Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ 06/2790/SGA, 6 november 2006, schorsing
Uitspraakdatum:06-11-2006

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Uitspraak

Nummer: 06/2790/SGA

Betreft: [klager] datum: 6 november 2006

De voorzitter van de beroepscommissie als bedoeld in artikel 69, tweede lid, van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw) heeft kennisgenomen van een bij het secretariaat van de Raad ingekomen verzoekschrift van

[...], verder verzoeker te noemen, verblijvende in de locatie Dordtse Poorten te Dordrecht.

Verzoeker vraagt om schorsing, met toepassing van artikel 66, eerste lid Pbw, van de (verdere) tenuitvoerlegging van de beslissing van de directeur van voormelde locatie d.d. 2 november 2006, inhoudende de oplegging van een ordemaatregel van plaatsing
in afzondering in een afzonderingscel, ingaande op 2 november 2006 om 15.00 uur en eindigend op 16 november 2006 om 15.00 uur, wegens het – kortweg – niet willen meewerken aan een plaatsing in een meerpersoonscel.

De voorzitter heeft voorts kennisgenomen van het klaagschrift d.d. 2 november 2006 alsmede van de schriftelijke inlichtingen van de directeur d.d. 6 november 2006.

1. De standpunten van verzoeker en van de directeur
Door en namens verzoeker is aangevoerd dat een beklag tegen verzoekers plaatsing in een meerpersoonscel op 30 oktober 2006 door de beklagcommissie is behandeld. Naar aanleiding van die behandeling is aan verzoeker op 31 oktober 2006 door de secretaris
van de beklagcommissie medegedeeld dat de beslissing van de beklagcommissie zal worden aangehouden omdat de commissie nadere inlichtingen wilde ontvangen van de directeur met betrekking tot het (psychologisch) onderzoek naar de geschiktheid van
verzoeker voor een plaatsing in een meerpersoonscel. Ook aan verzoeker is de gelegenheid geboden nadere psychologische rapporten te overleggen. Verzoeker is bij binnenkomst in de locatie in een meerpersoonscel geplaatst. Na twee weken is hij op eigen
verzoek overgeplaatst naar een afzonderingscel omdat hij een langer verblijf in een meerpersoonscel niet aan kon. Vanuit de afzonderingscel is verzoeker na 26 dagen overgeplaatst naar een reguliere éénpersoonscel op de inkomstenafdeling. Op 31 oktober
2006 verbleef verzoeker nog steeds in die cel. Op 2 november 2006 is verzoeker geplaatst in een meerpersoonscel. Omdat verzoeker daar geen medewerking aan wilde verlenen, is hij vervolgens in afzondering geplaatst. Verzocht wordt de tenuitvoerlegging
van die ordemaatregel te schorsen tot het moment dat de beklagcommissie op het beklag zal hebben beslist

Uit de inlichtingen van de directeur komt onder meer het volgende naar voren. Verzoeker verblijft sinds 18 augustus 2006 in de locatie. Op 11 september 2006 is besloten verzoeker op een meerpersoonscel te plaatsen. Er waren ten aanzien van verzoeker
geen contra-indicaties voor een dergelijke plaatsing. Op 30 september 2006 heeft verzoeker aangegeven niet langer in een meerpersoonscel te willen verblijven. Hij heeft vervolgens – op eigen verzoek – gedurende 26 dagen in een afzonderingscel
verbleven.
Blijkens de inlichtingen waarover de inrichting beschikt en uit de besprekingen in het Multi Disciplinar Team en met de psycholoog is verzoeker geschikt bevonden voor plaatsing in een meerpersoonscel. Verzoeker is daarom op 2 november 2006 andermaal
een
dergelijke plaatsing aangeboden. Verzoeker gaf na korte tijd aan in verband met psychische problemen niet in een meerpersoonscel te willen verblijven. Naar aanleiding daarvan is hem onderhavige ordemaatregel opgelegd. Verzoeker heeft aangegeven over
rapportage te beschikken die aantoont dat hij niet geschikt zou zijn voor een verblijf in een meerpersoonscel. Hij zou dit rapport aan de directeur doen toekomen. Dit heeft hij niet gedaan. Er zijn geen redenen om verzoeker ongeschikt te achten voor
een
verblijf in een meerpersoonscel. Om die reden kan zijn wens om in een éénpersoonscel te mogen verblijven niet worden gehonoreerd.

Uit de inlichtingen van de secretaris van de beklagcommissie komt het volgende naar voren.
Verzoeker heeft een klacht ingediend tegen zijn plaatsing in een meerpersoonscel. De beklagcommissie heeft de behandeling van het beklag op 30 oktober 2006 aangehouden teneinde de directeur in de gelegenheid te stellen nadere informatie te verstrekken
met betrekking tot het onderzoek naar verzoekers geschiktheid voor plaatsing in een meerpersoonscel. Ook verzoeker is in de gelegenheid gesteld nadere informatie over te leggen. De directeur heeft verzoeker op 2 november weer in aanmerking doen komen
voor plaatsing in een meerpersoonscel en verzoeker is vervolgens, nadat hij weigerde mee te werken, in afzondering geplaatst. Verzoeker heeft beklag ingesteld tegen die beslissing. De beklagcommissie verwacht op 20 november 2006 uitspraak te doen, of
zoveel eerder als mogelijk.

2. De beoordeling
Nu de beklagcommissie het beklag tegen verzoekers plaatsing in een meerpersoonscel niet voorshands ongegrond heeft verklaart, maar de directeur heeft verzocht om aanvullende informatie met betrekking tot verzoekers geschiktheid voor plaatsing in een
dergelijke meerpersoonscel, moet het ervoor gehouden worden dat er op zijn minst genomen ernstige twijfels zijn met betrekking tot verzoekers geschiktheid voor plaatsing in een meerpersoonscel. Gelet daarop, mede in aanmerking genomen dat de
beklagcommissie verwacht op korte termijn uitspraak te doen op het beklag, is het naar het voorlopig oordeel van de voorzitter op dit moment zodanig onredelijk om verzoeker te verplichten mee te werken aan een plaatsing in een meerpersoonscel, dat dit
een schorsing van de aan de weigering tot medewerking verbonden ordemaatregel rechtvaardigt. Het verzoek zal daarom worden toegewezen.

De voorzitter geeft de directeur daarbij dringend in overweging om verzoeker in een éénpersoonscel te laten verblijven tot het moment dat de beklagcommissie op het beklag zal hebben beslist.

3. De uitspraak
De voorzitter wijst het verzoek toe en schorst de bestreden beslissing van de directeur met onmiddellijke ingang.

Aldus gedaan door mr. D.J. Dee, voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. H.M.J.D. Maes, secretaris, op 6 november 2006.

secretaris voorzitter

Naar boven