|
Regelgeving
|
Wijzigingen ten opzichte van vorige versie
|
|
Beleidsregel overgang tarieven langdurige zorg 2026 – BR/REG-26148
|
|
|
Beleidsregel bekostigingscyclus Wlz 2026 - BR/REG-26122
|
-
De beleidsregel is geactualiseerd voor het jaar 2026.
-
Hiernaast is in artikel 4, eerste lid en in artikel 6, vierde lid, de verwijzing naar de Beleidsregel experiment Wlz-zorg in onderwijstijd verwijderd, aangezien deze vervalt per 01-09-2025.
-
In artikel 4, eerste lid, is de Beleidsregel overgang tarieven langdurige zorg 2026 toegevoegd.
|
|
Beleidsregel budgettair kader Wlz 2026 - BR/REG-26123a
|
-
De demissionair staatssecretaris van Langdurige en Maatschappelijke zorg heeft in de Definitieve kaderbrief Wlz 2026 het macrobedrag voor de contracteerruimte (zin) voor de zorginkoop van 2026 vastgesteld. In totaal bedraagt het budgettair kader Wlz voor 2026 € 41.059 miljoen (waarvan € 36.337 miljoen beschikbaar is voor zin, €4.626 miljoen beschikbaar is voor pgb en € 96 miljoen beschikbaar is voor overige uitvoeringskosten). Naar aanleiding daarvan is deze beleidsregel aangepast.
-
Naar aanleiding van de Definitieve kaderbrief Wlz 2026 is artikel 16 aangepast. De in de Meerjarige voorlopige kaderbrief Wlz opgenomen restrictie op overschrijding van het bedrag voor preventieve maatregelen is in de Definitieve kaderbrief Wlz 2026 vervallen.
-
Artikel 7 is aangepast n.a.v. een advies van de zorgkantoren (en Zorgverzekeraars Nederland) aan de NZa. Dit heeft geresulteerd in een aangepaste verdeelmethodiek overige uitvoeringskosten per zorgkantoorregio.
|
|
Beleidsregel budgettair kader Wlz 2026 - BR/REG-26123
|
-
De beleidsregel is voor het jaar 2026 geactualiseerd, conform de Wet DOS en de Meerjarige voorlopige kaderbrief 2026-2030 (kenmerk 4154805-1085543-LZ). Mede op basis van een advies van Zorgverzekeraars Nederland.
-
De aanpassingen zijn gericht op flankerend beleid 2026. Vanaf 2026 worden indicatie-effecten niet meer geflankeerd. In plaats daarvan worden de effecten van modelaanpassingen geïsoleerd. Deze modelaanpassingen worden geflankeerd met een grenswaarde van 0,5% per jaar.
-
De grootste wijzigingen zijn te vinden in artikel 1, 2, 4, 7, 9, 10 en 16. In artikel 1 is een begripsbepaling voor overige uitvoeringskosten opgenomen. In artikel 2 is het doel van de beleidsregel verduidelijkt en opnieuw geformuleerd. In artikel 4 zijn de genoemde bedragen geactualiseerd op basis van de Meerjarige voorlopige kaderbrief 2026-2030. Artikel 7 is toegevoegd om de informerende taak van de NZa ten aanzien van de verdeling van het kader overige uitvoeringskosten te beschrijven. Verder zijn in artikelen 9 en 10 de bepalingen rondom overheveling van middelen herzien en uitgebreid voor de overige uitvoeringskosten. Ten slotte is in artikel 16 toegevoegd wat te doen bij een mogelijke overschrijding van het kader overige uitvoeringskosten.
|
|
Beleidsregel budgettair kader Wlz 2025 - BR/REG-25124d
|
-
De demissionair staatssecretaris van Langdurige en Maatschappelijke zorg heeft in de Definitieve kaderbrief Wlz 2026 (kenmerk 4208786-1087253-LZ) het macrobedrag voor de contracteerruimte (zin) voor de zorginkoop van 2025 en het beschikbare bedrag voor pgb geactualiseerd. In totaal bedraagt het budgettair kader Wlz voor 2025 € 38.983 miljoen (waarvan €34.635 miljoen beschikbaar is voor zin en €4.349 miljoen beschikbaar voor pgb), gebaseerd op de geactualiseerde verdeling van het budgettair kader Wlz 2025 over de 31 zorgkantoorregio's op 15 augustus 2025 door de NZa.
