Onderwerp: Bezoek-historie

Beleidsregel Prestaties en tarieven geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg - BR/REG-22137b
Geldigheid:01-01-2022 t/m 31-12-2022Versie:vergelijk Vergelijk met Beleidsregel prestaties en tarieven gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg - BR/REG-21134, versie: 1: 01-01-2021 t/m 31-08-2021  X

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Gelet op artikel 57, eerste lid, onderdeelonderdelen b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) juncto artikel 6 van het Besluit uitbreiding en beperking werkingssfeer Wet marktordening gezondheidszorg (Bub Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen.

Gelet op artikel 52, aanhef en onderdeel e, van de Wmg, worden tarieven die uit de voorliggende beleidsregel voortvloeien ambtshalve vastgesteld door de NZa.

Gelet op: artikel 59, aanhef en onder a en b, van de Wmg, heeft de minister van VWS met brief van 14 december 2020, met kenmerk 1795863-215660-PZo, ten behoeve van de voorliggende beleidsregel een aanwijzing op grond van artikel 7 van de Wmg, aan de NZa gegeven.

1. Reikwijdte

Deze beleidsregel is van toepassing op geneeskundige geestelijke gezondheidszorg (ggz) als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (Zvw), niet zijnde generalistische basis-ggz. Dit wordt verder aangeduid als gespecialiseerde ggz.

Voorzover geen sprake is van zorg als omschreven in de vorige zin, is deze beleidsregel van toepassing op handelingen1 of werkzaamheden2 op het terrein van de gespecialiseerde ggz, uitgevoerd door of onder verantwoordelijkheid van personen, ingeschreven in een register als bedoeld in artikel 3, van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) of door personen als bedoeld in artikel 34 van de Wet BIG.

2. Doel van de beleidsregel

Het doel van deze beleidsregel is om vast te leggen op welke wijze de NZa gebruikmaakt van haar bevoegdheid om de prestatiebeschrijvingen en tarieven vast te stellen op het gebied van de gespecialiseerde ggz.

3. BegripsbepalingenHOOFDSTUK 1 ALGEMEEN

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

3.1 acute psychiatrische hulpverlening

Hulpverlening die deel uitmaakt van de gespecialiseerde ggz en welke gericht is op personen in een crisissituatie waarvan het vermoeden bestaat dat zij een acute psychiatrische stoornis hebben. De zorg wordt geleverd conform de generieke module acute psychiatrie.

3.2 dagbesteding

Er kunnen vijf vormen van dagbesteding geregistreerd worden in de gespecialiseerde ggz. Doel is het bevorderen, behouden of compenseren van de zelfredzaamheid van de patiënt. Dagbesteding vindt altijd plaats in het kader van de (psychiatrische) behandeling en is terug te vinden in het behandelplan van de patiënt.

3.3 dbc: diagnose-behandelcombinatie

Een dbc omvat het traject dat een patiënt doorloopt als hij zorg nodig heeft voor een specifieke diagnose, vanaf het eerste contact bij een gespecialiseerde ggz-aanbieder tot en met de behandeling die hier eventueel uit volgt. De dbc vormt de basis voor de declaratie van deze geleverde zorg.

3.4 initiële dbc

Een dbc die wordt geopend voor een eerste of nieuwe primaire zorgvraag van een patiënt. De initiële dbc is altijd de eerste dbc binnen een zorgtraject.

3.5. onderlinge dienstverlening

Een (deel)prestatie die een zorgaanbieder levert als onderdeel van door een andere zorgaanbieder te verlenen zorg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wmg prestatie op het gebied van gespecialiseerde ggz. De eerstgenoemde zorgaanbieder wordt in dit kader aangeduid als ‘uitvoerende zorgaanbieder’. De laatstgenoemde zorgaanbieder wordt in dit kader aangeduid als de ‘opdrachtgevende zorgaanbieder’.

3.6 overige deelprestatie

Een deelprestatie binnen de dbc-systematiek, niet zijnde een deelprestatie verblijf. Een overige deelprestatie is niet hetzelfde als een overig zorgproduct.

3.7 overig zorgproduct (ozp)

Vorm van zorg die onder de reikwijdte van de Wmg valt, maar die zich (nog) niet leent voor onderbrenging in de reguliere dbc of zzp-ggz. Een overig zorgproduct is niet hetzelfde als een overige deelprestatie. In bijlage 4 van de Regeling medisch specialistische zorg (msz) overige zorgproducten per segment kan de NZa andere ozp’s aanmerken als “door ggz te declareren”, waardoor die ozp’s door zorgaanbieders van ggz te declareren zijn.

Vanaf 1 januari 2020 zijn de ozp’s eerstelijnsdiagnostiek opgenomen in de tarieven en niet meer apart declareerbaar voor de gespecialiseerde ggz.

3.8 regiebehandelaar

De regiebehandelaars in de gespecialiseerde ggz zijn BIG-geregistreerd en hebben een ggz-specifieke opleiding gevolgd. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen ‘vrijgevestigden’ en ‘instellingen’.

Vrijgevestigden

De volgende beroepen kunnen als vrijgevestigde voorkomen als regiebehandelaar:

  • Psychiater
  • Klinisch psycholoog
  • Klinisch neuropsycholoog
  • Psychotherapeut

Instellingen

De volgende beroepen kunnen binnen een instelling voorkomen als regiebehandelaar:

  • Psychiater
  • Klinisch psycholoog
  • Klinisch neuropsycholoog
  • Psychotherapeut
  • Specialist ouderengeneeskunde
  • Verslavingsarts in profielregister KNMG
  • Gz-psycholoog
  • Klinisch geriater
  • Verpleegkundig specialist ggz

Deze beroepen zijn aangewezen als regiebehandelaar in het model-kwaliteitsstatuut ggz. Het model-kwaliteitsstatuut ggz is een veldnorm die ingeschreven is als professionele standaard in het register van het Zorginstituut Nederland (ZIN) en in werking treedt per 1 januari 2017.

3.9 toeslagen zzp

Een toeslag zzp die in combinatie met een zzp-ggz afgesproken kan worden.

3.10 vervolg-dbc

Een dbc die volgt op een initiële dbc of op een voorgaande vervolg-dbc. Een vervolg-dbc heeft altijd dezelfde primaire diagnose als de eerder afgesloten initiële dbc of vervolg-dbc.

3.11 zorgvraagzwaarte (dbc)

De patiëntkenmerken die bij aanmelding/intake voorspellend zijn voor wat betreft de zorgzwaarte in termen van behandelinzet (duur, setting, behandelminuten) en zorgkosten.

3.12 zorgvraagzwaarte-indicator (dbc)

Indicator van de zorgvraagzwaarte van een patiënt. Deze indicator bestaat uit zeven items van 001 tot en met 007. Daarbij is 000 de code als er geen zorgvraagzwaarte afgeleid kan worden, bijvoorbeeld wanneer de diagnose niet is ingevuld. De laagste complexiteit van zorgvraagzwaarte wordt aangegeven met code 001. De hoogste complexiteit van de zorgvraag wordt weergegeven met 007.

3.13 zzp

Zorgzwaartepakket.

3.14 zzp-ggz

Een zzp-ggz is een volledig pakket van intramurale geestelijke gezondheidszorg met behandeling dat aansluit op de kenmerken van de patiënt en de soort zorg die de patiënt nodig heeft. Een zzp-ggz bestaat uit een beschrijving van het type patiënt (een patiëntprofiel), het aantal uren zorg dat bij dit patiëntprofiel beschikbaar wordt gesteld en een beschrijving van die zorg. Het betreft de volgende prestaties: zzp’s-ggz b3 t/m b7 inclusief en exclusief dagbesteding, zzp-ggz b vmr inclusief dagbesteding, zzp-ggz b vmr exclusief dagbesteding en zzp-ggz klinische intensieve behandeling (kib).

Artikel 1.1 Begripsbepalingen

Acute psychiatrische hulpverlening: Hulpverlening die deel uitmaakt van de geneeskundige ggz en die gericht is op personen in een crisissituatie waarvan het vermoeden bestaat dat zij een acute psychiatrische stoornis hebben. De zorg wordt geleverd conform de generieke module acute psychiatrie.

