Onderwerp: Bezoek-historie

Richtlijnen Rivieren - Bruggen
Publicatiedatum:29-04-2020

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Auteur(s)

D. ten Hove ; Marin

 

Samenvatting

De bestaande Richtlijnen Vaarwegen 2017 beperken zich tot vaarwegen zonder stroming of met een langsstroomsnelheid minder dan 0,5 m/s. De beheerder Rijkswaterstaat heeft ook behoefte aan integrale richtlijnen voor vaarwegen met een langsstroomsnelheid groter dan 0,5 m/s. Aan de hand van een probleemanalyse zijn daartoe alle relevante aspecten van het ontwerpproces, zoals dat ook in de bestaande Richtlijnen Vaarwegen is beschreven, geëvalueerd en is een onderzoeksagenda opgesteld voor de jaren 2016 t/m 2019. Op basis van de onderzoeksagenda en de resultaten van de onderzoeken die in de periode 2016 - 2019 uitgevoerd zijn, is door middel van een aantal deelstudies verder invulling gegeven aan de uitbreiding van de bestaande richtlijnen vaarwegen 2017 naar rivieren. In het eerste concept voor de nieuwe richtlijnen is het uitgangspunt dat voor de vaste bruggen er op hoofdlijnen niets verandert. De doorvaarthoogte is reeds vastgelegd ten opzichte van de maatgevende hoge waterstand voor de scheepvaart (MHWS). Uitgangspunt blijft aanvullend dat bij vaarwegen met een langstroom groter dan 0,5 m/s een vaste brug met voldoende doorvaarthoogte, die de gehele vaarweg overspant, de voorkeur heeft en dat beweegbare bruggen zoveel mogelijk vermeden moeten worden. Toch kan het voorkomen dat dit niet mogelijk is. Nagegaan wordt welke eisen er gesteld moeten worden m.b.t. doorvaarthoogte en doorvaartbreedte als er sprake is van pijlers in het vaarwater. Vraag is of in deze situaties een extra marge (toeslag veiligheidsstrook) voor de stroming doorberekend moet worden in de doorvaartbreedte. Daarnaast is voldoende zicht voor voorstrooms varende schepen bij bruggen een aandachtspunt. Als derde dient aandacht besteed te worden aan de aanvaarbescherming en geleidewerken rond de brugpijlers. In deze fase worden bestaande situaties geïnventariseerd en wordt nagegaan of het mogelijk is om genomen maatregelen te rubriceren en generiek te maken. Dit rapport beschrijft de inrichtingseisen voor vlot en veilig scheepvaartverkeer rond bruggen in rivieren. Op basis van de resultaten van deze studie worden aanbevelingen geformuleerd voor de inrichting rond bruggen in rivieren.

 

Annotatie

15 p.
Met lit.opg.
Rapport nr. 29242-12-MO-rev.3
In opdracht van Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Rijkswaterstaat Water, Verkeer en Leefomgeving (RWS, WVL)

Naar boven