-
Ook zijn er tekstuele aanpassingen gedaan. Deze wijzigingen hebben geen invloed op de inhoud van de tekst.
|
|
Beleidsregel budgettair kader Wlz 2025 BR/REG-25124c
|
-
De beleidsregel is voor het jaar 2025 geactualiseerd, conform de Meerjarige voorlopige kaderbrief 2026-2030 (kenmerk: 4154805-1085543-LZ).
-
De grootste wijzigingen zijn te vinden in artikel 4, lid 1 en 2 en artikel 5, lid 2 van de beleidsregel budgettair kader Wlz 2025. In artikel 4 zijn de bedragen geactualiseerd op basis van de Meerjarige voorlopige kaderbrief 2026-2030. In artikel 5 zijn de herverdelingsmiddelen ad € 360 miljoen verwijderd.
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven modulaire zorg 2026 – BR/REG -26124b
|
-
In artikel 7 Prestatiebeschrijvingen modulaire zorg onderdeel 25. Verpleging speciaal aan kinderen tot 18 jaar inclusief beschikbaarheid (H118) en 26. Verpleging speciaal aan kinderen tot 18 jaar exclusief beschikbaarheid (H119) is het onderscheid tussen de toepassing van de prestaties duidelijker omschreven. H118 kan worden gedeclareerd als in het zorgplan is opgenomen dat de cliënt op planbare, maar ook op onplanbare tijden, gespecialiseerde verpleegkundige zorg nodig heeft die alleen door een kinderverpleegkundige geleverd kan worden. Het tarief dekt zowel de momenten van de planbare als de onplanbare zorg voor deze cliënten. Indien er uitsluitend op geplande tijden gespecialiseerde verpleegkundige zorg nodig is dient dit te worden gedeclareerd op H119.
-
In artikel 8 Prestatiebeschrijvingen en beleidsregelwaarden modulair pakket thuis is in Tabel 16 Verstandelijk gehandicapt het tarief voor dagbehandeling vg emg volwassenen (H819) gelijkgesteld met het tarief aan dagbehandeling vg kind emg (H817). Deze wijziging is ook doorgevoerd in bijlage 1 van deze beleidsregel.
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven modulaire zorg 2026 - BR/REG-26124a
|
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven modulaire zorg 2026 - BR/REG-26124
|
-
De beleidsregel is geactualiseerd voor het jaar 2026.
-
De loon- en materiële kosten van de beleidsregelwaarden bevatten de definitieve percentages 2025 en de voorschotpercentages 2026. Indien binnen de beleidsregelwaarde een nhc is opgenomen (zie bijlage 1 bij deze beleidsregel), dan bevat de nhc de jaarlijkse index van 2,5%.
-
In artikel 7 is de prestatieomschrijving Dagbehandeling vg kind emg H817 gewijzigd. Ter verduidelijking van de doelgroep is de tekst 'tot 18 jaar' toegevoegd aan de doelgroepbeschrijving. Voorheen werd de doelgroep alleen aangeduid met 'vg kind'.
-
De NZa heeft een kostenonderzoek uitgevoerd naar de prestaties binnen de sector gehandicaptenzorg en sector geestelijke gezondheidszorg exclusief behandeling in de langdurige zorg. In deze beleidsregel zijn de herijkte beleidsregelwaarden opgenomen van de prestaties die op basis van dat kostenonderzoek zijn aangepast.
-
Het Ministerie van VWS heeft een opdracht gegeven om de bekostiging coördinatiekosten levensloopaanpak per 1 januari 2026 vorm te geven in de bekostiging van de zorg in natura van Wlz-cliënten. Het doel van de prestatie 'Ketenveldnorm levensloopfunctie en beveiligde intensieve zorg' (H540) is om regionaal een geïntegreerd en domeinoverstijgende zorgaanbod te organiseren en te leveren voor personen van 18 jaar en ouder, die potentieel gevaarlijk gedrag vertonen als gevolg van een psychische aandoening, een verstandelijke beperking, een verslaving of hersenletsel.