Behandeling: Activiteiten met als doel stabilisering, begeleiding, herstel of genezing van de klachten van de patiënt zoals vastgesteld in diens behandelplan, uitgevoerd door een zorgverlener die bevoegd en bekwaam is om zelfstandig (een deel van) de behandeling uit te voeren.

Consult: Direct, ononderbroken en zorginhoudelijk contact tussen zorgverlener en (forensische) patiënt en/of naaste(n) van de patiënt. Met ononderbroken wordt bedoeld dat het niet is toegestaan om zonder zorginhoudelijke reden consulten op te delen.

Contact: Een zorginhoudelijk en ononderbroken interactie. Een contact kan zowel ‘face to face’, telefonisch, ‘screen to screen’ als ‘bit to bit’ plaatsvinden. In Artikel 3.2 Registratieverplichtingen verantwoording consulten van de Regeling geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg is vastgelegd hoe dit geregistreerd moet worden.

Diagnose: Classificatie van een aandoening of ziekte conform DSM-5 en/ of het bepalen van de zorgvraagtypering.

Diagnostiek: Activiteiten met als doel (bijdragen aan) het stellen van een diagnose, uitgevoerd door een zorgverlener die hiervoor bevoegd en bekwaam is.

Forensische zorg: Zorg als omschreven bij of krachtens artikel 1.1, tweede lid, van de Wet forensische zorg.

Geneeskundige ggz: Geneeskundige geestelijke gezondheidszorg als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet.

Generieke module acute psychiatrie: Module waarin de inhoud en organisatie van hulpverlening wordt beschreven voor personen in een crisissituatie, waarvan het vermoeden bestaat dat zij een acute psychiatrische stoornis hebben bij wie snel (medisch) ingrijpen noodzakelijk is. De eerste versie hiervan is in maart 2017 vastgesteld door het Netwerk Kwaliteitsontwikkeling GGz.

Klinische opname: Periode waarin de patiënt in het kader van behandeling ’s nachts in de instelling verblijft. Deze periode loopt vanaf moment van opname tot het moment van ontslag.

Kwaliteitsstatuut: Het Kwaliteitsstatuut GGZ zoals dat is ingeschreven bij het Zorginstituut Nederland.

Kwaliteitskader fz: Het geldende Kwaliteitskader Forensische Zorg.

Patiënt: Persoon die op basis van een hulpvraag conform aanspraak (ggz) of een strafrechtelijke titel (fz) zorg ontvangt.

Prestatie: De prestatie zoals bedoeld in artikel 1, onderdeel j, van de Wmg.

Prestatiebeschrijving: De beschrijving van de prestatie zoals bedoeld in artikel 50 lid 1 onderdeel d van de Wmg.

Prestatiecode: De code die hoort bij de prestatie.

Reistijd : De tijd die de zorgverlener, in het kader van een consult, werkelijk besteedt aan het reizen naar en van de patiënt die buiten een locatie van de zorgaanbieder behandeling, begeleiding of verpleging ontvangt.

Setting: Het onderscheid tussen vormen van zorg op basis van benodigde infrastructuur en inzet van verschillende beroepen.

Tarief: Prijs voor een prestatie, een deel van een prestatie of geheel van prestaties van een zorgaanbieder als bedoeld in artikel 1 sub k Wmg.

Uitvoeringsdatum: Datum waarop de prestatie die uitgevoerd is gestart.

UZOVI-code: Unieke Zorgverzekeraarsidentificatie is een identificatie van de zorgverzekeraars in Nederland.

Verblijfsdag: Dag inclusief de daaropvolgende nacht dat een patiënt gedurende een periode van klinische opname in een instelling verblijft. De eerste verblijfsdag is de dag dat de patiënt voor 20:00u is opgenomen. Een dag waarop de patiënt de daaropvolgende nacht niet in een instelling verblijft is geen verblijfsdag. Los van de vraag welke verblijfsdagen gedeclareerd mogen worden, is in het Besluit Zvw art 2:12 bepaald welke dagen meetellen als Zvw-zorg. In het tarief van de verblijfsprestaties is wel de verpleging, verzorging, vaktherapie en dagbesteding meegenomen, maar niet de overige behandeling.

Verwijzer: Verwijzer als bedoeld in artikel 14 lid 2 Zorgverzekeringswet (Zvw).

Verzekerdennummer: Nummer waarmee de patiënt bekend is bij de verzekeraar. Dit nummer wordt verstrekt door de zorgverzekeraar bij inwerkingtreding van de verzekeringspolis.

VOV-personeel: Verpleegkundig, opvoedkundig en verzorgend personeel.

Zorgaanbieder: Zorgaanbieder als bedoeld in artikel 1, onderdeel c van de Wmg.

Zorgverlener: Zorgverlener zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg.

Zorgverzekeraar: Waar in deze Beleidsregel gesproken wordt over de zorgverzekeraar worden zowel de zorgverzekeraars als bedoeld in artikel 1 lid 1 sub f van de Wmg, als de Divisie Forensische zorg/Justitiële Jeugdinrichtingen (ForZo/JJI) van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), onderdeel van het ministerie van JenV, bedoeld. In de fz is ForZo/JJI verantwoordelijk voor het inkopen van fz.

Artikel 1.2 Doel van de beleidsregel

Het doel van deze beleidsregel is om vast te leggen op welke wijze de NZa gebruik maakt van haar bevoegdheid om de tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen op het gebied van de geneeskundige geestelijke gezondheidszorg en de forensische zorg. Aan de hand van deze beleidsregel zal de NZa een tariefbeschikking nemen.

Artikel 1.3 Reikwijdte

Deze beleidsregel is van toepassing op geneeskundige geestelijke gezondheidszorg als omschreven bij of krachtens de Zvw.

Ook is deze beleidsregel van toepassing op forensische zorg als omschreven bij of krachtens artikel 1.1, tweede lid, van de Wet forensische zorg (Wfz).

Tot slot is deze beleidsregel van toepassing op handelingen of werkzaamheden op het terrein van ggz of fz, uitgevoerd door of onder verantwoordelijkheid van personen, ingeschreven in een register als bedoeld in artikel 3 of 34 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg. Het betreft hier de handelingen als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 2°, van de Wmg en werkzaamheden zoals bedoeld in artikel 2, aanhef en eerste lid, onderdeel c, van het Besluit uitbreiding en beperking werkingssfeer Wmg.

Artikel 1.4 Prestatie-indeling

Prestaties binnen de ggz en fz zijn onderverdeeld in:

- Consulten (inclusief groepsconsult)
- Verblijfsdagen
- Toeslagen
- Overige prestaties

HOOFDSTUK 2 CONSULTEN

Artikel 2.1 Consulten diagnostiek en behandeling

Een consult wordt ingedeeld naar:

- Diagnostiek
- Behandeling

Prestatiebeschrijving Consult Diagnostiek

Een consult met enkel als doel het uitvoeren van diagnostiek.

Prestatiebeschrijving Consult Behandeling

Een consult met het doel het uitvoeren van behandeling.

