Onderwerp: Bezoek-historie

De kans op blauwalgenbloeien in de randmeren van de Markerwaard
Publicatiedatum:01-01-1986

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Auteur(s)

C. Berger, J.E.G. Bouman, P. Ente, J. de Jong, E. Schultz, E.J.B. Uunk, G.A.M. Menting; Ministerie van Verkeer en Waterstaat Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders

 

Samenvatting

Dit rapport beoogt aan te geven in welke mate de randmeren van de Markerwaard gevoeliger zijn voor de bloei van blauwalgen dan het huidige Markermeer en IJmeer. Het materiaal van waaruit theoriën en hypothesen zijn gevormd over het ontstaan en de duur van blauwalgenbloeien is afkomstig van metingen die vanaf 1969 zijn verricht in het IJsselmeergebied. Uit een veelheid van bepalingen kwamen de ruimtelijke opbouw, het slibgehalte, de verblijftijd van het water, de weersomstandigheden en de aanvoer van blauwalgen uit andere meren naar voren als de belangrijkste factoren die op de bloei van blauwalgen beïnvloeden. Verwacht wordt dat zomerbloeien iets vaker en langduriger in de westelijke randmeren zullen voorkomen dan in het huidige Markermeer. De kans op permanente bloei wordt zeer gering geacht. Aangegeven wordt dat met inrichtings- en/ of beheersmaatregelen ten aanzien van de ruimtelijke vormgeving en het inlaatregiem de kans op blauwalgenbloeien kan worden verkleind.

 

Annotatie

89 p.
fig., tab. ; 30 cm.
Lit. opg.(Flevobericht ; 268)
ISBN 9036910129

Naar boven