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven zorgzwaartepakketten en volledig pakket thuis 2026 - BR/REG-26125b
|
-
In artikel 9 Aan- en afwezigheid is voor zzp, vpt en dtv duidelijker aangegeven in welke gevallen er afwezigheid bij een prestatie kan worden bekostigd. De situatie dat een cliënt tijdelijk is opgenomen bij een andere zorgaanbieder of op een andere locatie van de huidige zorgaanbieder voor gespecialiseerde ggz is beter omschreven. Aangegeven is dat het moet gaan om een tijdelijke klinische opname in verband met een psychische stoornis ten laste van de Zvw. Ook wanneer er sprake is van medisch noodzakelijk verblijf in verband met een psychische stoornis ten laste van de Zvw mag afwezigheid op de oorspronkelijke Wlz plek worden gedeclareerd.
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven zorgzwaartepakketten en volledig pakket thuis 2026 - BR/REG-26125a
|
-
De beleidsregelwaarden in deze artikelen zijn verhoogd, indien zij een normatieve huisvestingscomponent (nhc) hebben. Dit naar aanleiding van wijzigingen in wet- en regelgeving met betrekking tot duurzaamheid en brandveiligheid, die zijn doorgevoerd in de nhc. Voor meer informatie hierover, zie Beleidsregel normatieve huisvestingscomponent (nhc) en normatieve inventariscomponent (nic) geestelijke gezondheidszorg, forensische zorg en langdurige zorg - BR/REG-26126a.
-
In de beleidsregel met kenmerk BR/REG-26125 was de beleidsregelwaarde van de prestatie Klinisch Intensieve Behandeling (Z280) per abuis verkeerd opgenomen in de beleidsregel. Het vermelde bedrag van € 722,39 was onjuist. De beleidsregelwaarde had moeten zijn € 772,39, zoals al wel was opgenomen in Bijlage 3 bij BR-REG-26125 Onderbouwing beleidsregelwaarde per prestatie 2026. Deze gecorrigeerde waarde is vervolgens tot uitgangspunt genomen bij voornoemde verwerking van de verhoogde nhc. Dat resulteert in een beleidsregelwaarde in deze beleidsregel met kenmerk BR/REG-26125a van € 781,24.
-
De beleidsregelwaarde voor de prestatie VPT 4zg-visueel excl.bh excl.db. (V840) was niet juist opgenomen in de beleidsregel met kenmerk BR/REG-26125. In het Kostenonderzoek langdurige zorg (ggz wonen exclusief behandeling en ghz) is de kostprijs voor V840 afgeleid van de kostprijs voor V842. In de beleidsregel met kenmerk BR/REG-26125 was geen rekening gehouden met het gegeven dat de prestatie V842 inclusief behandeling is en de prestatie V840 exclusief behandeling. Dat is nu gecorrigeerd, waardoor de kostprijs voor V840 nu overeenkomt met de methodiek zoals beschreven in het Verantwoordingsdocument kostenonderzoek langdurige zorg 2022-2026'
-
In bijlage 2 was per abuis een oude titel opgenomen 'Bijlage 3 bij Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven zorgzwaartepakketten en volledig pakket thuis 2025' dit is aangepast naar 'Bijlage 2 bij Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven zorgzwaartepakketten en volledig pakket thuis 2026'.
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven zorgzwaartepakketten en volledig pakket thuis 2026 - BR/REG-26125
|
-
De beleidsregel is geactualiseerd voor het jaar 2026
-
De loon- en materiële kosten van de beleidsregelwaarden bevatten de definitieve percentages 2025 en de voorschotpercentages 2026. Indien binnen de beleidsregelwaarde een nhc is opgenomen (zie bijlage 3), dan bevat de nhc de jaarlijkse index van 2,5%. Indien binnen de beleidsregelwaarde een nic is opgenomen (zie bijlage 3 bij deze beleidsregel), dan bevat de nic de index voor materiële kosten.