Artikel 2.2 Consulten beroep van de zorgverlener

Een consult wordt ingedeeld naar het beroep van de zorgverlener die het consult heeft geleverd. Voor de afbakening welke zorgverlener tot welk beroep behoort sluiten we aan bij de veldafspraak Consult registrerende beroepen. Alleen onderstaande categorieën beroepen worden gebruikt:

  • Arts (Wet Big artikel 3)
  • Arts-specialist (Wet Big artikel 14)
    • Arts voor verstandelijk gehandicapten
    • Huisarts
    • Internist
    • Kinderarts
    • Klinisch geriater
    • Neuroloog
    • Psychiater
    • Specialist ouderengeneeskunde
  • Gezondheidszorgpsycholoog (Wet Big artikel 3)
  • Klinisch (neuro)psycholoog (Wet Big artikel 14)
    • Klinisch psycholoog
    • Klinisch neuropsycholoog
  • Overige beroepen:
    • Diëtist
    • Ergotherapeut
    • Ervaringsdeskundige werker NLQF 6
    • Fysiotherapeut (Wet Big artikel 3)
    • Ggz-agoog
    • Kinder- en Jeugdpsycholoog NIP
    • Logopedist
    • Maatschappelijk werkende
    • Oefentherapeut
    • Orthopedagoog
    • Orthopedagoog–generalist (Wet Big artikel 3)
    • Physician assistant (Wet Big artikel 3)
    • Psychodiagnostisch werkende
    • Sociaal Juridisch medewerker
    • Sociaal pedagogisch hulpverlener
    • Sociaal werkende
    • Vaktherapeut
    • WO-psycholoog
  • Psychotherapeut (Wet Big artikel 3)
  • Verpleegkundig specialist ggz en Verpleegkundig specialist agz (Wet Big artikel 14)
  • Verpleegkundige (Wet Big artikel 3)

Artikel 2.3 Consulten tijdsindeling

2.3 Lid 1

Een consult wordt ingedeeld in één van onderstaande categorieën op basis van de tijd die een zorgverlener aan het contact besteedt:

  • Consult vanaf 5 minuten
  • Consult vanaf 15 minuten
  • Consult vanaf 30 minuten
  • Consult vanaf 45 minuten
  • Consult vanaf 60 minuten
  • Consult vanaf 75 minuten
  • Consult vanaf 90 minuten
  • Consult vanaf 120 minuten

Prestatiebeschrijving Consult vanaf 5 minuten

Contact vanaf 5 minuten tot 15 minuten.

Prestatiebeschrijving Consult vanaf 15 minuten

Contact vanaf 15 minuten tot 30 minuten.

Prestatiebeschrijving Consult vanaf 30 minuten

Contact vanaf 30 minuten tot 45 minuten.

Prestatiebeschrijving Consult vanaf 45 minuten

Contact vanaf 45 minuten tot 60 minuten.

Prestatiebeschrijving Consult vanaf 60 minuten

Contact vanaf 60 minuten tot 75 minuten.

Prestatiebeschrijving Consult vanaf 75 minuten

Contact vanaf 75 minuten tot 90 minuten.

Prestatiebeschrijving Consult vanaf 90 minuten

Contact vanaf 90 minuten tot 120 minuten.

Prestatiebeschrijving Consult vanaf 120 minuten

Contact vanaf 120 minuten.

2.3 lid 2

Voor asynchrone digitale zorg geldt het volgende. De zorgaanbieder registreert één consult per dag op basis van de totale tijd besteed aan het contact met de patiënt op verschillende momenten van die dag. Deze totale tijd op een dag mag dus onderbroken zijn.

Artikel 2.4 Consulten setting

Een consult wordt ingedeeld in één van de volgende settings:

  • Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II
  • Ambulant kwaliteitsstatuut sectie III – monodisciplinair
  • Ambulant kwaliteitsstatuut sectie III – multidisciplinair
  • Outreachend
  • Klinisch (exclusief forensische en beveiligde zorg)
  • Forensische en beveiligde zorg – klinische zorg
  • Forensische en beveiligde zorg – niet-klinische of ambulante zorg
  • Hoogspecialistisch (ambulant en klinisch, met contractvoorwaarde)

Algemene omschrijving en verantwoording van settings

Onder setting wordt verstaan de levering van zorg in een context die van een andere setting is te onderscheiden door benodigde infrastructuur en inzet van verschillende beroepen. Kenmerken van een setting zijn gebaseerd op de organisatie en uitvoering van de zorg en worden vooraf ingericht. Daarmee bevindt de verantwoording van de setting zich op de keuzes die bij het inrichten worden gemaakt. De patiënt wordt op basis van diens zorgvraag bewust verwezen naar een bepaalde setting.

De patiënt kan binnen één zorgaanbieder van setting wisselen als zijn/haar toestand daar aanleiding voor geeft en/of aard van de zorglevering significant verandert. Op- en afschaling van zorg op het niveau van settings is daarmee inzichtelijk.

Prestatiebeschrijving setting ambulant – kwaliteitsstatuut sectie II

Voor zorg door zorgaanbieders die onder deze sectie van het kwaliteitsstatuut vallen.

In deze setting zal de NZa de volgende prestaties vaststellen voor de categorie beroepen Arts-specialist (Wet Big artikel 14):

  • Diagnostiek indien voor de regiebehandelaar minimaal beroepsopleiding art. 14 wet BIG conform landelijk kwaliteitsstatuut vereist is.
  • Diagnostiek indien voor de regiebehandelaar minimaal beroepsopleiding art. 3 wet BIG conform landelijk kwaliteitsstatuut vereist is.
  • Behandeling indien voor de regiebehandelaar minimaal beroepsopleiding art. 14 wet BIG conform landelijk kwaliteitsstatuut vereist is.
  • Behandeling indien voor de regiebehandelaar minimaal beroepsopleiding art. 3 wet BIG conform landelijk kwaliteitsstatuut vereist is.

Prestatiebeschrijving setting ambulant - kwaliteitsstatuut sectie III – monodisciplinair

Voor zorg door zorgaanbieders die onder deze sectie van het kwaliteitsstatuut vallen. De zorg voldoet aan de kwaliteitscriteria voor instellingen waarbij de extra criteria van setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie III – multidisciplinair niet van toepassing zijn. Daarnaast geldt de operationalisering van aanbieders die voldoen aan sectie III van het kwaliteitsstatuut die binnen de veldafspraken van het zorgprestatiemodel is vastgelegd.

Prestatiebeschrijving setting ambulant - kwaliteitsstatuut sectie III - multidisciplinair

Voor zorg door zorgaanbieders die onder deze sectie van het kwaliteitsstatuut vallen en daarmee voldoen aan alle eisen van Setting ambulant - kwaliteitsstatuut sectie III – monodisciplinair. Daarnaast zijn onderstaande extra criteria van toepassing.

Bij de behandeling van een patiënt (los van de diagnostiek fase) zijn vanwege hun eigen expertise meerdere beroepen betrokken. Buiten de regiebehandelaar hebben meerdere verschillende beroepen tijdens de behandelfase contact met de patiënt. De verschillende beroepen kunnen elkaar niet vervangen en tijd kan niet onderling uitbesteed of verdeeld worden. Het multidisciplinaire karakter van de zorgaanbieder komt tot uitdrukking in het kwaliteitsstatuut, de toegepaste zorgstandaarden, behandelprogramma’s of andere documentatie waarin de aanbieder zijn aanbod beschrijft. Uitvoerende onderdelen van het behandelplan worden door verschillende beroepen gegeven. Afstemming tussen beroepen in het Multidisciplinair Overleg (MDO) is verplicht voor uitvoering van de behandeling en de bewaking van de kwaliteit en is structureel ingebed.

Prestatiebeschrijving setting Outreachend

De setting outreachend geldt voor wijkgerichte zorg die wordt geleverd door een multidisciplinair team. De zorg in de setting outreachend is flexibel georganiseerd, in locaties en in intensiteit. De zorg is patiëntvolgend in tijdstippen en er is beschikbaarheid van zorg geregeld buiten kantoortijden. Er is aantoonbaar nauwe samenwerking en goede afstemming met de crisisdienst, huisarts, familie of andere naasten, en andere hulpverleners of ketenpartners die van belang zijn voor een individuele patiënt. Indien nodig wordt de zorg op pro-actieve wijze geleverd als de patiënt (tijdelijk) zorgmijdend is en diens psychische toestand dat rechtvaardigt.

Prestatiebeschrijving setting Klinisch (exclusief forensische en beveiligde zorg)

Voor zorg tijdens een klinische opname.

Prestatiebeschrijving setting Forensische en beveiligde zorg – klinische zorg

Klinische behandeling van patiënten die zijn aangewezen op zorg in een beveiligde setting (zowel materieel als de inzet van personeel). De zorg wordt geleverd in een besloten en beveiligde gespecialiseerde voorziening. Er worden (delict)gevaarlijke patiënten behandeld met en zonder een forensische titel. Binnen deze setting wordt risicogestuurd gewerkt, bijvoorbeeld door gebruik van gevalideerde taxatie-instrumenten. Risico’s worden in het zorgplan opgenomen, met cliënten besproken en structureel geëvalueerd. Als mensen met (een risico op) gevaarlijk gedrag binnen de geneeskundige ggz zonder strafrechtelijke titel zijn geïncludeerd binnen de ketenveldnorm voor de levensloopfunctie en beveiligde intensieve zorg dan geldt deze werkwijze.

