Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ R-20/8696/JB, 29 april 2021, beroep
Uitspraakdatum:29-04-2021

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Nummer          R-20/8698/GM

    

           

Betreft [Klager]

Datum 29 april 2021

 

 

Uitspraak van de beroepscommissie van de RSJ op het beroep van [Klager] (hierna: klager)

 

1. De procedure

Klager heeft beroep ingesteld tegen het medisch handelen van de inrichtingsarts van de Penitentiaire Inrichting (PI) Vught (hierna: de inrichtingsarts). Klager beklaagt zich erover dat zijn langdurige klachten aan zijn maag en buik niet serieus zijn genomen.

De medisch adviseur bij het ministerie van Justitie & Veiligheid heeft bemiddeld. Het bemiddelingsverslag bevindt zich in het dossier.

De beroepscommissie heeft klager gehoord op de digitale zitting van 23 maart 2021. De inrichtingsarts heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om op de zitting te worden gehoord.

 

2. De standpunten in beroep

Standpunt van klager

De artsen met wie klager te maken heeft, liegen. Klager heeft voor zijn klachten alleen paracetamol gekregen. Door de PI Arnhem is gebeld naar de PI Vught om de PI Vught te informeren over de medicatie die klager gebruikt en voorgeschreven moet worden. Toen klager echter in de PI Vught werd geplaatst, lagen de juiste medicijnen niet voor hem klaar. De inrichtingsarts volgt de instructies van het ziekenhuis niet op. Klager heeft een onderzoek gehad bij het ziekenhuis voor zijn buik. Dit onderzoek heeft plaatsgevonden met behulp van een camera. Het klopt niet dat klager naar een ziekenhuis is gebracht, omdat hij een scheermes ingeslikt zou hebben.

 

Standpunt van de inrichtingsarts

De inrichtingsarts heeft niet inhoudelijk gereageerd op het beroepschrift. Er zijn door of namens de inrichtingsarts diverse brieven (van het ziekenhuis) toegezonden, met daarin informatie over de behandeling van klagers klachten.

 

3. De beoordeling

De beroepscommissie merkt voorafgaand aan de inhoudelijke beoordeling het volgende op. Niet ter discussie staat dat klager pijnklachten heeft en dat dit voor hem vervelend is. Het algemene beeld dat de beroepscommissie heeft gekregen van klager op basis van het medisch dossier is ook dat hij snel boos en geïrriteerd is en dat hij op vragen geen antwoord geeft. Klager praat onder andere in het Duits boos over ‘gekke dokters’, meent hij dat hij geopereerd moet worden en neemt voorgeschreven medicatie niet in omdat medicatie hem ‘alleen maar meer kapot maakt.’ Verder is er door klager de indruk gewekt dat hij in honger- en dorststaking is gegaan, omdat hij zich niet voldoende geholpen voelt. Dit gedrag biedt geen basis voor een goede behandeling door de medische dienst van de PI.

Klager heeft een klacht ingediend op 21 september 2020, waarin hij schrijft dat hij vanaf 10 juli 2020 in verband met zijn buikklachten niet serieus wordt genomen door de inrichtingsarts. Op basis van het dossier, in het bijzonder het medisch dossier en de brieven van het ziekenhuis (Rijnstate), overweegt de beroepscommissie dat aan klagers buikklachten voldoende aandacht is besteed. Er zijn meerdere onderzoeken bij klager uitgevoerd, zoals bloed- en faecesonderzoek, x-BOZ, CT-scan en gastroscopie. Hoewel uit het medisch dossier wel is gebleken dat een enkele keer de medische dienst niet op de hoogte was van een ziekenhuisafspraak van klager, is er direct actie ondernomen door telefonisch contact op te nemen met het ziekenhuis nadat klager over een afspraak begon. Verder is er diverse keren gebeld naar het ziekenhuis om te vragen of er al een afspraak voor klager stond ingepland.

Gelet op het voorgaande kan het handelen van de inrichtingsarts niet worden aangemerkt als in strijd met de destijds geldende norm van artikel 28 van de Penitentiaire maatregel (oud).

De beroepscommissie zal het beroep daarom ongegrond verklaren.

 

4. De uitspraak

De beroepscommissie verklaart het beroep ongegrond.

 

 

Deze uitspraak is op 29 april 2021 gedaan door de beroepscommissie, bestaande uit

mr. M.J. Stolwerk, voorzitter, drs. B.A. Geurts en drs. K.M.P.A.M. Habryka, leden, bijgestaan door mr. A. de Groot, secretaris.

 

 

secretaris        voorzitter

Naar boven