-
De NZa heeft een kostenonderzoek uitgevoerd naar de prestaties binnen de sector gehandicaptenzorg en sector geestelijke gezondheidszorg exclusief behandeling in de langdurige zorg. In deze beleidsregel zijn de herijkte beleidsregelwaarden opgenomen van de prestaties die op basis van dat kostenonderzoek zijn aangepast.
-
De NZa heeft een kostenonderzoek uitgevoerd naar de prestatie VG7 binnen de sector gehandicaptenzorg. In deze beleidsregel zijn beleidsregelwaarden VG7 en VG7plus opgenomen van de prestaties die op basis van dat kostenonderzoek zijn aangepast. Door een aanpassing in de prestatiestructuur is het per 1 januari 2026 mogelijk in de bekostiging te differentiëren tussen cliënten met Wlz-indicatie zorgprofiel vg7. De differentiatie verloopt aan de hand van een splitsing op basis van de zorglevering en van cliënt- als contextkenmerken.
-
De NZa heeft een kostprijsonderzoek uitgevoerd naar de prestaties binnen het Zorgprestatiemodel (Zpm) voor de geestelijke gezondheidszorg (ggz) en forensische zorg (fz) die valt onder de Zorgverzekeringswet en de Wet forensische zorg. In dit kostprijsonderzoek zijn ook de ggz-verblijfsprestaties inclusief behandeling binnen de Wet langdurige zorg (ggz-b en ggz-wonen) meegenomen. Hieronder vallen de verblijfsprestaties inclusief behandeling (zzp inclusief behandeling voor ggz-wonen en ggz-b), vervoer, Klinisch Intensieve Behandeling (kib) en Beveiligde Zorg LZ 2 en 3.
-
De NZa heeft in het najaar van 2024 een aanvullende uitvraag gedaan naar de kosten die onder de nhc/nic systematiek vallen binnen het kostenonderzoek elv en Wlz crisiszorg vv. Dit aanvullend onderzoek is een vervolg op het kostenonderzoek elv en Wlz crisiszorg vv van 2024. Het aanvullend onderzoek had als doel om een zo zuiver mogelijk onderscheid te krijgen in het deel van de materiële kosten over 2022 die vergoed gaan worden door de nhc/nic-systematiek (moeten worden geschoond) en welk deel van de materiële kosten over 2022 geen samenhang kent met de nhc/nic-systematiek. Een zuiver onderscheid voorkomt dubbele bekostiging of dat er mogelijk kosten onterecht buiten beschouwing blijven. Dit onderscheid was op basis van het kostenonderzoek elv en Wlz crisiszorg vv niet te maken. De wijzigingen zijn op basis van dit aanvullend onderzoek per 2026 doorgevoerd voor de prestatie Crisiszorg vv met behandeling (Z110).
-
Sinds 2024 zijn extra middelen beschikbaar voor infectiepreventie in de langdurige zorg, om de sector beter voor te bereiden op toekomstige uitbraken. De NZa heeft deze middelen verwerkt in de beleidsregelwaarden voor zzp- en vpt-prestaties in de ouderenzorg en gehandicaptenzorg.
-
Voor prestaties die in het kostenonderzoek langdurige zorg (met prijspeil 2022) zijn meegenomen, volgt in 2026 een correctie, omdat infectiepreventie toen nog niet was meegenomen. Dit geldt ook voor de Wlz-prestatie Crisiszorg vv met behandeling (Z110). Voor prestaties buiten dit onderzoek is infectiepreventie al vanaf 2024 opgenomen en blijft dit ongewijzigd.
-
Het Ministerie van VWS heeft een opdracht gegeven om de bekostiging coördinatiekosten levensloopaanpak per 1 januari 2026 vorm te geven in de bekostiging van de zorg in natura van Wlz-cliënten. Het doel van de prestatie 'Ketenveldnorm levensloopfunctie en beveiligde intensieve zorg' (H540) is om regionaal een geïntegreerd en domeinoverstijgend zorgaanbod te organiseren en te leveren voor personen van 18 jaar en ouder, die potentieel gevaarlijk gedrag vertonen als gevolg van een psychische aandoening, een verstandelijke beperking, een verslaving of hersenletsel.