Prestatiebeschrijving setting Forensische en beveiligde zorg – niet-klinische of ambulante zorg

Behandeling en begeleidingsactiviteiten van patiënten die zijn aangewezen op zorg in een forensische setting buiten de beveiligde omgeving van een kliniek. Er worden (delict)gevaarlijke patiënten behandeld met en zonder een forensische titel. Binnen deze setting wordt risicogestuurd gewerkt, bijvoorbeeld door gebruik van gevalideerde taxatie-instrumenten. Risico’s worden in het zorgplan opgenomen, met cliënten besproken en structureel geëvalueerd. Als mensen met (een risico op) gevaarlijk gedrag binnen de geneeskundige ggz zonder strafrechtelijke titel zijn geïncludeerd binnen de ketenveldnorm voor de levensloopfunctie en beveiligde intensieve zorg dan geldt deze werkwijze.

Prestatiebeschrijving setting Hoogspecialistisch ggz (ambulant en klinisch, met contractvoorwaarde)

Voor hoogspecialistische zorg die vanwege de zeldzaamheid, ernst en/of complexiteit van de zorgvraag van de patiënt in zijn geheel is ingericht op het kunnen leveren van multidisciplinaire, intensieve zorg. De geboden zorg vereist een specifieke infrastructuur of (medisch-)specialistische kennis, expertise of vaardigheden. Door dit vereiste is er een sterke vertegenwoordiging van specialistische professionals in het behandelteam dat binnen de setting werkt. Vanwege (het opbouwen van) de benodigde kennis en infrastructuur is concentratie van deze zorg nodig. Binnen deze setting worden ook een second opinion en consultatiefunctie vervuld voor andere aanbieders. Daarnaast wordt vanuit de hoogspecialistische setting kennis verspreid naar de andere settingen.

In de tariefbeschikking zal de NZa opnemen dat prestaties binnen de setting Hoogspecialistisch (ambulant en klinisch, met contractvoorwaarde) alleen gedeclareerd mogen worden indien er schriftelijke overeenstemming is tussen zorgaanbieder en zorgverzekeraar over het gebruik van die setting.

Artikel 2.5 Groepsconsult

Bij een consult met twee of meer patiënten is sprake van een groepsconsult. De prestatie groepsconsult betreft een eenheid vanaf 30 minuten contact per zorgverlener per patiënt. Een groepsconsult wordt ingedeeld in één van onderstaande categorieën, op basis van alle patiënten die aanwezig zijn geweest op enig moment binnen de eenheid van 30 minuten. Niet-aanwezige patiënten tellen niet mee voor de groepsgrootte. Indien meerdere behandelaren het groepsconsult leveren kan iedere zorgverlener apart een groepsconsult declareren. Voor de telling tellen patiënten vanuit alle financieringsstromen mee. In het geval dat vaktherapie wordt gegeven in groepen van zowel opgenomen als ambulante patiënten, dan tellen opgenomen patiënten mee voor de groepsgrootte, ook al kan vaktherapie voor opgenomen patiënten niet los worden gedeclareerd omdat vaktherapie is opgenomen in het tarief voor een verblijfsdag.

  • Consult per patiënt in groep 2 patiënten
  • Consult per patiënt in groep 3 patiënten
  • Consult per patiënt in groep 4 patiënten
  • Consult per patiënt in groep 5 patiënten
  • Consult per patiënt in groep 6 patiënten
  • Consult per patiënt in groep 7 patiënten
  • Consult per patiënt in groep 8 patiënten
  • Consult per patiënt in groep 9 patiënten
  • Consult per patiënt in groep vanaf 10 patiënten

Groepsconsulten worden niet ingedeeld naar:

  • Artikel 2.1 Consulten diagnostiek en behandeling
  • Artikel 2.3 Consulten tijdsindeling
  • Artikel 2.4 Consulten setting

Bij een groepsconsult zijn toeslagen niet mogelijk.

4. Soorten prestatiesHOOFDSTUK 3 VERBLIJFSDAGEN

Zorgprestaties binnen de gespecialiseerde ggz zijn onderverdeeld in:

  • Diagnose-behandelcombinatie (dbc)
  • Zorgzwaartepakketten ggz (zzp-ggz)
  • Overige zorgproducten (ozp)
  • Onderlinge dienstverlening (odv)

In Figuur 1 staat een overzicht van deze zorprestaties. In paragraaf 4.1 wordt beschreven hoe de verschillende typen zorgprestaties worden afgebakend en hoe ze eventueel samen kunnen lopen. Ook worden enkele overgangsbepalingen aan de orde gesteld. In de paragrafen 4.2 tot en met 4.5 staan bepalingen die specifiek gelden voor een type zorgproduct.

2017-12-13 09_19_14-BR-REG-18119 Prestaties en tarieven gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg

Figuur 1 overzicht zorgprestaties in de gespecialiseerde ggz

Artikel 3.1 Prestaties verblijfsdag ggz

Een verblijfsdag is een zelfstandige prestatie en hoeft niet gekoppeld te zijn aan een consult. Een verblijfsdag is inclusief dagbesteding en vaktherapie. Een verblijfsdag in de ggz heeft één van de volgende verzorgingsgraden. De verzorgingsgraden zijn uitgewerkt in bijlage 1.

  • Verblijfsdag A ggz (lichte verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag B ggz (beperkte verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag C ggz (matige verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag D ggz (gemiddelde verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag E ggz (intensieve verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag F ggz (extra intensieve verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag G ggz (zeer intensieve verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag H ggz (high intensive care (hic))
  • Verblijf met rechtvaardigingsgrond ggz (VMR)

Een verblijfsdag heeft één van de volgende beveiligingsniveaus. De beveiligingsniveaus zijn uitgewerkt in bijlage 3.

  • Geen
  • Beveiligingsniveau 2
  • Beveiligingsniveau 3
  • Beveiligingsniveau 4

De NZa combineert de verzorgingsgraden en beveiligingsniveaus in de volgende prestaties:

  • Verblijfsdag A t/m A4
  • Verblijfsdag B t/m B4
  • Verblijfsdag C t/m C4
  • Verblijfsdag D t/m D4
  • Verblijfsdag E t/m E4
  • Verblijfsdag F t/m F4
  • Verblijfsdag G t/m G4
  • Verblijfsdag H
  • VMR

4.1 Algemene bepalingenArtikel 3.2 Prestaties verblijfsdag fz

Een 4.1.1 Afbakening dbc versus zzp-ggz verblijfsdag is een zelfstandige prestatie en hoeft niet gekoppeld te zijn aan een consult. Een verblijfsdag is inclusief dagbesteding en vaktherapie. Een verblijfsdag heeft één van de volgende verzorgingsgraden. De verzorgingsgraden zijn uitgewerkt in bijlage 2.

  • Verblijfsdag A fz (lichte verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag B fz (beperkte verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag C fz (matige verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag D fz (gemiddelde verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag E fz (intensieve verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag F fz (extra intensieve verzorgingsgraad)
  • Verblijfsdag G fz (zeer intensieve verzorgingsgraad)

Gespecialiseerde ggz omvat geneeskundige ggz als omschreven bij of krachtensEen verblijfsdag heeft één van de Zvw, behalve de generalistische basis-ggzvolgende beveiligingsniveaus. Dit omvat behandeling al dan niet gecombineerd met verblijfDe beveiligingsniveaus zijn uitgewerkt in bijlage 3.

