en advocatuur onderhouden, aldus de directeur. Uit de inlichtingen van de directeur volgt daarnaast dat dringende terugbelverzoeken vanuit de advocatuur worden afgehandeld door – in het geval van positief geteste gedetineerden – de gedetineerde op zijn cel te laten bellen of individueel uit te sluiten om gebruik te kunnen maken van de telefooncel. Volgens de directeur zijn deze maatregelen noodzakelijk in het kader van de veiligheid en de gezondheid van het personeel en de gedetineerden. Er wordt volgens de directeur aangesloten bij de landelijke richtlijnen en de adviezen van het RIVM. Ook is er voortdurend contact met de GGD, aldus de directeur.

De voorzitter stelt voorop dat op grond van artikel 39, vierde lid, in samenhang bezien met artikel 37, eerste lid aanhef en onder i, van de Penitentiaire beginselenwet de gedetineerde in staat wordt gesteld met zijn rechtsbijstandverlener telefonisch contact te hebben, indien hiervoor de noodzaak en de gelegenheid bestaat. De voorzitter constateert dat de door de directeur genomen maatregelen verzoekers recht op contact met de buitenwereld weliswaar beperken nu verzoeker eerst een formulier moet invullen om contact op te nemen met zijn advocaat, maar dat dat deze beperking niet inhoudt dat verzoeker geen contact kan hebben met zijn advocaat. Uit de schriftelijke inlichtingen van de directeur volgt dat dringende terugbelverzoeken vanuit de rechtsbijstandverlener worden afgehandeld door verzoeker ofwel op zijn eigen cel te laten bellen ofwel door verzoeker individueel uit te sluiten, zodat hij gebruik kan maken van de telefooncel. Daarbij zij opgemerkt dat het postverkeer doorgang vindt en dat de maatregel tijdelijk – alleen gedurende de lockdown in afwachting van de coronatestuitslagen – van aard is. Naar het voorlopig oordeel van de voorzitter is deze beperking niet zodanig onredelijk en onbillijk, dat het verzoek moet worden toegewezen. De voorzitter zal het verzoek dan ook afwijzen.

 

3. De uitspraak

De voorzitter wijst het verzoek af.

 

 

Deze uitspraak is op 22 april 2021 gegeven door mr. M. Keppels, voorzitter, bijgestaan door mr. Y.P. Schleijpen, secretaris.

 

 

secretaris        voorzitter

Naar boven