-
De prestatiebeschrijving van de Toeslag kdc is aangepast op basis van de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza).
-
De prestaties Z212, Z213, Z222 en Z223 zijn vervallen omdat dit prestaties zijn ten behoeve van cliënten die te maken hebben met voortgezet verblijf waarvoor de indicatie niet meer wordt afgegeven. De prestatie V553 vervalt omdat volgens de wet lvg5 niet in vpt of mpt ingekocht mag worden. De prestaties V573, V711, V712, V713, V814 en V815 vervallen omdat dit prestaties zijn op een profiel dat alleen nog maar intramuraal verzilverd mag worden. Vpt is hierbij formeel geen optie.
-
De voorwaarden voor het mogen declareren van overbruggingszorg prestaties zijn gewijzigd.
-
De aanvullende voorwaarden voor het mogen declareren van de prestaties zzp en vpt vv10 zijn tekstueel aangepast ten behoeve van eenduidige interpretatie.
-
Voor de toeslag Huntington (Z920 en V920) zijn de voorwaarde, grondslag en doelgroep aangepast.
-
In de prestatiebeschrijving van Mutatiedag vv is de grondslag aangepast door niet meer te verwijzen naar een toelating, omdat sinds de Wet toelating zorginstellingen (Wtzi) in 2022 is vervangen door de Wtza geen toelatingen meer worden afgegeven aan instellingen.
-
De verzachting van de tariefmaatregelen voor de V&V-sector, die partijen zijn overeengekomen in het Hoofdlijnenakkoord ouderenzorg (HLO), is op aanwijzing van de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) verwerkt in de beleidsregelwaarden van de prestaties voor zzp en vpt VV 1 t/m 10.
-
De beleidsregelwaarden voor de prestaties Beveiligde zorg LZ niveau 2 (Z1007) en Beveiligde zorg LZ niveau 3 (Z1008) zijn van oudsher afgeleid van vergelijkbare tarieven in de Zvw. In het kostenonderzoek ggz/fz is voor de loon- en materiële kosten van deze beide prestaties een nieuw normbedrag vastgesteld. Daarnaast zijn de kapitaallastencomponenten voor deze prestaties op dezelfde wijze als voorheen vastgesteld. De loon- en materiële kosten vormen samen met de kapitaallastencomponent de basis voor de nieuwe beleidsregelwaarden vanaf het jaar 2026.
|
|
Beleidsregel normatieve huisvestingscomponent (nhc) en normatieve inventariscomponent (nic) geestelijke gezondheidszorg, forensische zorg en langdurige zorg - BR/REG-26126a
|
-
In deze versie van de beleidsregel zijn verbeteringen in de opmaak doorgevoerd ten opzichte van de vorige versie van de beleidsregel.
-
VWS heeft op 16 september 2025 de definitieve kaderbrief Wlz 2026 gepubliceerd. Daarin is opgenomen dat VWS de impact van het onderzoek naar duurzaamheid en brandveiligheid op het gebied van de normatieve huisvestingscomponent heeft verwerkt (€400 miljoen structureel). Daarmee heeft VWS duidelijkheid gegeven over het macrokader Wlz 2026. Dat maakte mogelijk dat ook voor de langdurige zorg de investeringsbedragen (exclusief grondkosten) worden verhoogd per 2026 (voor de ggz en de fz was dat al gedaan). Artikel 4, tiende lid, is hierop aangepast. Zie voor de definitieve kaderbrief Wlz 2026 de volgende link: Kamerbrief over definitieve kaderbrief Wlz 2026 en het indicatieve Wlz-kader voor de jaren 2027-2030 | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl
|
|
Beleidsregel normatieve huisvestingscomponent (nhc) en normatieve inventariscomponent (nic) gespecialiseerde ggz, forensische zorg en langdurige zorg 2026 - BR/REG-26126
|
-
De beleidsregel is geactualiseerd voor het jaar 2026. Ook zijn enkele tekstuele wijzigingen aangebracht in artikel 1, 4, 5 en 6, alsmede in de toelichting.