  • Beveiligingsniveau 1
  • Beveiligingsniveau 2
  • Beveiligingsniveau 3
  • Beveiligingsniveau 4

De ggz die geleverd wordtNZa combineert de verzorgingsgraden en valt binnenbeveiligingsniveaus in de kaders van de Zvw, wordt in beginsel bekostigd met een dbc respectievelijk zzp-ggz. In enkele specifieke gevallen en op het moment dat ggz-zorg wordt geleverd die niet binnen het basispakket valt, moet een ozp voor de geleverde zorg in rekening worden gebracht.volgende prestaties:

  • Verblijfsdag A1 t/m A4
  • Verblijfsdag B1 t/m B4
  • Verblijfsdag C1 t/m C4
  • Verblijfsdag D1 t/m D4
  • Verblijfsdag E1 t/m E4
  • Verblijfsdag F1 t/m F4
  • Verblijfsdag G1 t/m G4

Verblijf gericht op behandeling valt onder de Zvw totdat sprake is van totaal 1095 dagen aaneengesloten verblijf met behandeling. Bij het berekenen of er sprake is van 1095 dagen gaat het zowel om verblijf gericht op ggz (onder de Zvw)3 als om verblijf in het kader van een somatische behandeling.

Na deze 1095 dagen intramurale behandeling met verblijf wordt de zorg niet verder bekostigd onder het regime van de Zvw.

BijIn de telling van aaneengesloten verblijf wordt een onderbreking van ten hoogste 30 dagen niet als onderbreking beschouwd, maar deze dagen tellen niet mee voorvolgende gevallen mogen de berekening vandagen dat de 1095 dagen. In afwijking van voorgaande geldt dat onderbrekingen vanwege weekend- en vakantieverlof wel meetellen voor de berekening van de 1095 dagen. Voor enkele specifieke bepalingen over de tellingpatiënt niet aanwezig is, in het bijzonder ten aanzien van het registreren en in rekening brengen van deze dagen, wordt verwezen naar de regeling.gedeclareerd worden als verblijfsdag:

  • ziekenhuisopname;
  • onbegeleid, transmuraal of begeleid verlof;
  • time-out tbs-gestelde;
  • kortdurende terugplaatsing gedetineerden vanuit ggz naar penitentiaire inrichting (pi);
  • no-show klinisch;
  • onttrekking;
  • In verband met het beschikbaar houden van de verblijfsplaats, gedurende de tijdelijke afwezigheid van de patiënt, indien er schriftelijke overeenstemming is tussen zorgaanbieder en zorgverzekeraar.
  • Als er sprake is van ‘fpt-proefverlof’ en ‘fpt-voorwaardelijke beëindiging’ geldt het volgende. Als de patiënt buiten het fpc verblijft en er geen sprake is van een time-out, kunnen er geen verblijfsdagen geregistreerd worden door de fpc. Wanneer de patiënt wordt teruggeplaatst binnen het fpc vanwege een time-out, mogen er wel verblijfsdagen geregistreerd worden.

4.1.2 Bekostigingsonderscheid dbc versus zzp-ggz

Op het moment dat een patiënt wordt doorverwezen naar de gespecialiseerde ggz en hier in behandeling wordt genomen, wordt een dbc-ggz geopend. Op het moment dat er sprake is van 365 aaneengesloten dagen verblijf gericht op behandeling, wordt
vanaf de 366e dag tot en met de 1095e dag de langdurige intramurale op behandeling gerichte ggz bekostigd met een zzp-ggz.

4.1.3 Samenloop dbc, zzp-ggz en ozp

Een zorgaanbieder mag niet tegelijkertijd een zzp-ggz en een dbc-ggz registreren en in rekening brengen voor één en dezelfde patiënt.

Na 365 dagen aaneengesloten verblijf met behandeling worden dus alle dbc’s-ggz gesloten. Dit geldt alleen voor de dbc-ggz. Een zorgaanbieder mag wel een dbc in het kader van medisch specialistische zorg gelijktijdig met een dbc-ggz of een zzp-ggz-registreren en in rekening brengen.

Een zorgaanbieder mag wel een ozp in combinatie met zowel een dbc-ggz als een zzp-ggz registreren en in rekening brengen.

4.2 Prestatiebeschrijvingen dbc’s

Er zijn verschillende soorten dbc’s:

  • Initiële dbc: dit is de dbc die de zorgaanbieder opent voor een eerste of nieuwe primaire zorgvraag van een patiënt. De initiële dbc is altijd de eerste dbc binnen een zorgtraject.
  • Vervolg-dbc: dit is de dbc die volgt op een initiële dbc of een voorgaande vervolg-dbc. Een vervolg-dbc heeft altijd dezelfde primaire diagnose als de eerder afgesloten initiële dbc of vervolg-dbc.
  • Crisis-dbc buiten budget: deze dbc mag in het geval van acute psychiatrische hulpverlening, conform de begripsbepaling, waarvoor geen budget is vastgesteld, worden geopend. Bij een crisis-dbc’s buiten budget moet 1 van de volgende 3 zorgtypes worden geregistreerd: 304 (Acute psychiatrische hulpverlening buiten budget – vervolg binnen budget), 305 (Acute psychiatrische hulpverlening buiten budget – zorgaanbieder geen onderdeel regioplan), 306 (Acute psychiatrische hulpverlening buiten budget – geen regioplan). Zie bijlage 1 in de Regeling gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg: Zorgtypen.

Deelprestaties

Behandeling

Alle dbc’s bevatten de deelprestatie behandeling.

Daarnaast kan een dbc ook bestaan uit:

  • Verblijf: de deelprestaties verblijf omschrijven de verzorgingsgraad (verblijfsintensiteit) van het verblijf. Er zijn acht verzorgingsgraden (A t/m H). Voor verblijf met een verzorgingsgraad A t/m G in een beveiligde setting met beveiligingsniveau 2, 3 en 4 bestaan aparte deelprestaties verblijf. Daarnaast is er een prestatie voor verblijf zonder medische noodzaak, waarvoor een rechtvaardigingsgrond is (VMR).

    De kapitaallasten bij verblijf maken integraal onderdeel uit van de deelprestatie verblijf: per dag dat de patiënt binnen de instelling verblijft, is de normatieve huisvestingscomponent (nhc) voor de kapitaallasten berekend. De nhc is een productie gebonden normatieve vergoeding voor (vervangende) (nieuw)bouw en instandhouding. Hiervoor zijn negen nhc’s aanwezig als onderdeel van het tarief voor de deelprestaties verblijf.

    Er geldt een specifieke nhc voor verblijf in een Psychiatrisch Medische Unit, de nhc PMU.

  • Overige deelprestaties: er zijn de volgende overige deelprestaties:
    • elektroconvulsie therapie (ect)
    • verblijf zonder overnachting (vzo)
    • ambulante methadonverstrekking
    • toeslag tolk gebarentaal / communicatiespecialist
    • toeslag oorlogsgerelateerd psychotrauma
    • voorbereiding zorgmachtiging

Een overzicht van de dbc’s is bij deze beleidsregel gevoegd als Bijlage 1 Prestaties en prestatiebeschrijvingen dbc’s.

4.3 Prestatiebeschrijvingen zzp’sArtikel 3.3 Zzp’s en extramurale parameters voor de forensische zorg

Naast consulten en verblijfsdagen bestaan in de fz zzp’s en extramurale parameters. Zzp’s zijn voor de zorgvorm verblijf met begeleiding, maar zonder behandeling. Voor de zorgvorm voortgezette behandeling met verblijf isambulante begeleiding zijn de zzp-ggz-b-systematiekextramurale parameters van toepassing.

