Onderwerp: Bezoek-historie

Zoutmetingen in het IJsselmeer bij de sluizencomplexen : Kornwerderzand en Den Oever
Publicatiedatum:18-09-2012

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Auteur(s)

I. Brongers, B.J. de Witte ; Ministerie van Infrastructuur en Milieu, Rijkswaterstaat, Dienst IJsselmeergebied (RWS, RDIJ)

 

Samenvatting

Belangrijkste conclusies en inzichten: 1. Na een spuiperiode zijn de diepe kuilen aan de IJsselmeerzijde voor de spuisluizen volledig gevuld met zoet water. 2. Tijdens de opvolgende vloed lekt zouter water langs de sluisdeuren het IJsselmeer in. 3. Dit zoutere water hoopt zich op in de diepere kuil voor de spuisluizen benden 5-6 meter onder de waterlijn. 4. Indien de volgende spuiperiode voldoende lang is (meer dan 1,5 uur) spoelt dit zoutere water weer uit richting Waddenzee. 5. Dit is in 3/4 van de spuiperiodes het geval. 6. Tijdens een langere periode (4 weken) niet spuien loopt het zoutgehalte en het vullingsniveau (2 meter onder oppervlak) van de diepe kuil bij Kornwerderzand op. Bij Den Oever onbekend. 7. Ook de diepere delen van de Middelgronden worden na verloop van tijd zouter. 8. Na eenmaal voluit spuien is deze zoutophoping grotendeels uit het Ijsselmeer verdwenen. 9. In de vaargeul aan de IJsselmeerzijde van de schutsluis bij Kornwerderzand hoopt zich ook zouter water op. 10. Het wegspoelen via de spui van dit zoutere water wordt maar beperkt beinvloed door de spuigang.

 

Annotatie

48 p.
Definitief

Naar boven