-
In de algemene toelichting is de verwijzing naar eerstelijnsverblijf (elv) verwijderd. Zie de Beleidsregel eerstelijnsverblijf voor meer informatie over de elv.
-
In de algemene toelichting is de alinea 'Verhoging nhc vanwege duurzaamheid' verwijderd. In artikel 4, tiende lid stond al een tekst die hiermee inhoudelijk overeen kwam.
-
In de artikelsgewijze toelichting is de volgende zin verwijderd 'Deze beleidsregel is van toepassing op alle zorgaanbieders die geestelijke gezondheidszorg en/of fz in combinatie met de functie verblijf leveren of zorg leveren binnen de Wlz. Dat is gedaan omdat niet het type zorgaanbieder bepalend is, maar het type zorg dat wordt geleverd zoals beschreven in artikel 3, Reikwijdte.
-
Er zijn verduidelijkingen toegevoegd aan deze beleidsregel. Hiermee zijn geen inhoudelijke veranderingen beoogd.
-
In artikel 3 Reikwijdte is de beschrijving van de Wlz-zorg, ggz (Zvw)-zorg en fz-zorg geconcretiseerd.
-
In artikel 6 Integraal tarief is de beschrijving van de Wlz-zorg, ggz (Zvw)-zorg en fz-zorg geconcretiseerd.
-
In artikel 6 Integraal tarief is korter en in meer algemene zin tot uitdrukking gebracht dat een integraal tarief niet wordt gedeclareerd op basis van de voorliggende beleidsregel, maar op basis van de (tarief)beschikking en de regelgeving die voor een domein en/of sector geldt. De voorliggende beleidsregel is slechts van invloed op die beschikking en regelgeving.
-
In de toelichting op artikel 3 Reikwijdte is verduidelijkt dat niet het type zorgaanbieder bepalend is, maar het type zorg dat wordt geleverd. Het primaire aangrijpingspunt is de zorg.
-
In de toelichting op artikel 5 Uitgangspunten nic is de beschrijving voor de ggz (Zvw) en fz verduidelijkt.
-
Aanpassingen in het kader van uitgevoerd onderzoek naar wijzigingen in wet- en regelgeving m.b.t. duurzaamheid en brandveiligheid.
-
Verschillende documenten die eerder in de voetnoot zijn genoemd of als bijlage bij de beleidsregel zijn opgenomen, zijn gepubliceerd op puc.overheid.nl/nza en tevens op deze site als relatie bij de beleidsregel vermeld. Ook zijn een aantal nieuwe documenten als relatie toegevoegd, dit betreft in 2025 afgeronde onderzoeken en een brief van VWS.
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven gespecialiseerde zorg Wlz 2026 - BR/REG-26127 -
|
-
Gespecialiseerde zorg kan vanaf 2026 voor zeven doelgroepen in plaats van vijf doelgroepen worden gedeclareerd omdat de Regeling langdurige zorg is gewijzigd. Met ingang van 2026 is daarom sprake van vijf nieuwe prestaties met bijpassende maximumtarieven die voorzien in de bekostiging van de gespecialiseerde zorg in combinatie met verblijf in een expertisecentrum.
-
Ook is het mogelijk gemaakt dat cliëntgebonden consultatie en advies kan worden geboden aan cliënten met MS+ en NAH+.
-
Verder is verduidelijkt dat de inzet van een zorgverlener maximaal 32 uur per CCA-traject mag zijn in plaats van per cliënt.
-
Tevens zijn in artikel 5, derde lid, enkele redactionele wijzigingen aangebracht en is een deel van de tekst verwijderd omdat dit geen beleid was, maar slechts toelichtend.
-
Ten slotte zijn in artikel 6 de beleidsregelwaarden geactualiseerd.
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijvingen en tarieven verkeerde bed Wlz 2026 - BR/REG-26128
|
-
De beleidsregel is geactualiseerd voor het jaar 2026.