ErDe volgende zzp’s zijn verschillende zzp’s ggzvan toepassing:

  • zzpZzp-ggz b 3c 1 t/m 76 inclusief en exclusief dagbesteding.
  • zzpZzp-ggz b 3vg 1 t/m 7 inclusief en exclusief dagbesteding.
  • zzp-ggz b vmr inclusief dagbesteding
  • zzp-ggz b vmr exclusief dagbesteding
  • zzp-ggz klinisch intensieve behandeling

Deelcomponenten

De tarieven Prestatiebeschrijving zzp’s-c en zzp’s-vg voor de zzp-verblijfsprestaties bestaan uit de volgende componenten:

Er - Zorg en verblijf. zijn twee soorten zzp’s:

​De zzp is opgebouwd uit de volgende deelcomponenten:

  • zzp’s-c (inclusief en exclusief dagbesteding). De zzp’s-c zijn voor patiënten die in de fz verblijven vanwege ondersteunende begeleiding. De NZa stelt de volgende prestaties vast:
    • zzp-c 1 t/m 6 (exclusief dagbesteding);
    • zzp-c 1 t/m 6 (inclusief dagbesteding).
  • zzp's-vg (inclusief en exclusief dagbesteding). De zzp’s-vg zijn voor de specifieke zorg voor de verstandelijk beperkten. Hieronder valt niet de zorg die is gericht op de behandeling van een gedragsstoornis, verslaving of psychiatrische problematiek. De NZa stelt de volgende prestaties vast:
    • zzp-vg 1 t/m 7 (exclusief dagbesteding);
    • ​Zzp-vg 1 t/m 7 (inclusief dagbesteding).
  • Woonzorg
  • Dagbesteding
  • Behandelaars
  • Verblijf
  • Kapitaallasten (nhc)
  • Inventaris (nic)

De zzp is opgebouwd uit de volgende deelcomponenten. Vanuit deze deelcomponenten worden de functies persoonlijke verzorging, verpleging, begeleiding, behandeling en verblijf geleverd.

  • woonzorg
  • dagbesteding
  • begeleiders
  • verblijf
  • kapitaallasten (nhc)
  • inventaris (nic)

In Toeslagen aanvullend op de zzp’s ggz de volgende gevallen mogen de dagen dat de patiënt niet aanwezig is, gedeclareerd worden als zzp-c of zzp-vg:

  • ziekenhuisopname;
  • onbegeleid, transmuraal of begeleid verlof;
  • time-out tbs-gestelde;
  • kortdurende terugplaatsing gedetineerden vanuit ggz naar penitentiaire inrichting (pi);
  • no-show klinisch;
  • onttrekking;
  • in verband met het beschikbaar houden van de verblijfsplaats, gedurende de tijdelijke afwezigheid van de patiënt, indien er schriftelijke overeenstemming is tussen zorgaanbieder en zorgverzekeraar.
  • als er sprake is van ‘fpt-proefverlof’ en ‘fpt-voorwaardelijke beëindiging’ geldt het volgende. Als de patiënt buiten het fpc verblijft en er geen sprake is van een time-out, kunnen er geen verblijfsdagen geregistreerd worden door de fpc. Wanneer de patiënt wordt teruggeplaatst binnen het fpc vanwege een time-out, mogen er wel verblijfsdagen geregistreerd worden.

De zzp’s staan beschreven in Bijlage 4 Prestatiebeschrijvingen zzp’s.

Prestatiebeschrijving extramurale parameters

NaastVoor de zzp’s ggz heeftzorgvorm ambulante begeleiding zijn de NZa toeslagen vastgesteld:extramurale parameters van toepassing.

  • Toeslag Niet-strafrechtelijke forensische psychiatrie
  • Toeslag Vervoer dagbesteding
  • Toeslag Woonzorg jong volwassenen ggz

De NZa stelt de volgende extramurale parameters vast:

  • H300 Begeleiding
  • H150 Begeleiding extra
  • H152 Begeleiding speciaal 1 NAH
  • H153 Gespecialiseerde begeleiding (psy)
  • F125 Dagactiviteit (begeleiding) LZA
  • H811 Dagbesteding VG licht
  • H812 Dagbesteding VG midden
  • H813 Dagbesteding VG zwaar
  • H328 Behandeling
  • H329 Behandeling gedragswetenschapper

In Bijlage 5 Prestatiebeschrijvingen extramurale parameters zijn de prestatiebeschrijvingen van de extramurale parameters opgenomen. Ook staat aangegeven welke module bij de verschillende extramurale parameters mogelijk is.

Deze toeslagen kunnenVoor de extramurale parameters en modules gelden maximumtarieven, zoals bedoeld in combinatie met een zzp-ggz worden geleverd. Een overzichtartikel 50, eerste lid, onderdeel c, van de zzp’s ggz en toeslagen is bij deze beleidsregel gevoegd in bijlageWmg 2 Prestaties en prestatiebeschrijvingen zzp’s ggz. Deze toeslagen zijn alleen van toepassing als is voldaan aan de voorwaarden die voor alle toeslagen gelden en aan de specifieke voorwaarden per afzonderlijke toeslag zoals genoemd in Dit betekent dat prijsafspraken kunnen worden gemaakt op of onder het maximumtarief met een ondergrens van € 0,-bijlage 2 Prestaties en prestatiebeschrijvingen zzp’s ggz.

Alle tarieven zijn inclusief een normatieve kapitaallastencomponent. De kapitaallasten voor extramurale parameters betreft een opslag. Op de kapitaallasten voor extramurale parameters vindt geen nacalculatie plaats.

Jaarlijkse indexatie extramurale parameters. Ons beleid voor de indexering van de extramurale parameters staat beschreven in de beleidsregel ‘Indexatie Wlz’.

4.4 Prestatiebeschrijving overige zorgproducten

Prestaties binnen de gespecialiseerde ggz, niet zijnde dbc- en/of zzp’s ggz, worden overige zorgproducten4 genoemd.

Voor de gespecialiseerde ggz gelden onder andere de volgende ozp’s:

  • Rijbewijskeuringen en informatieverstrekkingen
  • Ozp niet-basispakketzorg consult
  • Ozp niet-basispakketzorg verblijf
  • Consultatie bij euthanasieverzoek op grond van psychisch lijden

In Bijlage 3 Overige zorgproducten zijn de prestatiebeschrijvingen van de bovengenoemde overige zorgproducten opgenomen.

4.5 Onderlinge dienstverlening

Een (deel)prestatie die een zorgaanbieder levert als onderdeel van door een andere zorgaanbieder te verlenen zorg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wmg op het gebied van gespecialiseerde ggz. De eerstgenoemde zorgaanbieder wordt in dit kader aangeduid als ‘uitvoerende zorgaanbieder’. De laatstgenoemde zorgaanbieder wordt in dit kader aangeduid als de ‘opdrachtgevende zorgaanbieder’.

Voor onderlinge dienstverlening geldt de prestatiebeschrijving ‘onderlinge dienstverlening’ zoals opgenomen in Bijlage 4 Onderlinge dienstverlening.

HOOFDSTUK 4 TOESLAGEN

In de tariefbeschikking zal de NZa het voorschrift opnemen dat een toeslag niet zelfstandig gedeclareerd mag worden, maar alleen als toeslag op een consult of een verblijfsdag.

Artikel 4.1 Toeslagen op consulten

Op een consult kunnen de volgende toeslagen van toepassing zijn.

  • Toeslag inzet Tolk vanaf 5 minuten tot 15 minuten.
  • Toeslag inzet Tolk vanaf 15 minuten tot 30 minuten.
  • Toeslag inzet Tolk vanaf 30 minuten tot 45 minuten.
  • Toeslag inzet Tolk vanaf 45 minuten tot 60 minuten.
  • Toeslag inzet Tolk vanaf 60 minuten tot 75 minuten.
  • Toeslag inzet Tolk vanaf 75 minuten tot 90 minuten.
  • Toeslag inzet Tolk vanaf 90 minuten tot 120 minuten.
  • Toeslag inzet Tolk vanaf 120 minuten.
  • Toeslag Reistijd ggz tot 25 minuten
  • Toeslag Reistijd ggz vanaf 25 minuten
  • Toeslag Reistijd fz tot 45 minuten
  • Toeslag Reistijd fz vanaf 45 minuten
  • Toeslag Ambulante methadonverstrekking (ggz en fz)
  • Toeslag repetitieve Transcraniële Magnetische Stimulatie (rTMS) (ggz en fz)
  • Toeslag Spravato

Prestatiebeschrijving Toeslag inzet Tolk

De toeslag inzet tolk is een toeslag voor zorg geleverd aan patiënten met een auditieve beperking en waarvoor de inzet van een tolk gebarentaal/communicatiespecialist noodzakelijk is. Het gaat hierbij om vroegdoven, plots- en laatdoven, slechthorenden, doofblinden en patiënten met een gehoorstoornis tinnitus, hypoacousis, ménière of auditieve verwerkingsproblemen. Daarnaast is de toeslag inzet tolk een toeslag voor zorg geleverd aan patiënten waarbij er een dusdanige taalbarrière is dat conform het “inzetkader talen tolk” de inzet van een erkende talen tolk conform de “kwaliteitsstandaard professioneel tolk” noodzakelijk is. De eenheid van de toeslag is per consult en kent eenzelfde minutenindeling als de consulten.

