Onderwerp: Bezoek-historie

RSJ R-19/3964/GA, 9 september 2020, beroep
Uitspraakdatum:09-09-2020

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

 

 

Nummer          R-19/3964/GA

    

           

Betreft [klager]

Datum 9 september 2020

Uitspraak van de beroepscommissie van de RSJ op het beroep van [klager] (hierna: klager)

 

1. De procedure

Klager heeft beklag ingesteld tegen het voortijdig beëindigen van een bezoekuur, omdat hij tijdens dat bezoek naar het toilet moest.

De beklagcommissie bij de Penitentiaire Inrichting (PI) Sittard heeft op 7 juni 2019 het beklag gegrond verklaard en daarbij aan klager een tegemoetkoming toegekend in de vorm van een extra bezoekmoment (G-2019-000272). De uitspraak van de beklagcommissie is bijgevoegd.

Klagers raadsman, mr. M.M.J.P. Penners, heeft namens klager beroep ingesteld tegen de inhoud van de toegekende tegemoetkoming.

De beroepscommissie heeft klager, zijn raadsman en de directeur van de PI Sittard (hierna: de directeur) in de gelegenheid gesteld hun standpunten schriftelijk (nader) toe te lichten.

 

2. De standpunten in beroep

Standpunt van klager

Klager stelt zich op het standpunt dat de aan hem toegekende tegemoetkoming (een extra bezoek) van weinig waarde is, als daar niet expliciet bij bepaald wordt dat hij tijdens dat bezoek het in de bezoekruimte aanwezige toilet zonder enige beperking mag gebruiken. Klager verzoekt daarom de tegemoetkoming niet slechts vast te stellen op de toekenning van een extra bezoek, maar daarbij ook te bepalen dat klager het in de bezoekruimte aanwezige toilet zonder enige beperking mag gebruiken.

 

Standpunt van de directeur

De directeur verwijst naar zijn verweerschrift op het beklag en sluit zich aan bij de beslissing van de beklagcommissie.

 

3. De beoordeling

Tot april 2019 is bij klager afgeweken van de huisregels met betrekking tot toiletbezoek tijdens het bezoekuur in verband met klagers medische problemen. Op 2 april 2019 is het echter niet goed gegaan. Tijdens de zitting van de beklagcommissie heeft de directeur aangegeven dat er geleerd is van dat voorval. Om herhaling te voorkomen is er een aantekening gemaakt bij de bijzonderheden van klager in het bezoekregister. Aan klager is geadviseerd om zijn medisch attest bij zich te dragen tijdens het bezoekuur. De beklagcommissie heeft het beklag gegrond verklaard en aan klager compensatie toegekend in de vorm van een extra bezoekmoment.

De beroepscommissie kan zich, zeker nu er een aantekening in het bezoekregister is gemaakt en aan klager geadviseerd is zijn medisch attest tijdens het bezoekuur bij zich te dragen, verenigen met de toegekende tegemoetkoming. Het beroep zal daarom ongegrond worden verklaard.

Overigens ziet het verwijt van klager dat de uitspraak van de beklagcommissie weinig waarde heeft, omdat nadien is gebleken dat hij het toilet op de afdeling dient te gebruiken tijdens het bezoekuur, op gebeurtenissen van na het feit waarop het beklag betrekking heeft. Een dergelijke uitbreiding van het oorspronkelijke beklag is in beroep niet mogelijk en zal daarom buiten beschouwing worden gelaten.

 

4. De uitspraak

De beroepscommissie verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de beklagcommissie voor zover in beroep aan de orde.

 

 

Deze uitspraak is op 9 september 2020 gedaan door de beroepscommissie, bestaande uit mr. T.B. Trotman, voorzitter, mr. R.H. Koning en mr. D. van der Sluis, leden, bijgestaan door mr. K. Kiela, secretaris.

 

 

secretaris        voorzitter

Naar boven