-
De beleidsregelwaarde voor de prestatie Verkeerde bed ggz (Z1005) is van oudsher gebaseerd op de Zvw-prestatie Verblijf met Rechtvaardigingsgrond (VD0058). De prestatie Verblijf met rechtvaardigingsgrond vervalt per 1 januari 2026. In het kostenonderzoek ggz/fz is er voor de prestatie Verblijf met rechtvaardigingsgrond nog wel een kostprijs voor de loon- en materiële kosten berekend. Deze loon- en materiële kosten vormen samen met de kapitaallastencomponent de basis voor de nieuwe beleidsregelwaarde vanaf het jaar 2026.
|
|
Beleidsregel definities Wlz - BR/REG-26145
|
|
|
Beleidsregel BRMO-uitbraak - BR/REG-26143
|
-
De Beleidsregel BRMO-uitbraak is destijds tot stand gekomen op basis van drie richtlijnen (richtlijn MRSA verzorgingshuis, richtlijn MRSA verpleeghuis en richtlijn BRMO) van de Werkgroep Infectie Preventie (WIP) die voorschrijven hoe omgegaan moet worden met brmo's in Wlz-instellingen. Aangezien deze WIP-richtlijnen in 2025 zijn vervangen door twee nieuwe richtlijnen (richtlijn MRSA in de langdurige zorg en richtlijn BRMO in de langdurige zorg) van het Samenwerkingsverband Richtlijnen Infectiepreventie, is de Beleidsregel BRMO-uitbraak hierop aangepast. Het beleid wordt nu gebaseerd op deze twee laatste richtlijnen. Indien van toepassing worden de twee nieuwe richtlijnen gebruikt bij het bepalen van de kosten van een BRMO-uitbraak in de nacalculatie-opgaven vanaf 2026.
|
|
Beleidsregel experiment zinnig en simpel verantwoorden - BR/REG-24150
|
Geen nieuwe versie vastgesteld.
|
|
Beleidsregel knelpuntenprocedure budgettair kader Wlz - BR/REG-24144
|
Geen nieuwe versie vastgesteld.
|
|
Beleidsregel overheveling ggz budget Wlz-Zvw - BR/REG-18138
|
Geen nieuwe versie vastgesteld.
|
|
Beleidsregel overige kosten Wlz 2026 - BR/REG-26129
|
-
De beleidsregel is geactualiseerd voor het jaar 2026.
-
In artikel 5, tabel 1 zijn de bedragen geïndexeerd op basis van de definitieve materiële kostenindex 2025.
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijving en tarief zzp-meerzorg Wlz - BR/REG-26130
|
-
De beleidsregel is geactualiseerd voor het jaar 2026.
-
In Tabel 1 van artikel 7 zijn de geïndexeerde waarden opgenomen, evenals de definitieve indexen voor 2025 en de voorlopige indexen voor 2026.
|
|
Beleidsregel prestatiebeschrijving en tarieven advies crisis- en ondersteuningsteam (COT) 2026 - BR/REG-26131
|
-
De beleidsregel is geactualiseerd voor het jaar 2026.
-
In Tabel 1 van artikel 9 zijn deze geïndexeerde waarden opgenomen, evenals de definitieve indexen voor 2025 en de voorlopige indexen voor 2026.
-
De NZa heeft een kostenonderzoek uitgevoerd voor de langdurige zorg. Op basis van dit onderzoek zijn per 2026 onder andere twee prestaties herijkt: Begeleiding speciaal (psy)) (H153) en Behandeling paramedisch (H330). De beleidsregelwaarde voor de prestatie COT advies begeleider) (COT02) is afgeleid van de beleidsregelwaarde voor de prestatie Begeleiding speciaal (psy) (H153). De beleidsregelwaarde voor de prestatie COT advies paramedisch) (COT06) is afgeleid van de beleidsregelwaarde van de prestatie Behandeling paramedisch (H330). Voor de prestaties COT02 en COT06 zijn daarom, op basis van het kostenonderzoek langdurige zorg, per 2026 nieuwe afgeleide beleidsregelwaarden vastgesteld.
|
|
Beleidsregel Wlz-zorgaanbieders met tandartspraktijk 2026 - BR/REG-26132
|
|