Algemene prestatiebeschrijving toeslagen Reistijd

De eenheid van de toeslagen Reistijd is per consult. Per consult mag maximaal één toeslag voor reistijd gedeclareerd worden. De toeslag mag daarom de opgetelde reistijd naar en van de patiënt omvatten. Bij doorreis mag de werkelijk besteedde tijd éénmaal worden gedeclareerd.

Prestatiebeschrijving Toeslag Reistijd ggz tot 25 minuten

Reistijd tot 25 minuten in de ggz.

Prestatiebeschrijving Toeslag Reistijd ggz vanaf 25 minuten

Reistijd vanaf 25 minuten in de ggz.

Prestatiebeschrijving Toeslag Reistijd fz tot 45 minuten

Reistijd tot 45 minuten in de fz.

Prestatiebeschrijving Toeslag Reistijd fz vanaf 45 minuten

Reistijd vanaf 45 minuten in de fz.

Prestatiebeschrijving Toeslag Ambulante methadonverstrekking (ggz en fz)

De prestatie is een toeslag op een consult als vergoeding voor verstrekte methadon. De eenheid van de prestatie is per kalendermaand.

Prestatiebeschrijving Toeslag repetitieve Transcraniële Magnetische Stimulatie (rTMS) (ggz en fz)

De toeslag repetitieve Transcraniële Magnetische Stimulatie (rTMS) is een toeslag voor rTMS.

Transcraniële Magnetische Stimulatie (TMS) is een techniek waarbij hersenactiviteit veranderd wordt door middel van een kortdurende magnetische puls. Repetitieve TMS (rTMS) is een therapievorm waarbij hersenactiviteit op lange termijn veranderd kan worden door middel van het herhalend aanbieden van magnetische pulsen. Binnen de toeslag vallen de materiele kosten (zoals aanschaf/lease, onderhoud en afschrijving van het rTMS apparaat en gebruiksartikelen) voor de behandeling middels rTMS en de kosten voor huisvesting.

De eenheid van de toeslag is per consult.

Prestatiebeschrijving Toeslag Spravato

Toeslag voor het intramurale geneesmiddel esketamine neusspray (Spravato®). De prestatiebeschrijving van Spravato wordt gevormd door de artikelomschrijving van het consumentenartikel zoals opgenomen in de G-standaard. Dit vormt de eenheid van de prestatie. Deze toeslag is alleen voor de kosten van het geneesmiddel. De voorzorg, het toedienen en de nazorg kan worden gedeclareerd via de reguliere consulten. In de tariefbeschikking zal de NZa opnemen dat deze toeslag alleen gedeclareerd mag worden als de indicatie is vastgelegd waarvoor Spravato is toegediend. De indicatie is de aandoening waarvoor het medicijn kan worden voorgeschreven.

Het tarief voor de toeslag voor jaar t is gebaseerd op de apotheekinkoopprijs van 1 juni van het jaar t-1 plus btw. Op de apotheekinkoopprijs is de Wet Geneesmiddelenprijzen (Wgp) van toepassing. Op basis van de Wgp stelt het ministerie van VWS twee keer per jaar (april en oktober) maximumprijzen voor geneesmiddelen vast voor de farmaceutische industrie. Het vastgestelde maximumtarief van de NZa mag nooit hoger zijn dan de Wgp-maximumprijs. Daarom wordt het maximumtarief indien nodig, gedurende het jaar, verlaagd tot de Wgp-maximumprijs. Deze herziene maximumtarieven zijn terug te vinden in de G-standaard.

Artikel 4.2 Toeslagen verblijfsdagen

Op een verblijfsdag kunnen de volgende toeslagen van toepassing zijn.

  • Toeslag Oorlogsgerelateerd psychotrauma (alleen op verblijfsdag D ggz)
  • Toeslag Extreem vlucht- en beheersgevaarlijk (fz)
  • Toeslag Sglvg+ bij beveiligingsniveau 2 (fz)
  • Toeslag TBS-patiënt (fz)

Prestatiebeschrijving Toeslag Oorlogsgerelateerd psychotrauma (alleen op verblijfsdag D ggz)

De toeslag Oorlogsgerelateerd psychotrauma is een toeslag voor zorg geleverd aan patiënten met een ernstige verstoring in het psychiatrisch toestandsbeeld, veroorzaakt door oorlog of oorloggerelateerde vervolging of oorloggerelateerd geweld, waarvoor bovengemiddeld weekendverlof voor het succesvol afronden van de behandeling noodzakelijk is. De eenheid van de toeslag is per verblijfsdag D in de ggz. In de tariefbeschikking zal de NZa opnemen dat de Toeslag Oorlogsgerelateerd psychotrauma alleen gedeclareerd mag worden indien er schriftelijke overeenstemming is tussen zorgaanbieder en zorgverzekeraar over het gebruik van de toeslag.

Prestatiebeschrijving Toeslag Extreem vlucht- en beheersgevaarlijk (fz)

Evbg-patiënten zijn extreem vlucht- en beheersgevaarlijke TBS-patiënten waarbij extra zorg en beveiliging noodzakelijk is. Voor zorg geleverd aan extreem vlucht- en beheersgevaarlijke (evbg) patiënten kan deze toeslag in rekening worden gebracht wanneer de patiënt de evbg-status krijgt van de evbg-commissie. De toeslag heeft een maximumtarief per patiënt per dag.

Prestatiebeschrijving Toeslag Sglvg+ bij beveiligingsniveau 2 (fz)

Deze toeslag verblijf is voor zorg aan personen die veroordeeld zijn onder het volwassen strafrecht met een forensische of strafrechtelijke zorgtitel, die in aanmerking komen voor plaatsing in een beveiligde instelling met een toelating ‘sterk gedragsgestoord, licht verstandelijk gehandicapt met behandeling (sglvg+)’.

Voor de sglvg+ geldt een specifieke toeslag die verband houdt met kapitaallasten (nhc). Het bedrag kan als toeslag worden afgesproken bovenop het integrale tarief voor de deelprestaties verblijf met beveiligingsniveau 2. De verblijfsintensiteit is niet bepalend voor het al dan niet van toepassing zijn van deze toeslag.

Prestatiebeschrijving Toeslag tbs-patiënt (fz)

De setting forensische en beveiligde zorg - klinische zorg is van toepassing voor alle forensische klinische zorg inclusief tbs. Het percentage indirecte tijd bij de behandeling van patiënten met een tbs-titel ligt echter veel hoger dan het gemiddelde binnen deze setting. Het verschil is verwerkt in deze toeslag tbs. Dit is een toeslag per verblijfsdag voor patiënten met een van de volgende forensische titels:

  • Tbs met dwangverpleging, artikel 37a in samenhang met artikel 37b van het Wetboek van Strafrecht;
  • Verlenging tbs, artikel 6:6:10, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering;
  • Bevel voorlopige verpleging, artikel 6:6:11, zesde lid, van het Wetboek van Strafvordering.

HOOFDSTUK 5. Regiebehandelaar OVERIGE PRESTATIES

De regiebehandelaar is verantwoordelijk voor de vastlegging van de daadwerkelijk verleende zorg in de door de NZa vastgestelde prestaties. Daarnaast is de regiebehandelaar verantwoordelijk voor de juistheid van het dbc-traject.

Artikel 5.1 Algemene bepalingen regiebehandelaarschapOverige prestaties

Naast consulten, toeslagen op consulten en de verblijfsdagen bestaan in de ggz de volgende prestaties:

  • Elektroconvulsietherapie ggz regulier
  • Elektroconvulsietherapie ggz complex
  • Elektroconvulsietherapie fz regulier
  • Elektroconvulsietherapie fz complex
  • Repetitieve Transcraniële Magnetische Stimulatie (rTMS) ten behoeve van de rTMS-Technician (ggz en fz)
  • Consultatie bij euthanasieverzoeken (ggz)
  • Onderlinge dienstverlening (ggz en fz)
  • Intercollegiaal overleg kort Setting ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (ggz)
  • Intercollegiaal overleg lang Setting ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (ggz)
  • Forensisch psychiatrisch toezicht (fz)
  • Ambulante dagbesteding (fz)
  • Zorgmachtiging Wet verplichte ggz
  • Rijbewijs: rapport op verzoek CBR voor rekening van de te keuren persoon
  • Rijbewijs: rapport op verzoek politie voor rekening van CBR
  • Rijbewijs: rapport op verzoek CBR voor rekening te keuren persoon, toeslag
  • Rijbewijs: rapport op verzoek politie voor rekening van CBR, toeslag
  • Informatieverstrekking
  • Niet-basispakketzorg consult (ggz)
  • Niet-basispakketzorg verblijf (ggz)
  • Facultatieve prestatie (ggz en fz)
  • Transitieprestatie (ggz en fz)

Prestatiebeschrijving Elektroconvulsietherapie (ECT) (ggz en fz)

De prestatie Elektroconvulsietherapie in de ggz en fz is een prestatie voor elektroconvulsietherapie. Dit is een fysische therapie en betreft behandeling met behulp van fysische technieken, waarbij door middel van het opwekken van een epileptisch insult, uitgelokt door een stroompuls door het hoofd, getracht wordt bepaalde psychiatrische aandoeningen te behandelen.

Binnen de prestatie Elektroconvulsietherapie vallen de materiële kosten (zoals afschrijving, onderhoud van ect-apparatuur en overige materialen), de kosten voor ruimte gebruik, loonkosten van alle betrokken zorgverleners/beroepen en de tijd die een patiënt na de behandeling door brengt op de verkoeverkamer. De prestatie Elektroconvulsietherapie is een integrale prestatie en er mag niet gelijktijdig een (prestatie) consult worden geregistreerd. De prestatie Elektroconvulsietherapie betreft een eenheid per ect-verrichting.

Zoals vermeld in de begripsbepalingenEen prestatie Elektroconvulsietherapie wordt voor het regiebehandelaarschap (volgensingedeeld op basis van de wens van partijen zoals vastgelegd in het model-kwaliteitsstatuut ggz) onderscheid gemaakt tussen ‘instellingenASA-klasse (American Society of Anesthesiologists. Deze typeert de fysieke status van een patiënt en ‘vrijgevestigden’.onderscheidt vijf categorieën: (ASA-klasse 1 t/m 5) onderverdeeld in één van de onderstaande categorieën:

  • Elektroconvulsietherapie ggz – regulier
  • Elektroconvulsietherapie ggz – complex
  • Elektroconvulsietherapie fz – regulier
  • Elektroconvulsietherapie fz – complex

Prestatiebeschrijving Elektroconvulsietherapie ggz - regulier

Elektroconvulsietherapie voor een patiënt in de geneeskundige ggz met ASA-klasse 1 of 2.

Prestatiebeschrijving Elektroconvulsietherapie ggz – complex

Elektroconvulsietherapie voor een patiënt in de geneeskundige ggz met ASA-klasse 3, 4 of 5.

Prestatiebeschrijving Elektroconvulsietherapie fz – regulier

Elektroconvulsietherapie voor een patiënt in de forensische zorg met ASA-klasse 1 of 2.

Prestatiebeschrijving Elektroconvulsietherapie fz – complex

Elektroconvulsietherapie voor een patiënt in de forensische zorg met ASA-klasse 3, 4 of 5.

Prestatiebeschrijving repetitieve Transcraniële Magnetische Stimulatie (rTMS) ten behoeve van de rTMS-Technician (ggz en fz)

De prestatie repetitieve Transcraniële Magnetische Stimulatie (rTMS) ten behoeve van de rTMS-Technician is een prestatie voor rTMS uitgevoerd door een rTMS-Technician.

Transcraniële Magnetische Stimulatie (TMS) is een techniek waarbij hersenactiviteit veranderd wordt door middel van een kortdurende magnetische puls. Repetitieve TMS (rTMS) is een therapievorm waarbij hersenactiviteit op lange termijn veranderd kan worden door middel van het herhalend aanbieden van magnetische pulsen. Binnen deze prestatie vallen de personele kosten voor de rTMS-Technician, de materiele kosten (zoals aanschaf/lease, onderhoud en afschrijving van het rTMS apparaat en gebruiksartikelen) voor de behandeling met rTMS en de kosten voor huisvesting.

Bij Instelling: De zorgaanbieder die declareert met éénde prestatie rTMS ten behoeve van rTMS-Technician wordt de technische uitvoering van onderstaande AGBrTMS gedaan door een rTMS-classificatiecodes. Andere zorgaanbieders worden gelijkgesteld met een vrijgevestigde. Technician, die voldoet aan het accreditatiekader voor de rTMS-Technician van de Stichting Hersenstimulatie.

2017-12-13 09_42_08-BR-REG-18119 Prestaties en tarieven gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg

Ontheffingsregeling regiebehandelaarschapPrestatiebeschrijving Consultatie bij overgang vanuit Jeugdwet euthanasieverzoeken(ggz)

Deze prestatie kan in rekening worden gebracht voor zorg door een psychiater bij een euthanasieverzoek op grond van psychisch lijden. Binnen deze prestatie valt het dossieronderzoek, gesprek met patiënt en naasten, verslaglegging en afsluiting. Het tarief van de prestatie is per 60 minuten.

Prestatiebeschrijving Onderlinge dienstverlening (ggz en fz)

De prestatie onderlinge dienstverlening in de ggz en fz is een prestatie voor zorg die een zorgaanbieder verleent als onderdeel van een door een andere zorgaanbieder uit te voeren prestatie. De eerstgenoemde zorgaanbieder noemt de NZa ‘opdrachtnemende zorgaanbieder’. De laatstgenoemde zorgaanbieder noemt de NZa de ‘opdrachtgevende zorgaanbieder’. Deze prestatie is voor zorg die op zichzelf nog geen volledige prestatie vormt. Voor zorg waar een reguliere prestatie voor is vastgesteld moet die prestatie voor het onderling verrekenen van zorg gebruikt worden.

Prestatiebeschrijving Intercollegiaal overleg setting ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (ggz)

Er geldt een ontheffing opVan de prestatie Intercollegiaal overleg kan alleen gebruik gemaakt worden als er ook sprake is van de lijst met beroepensetting ambulant kwaliteitsstatuut sectie II. De prestatie is voor het regiebehandelaarschapde tijd die besteed wordt door de consulterende zorgverlener voor patiënten die gedurende de behandeling (gestartbij deze zorgverlener onder de Jeugdwet) de 18-jarige leeftijd bereiken (zorgtype 147)behandeling zijn. In dit geval mogen,De prestatie is voor inhoudelijk overleg tussen twee of meer behandelaren genoemd in afwijking op wat hierboven is weergegevenartikel 2.2 Consulten beroep van de zorgverlener, ookwaarbij de onderstaande beroepen voorkomen als regiebehandelaar:verwijzer is uitgesloten. Het overleg moet in het belang zijn van de behandeling van een specifieke patiënt of het systeem rondom de specifieke patiënt. Hierbij is er sprake van een interactie, een direct wederkerig overleg tussen de behandelaren. Het resultaat van het overleg wordt vastgelegd in het patiëntendossier.

  • Kinder- en jeugdpsycholoog5
  • Orthopedagoog generalist6
  • Gz-psycholoog7

Van deze prestatie bestaan twee vormen: kort (van 5 tot 15 minuten) en lang (vanaf 15 minuten).

Forensisch psychiatrisch toezicht (fz)

Deze ontheffing geldt uitsluitend voor de behandeling die afgerond moet worden zodra een patiëntFpt is een intensieve multidisciplinaire samenwerking tussen het fpc en de reclassering bij de 18-jarige leeftijd heeft bereiktuitstroom van tbs-gestelden. Dit wordt als initiële dbc onderDe samenwerking betreft alle beslissingen over de Zvw geregistreerd (zorgtype 147)benodigde behandeling, begeleiding en toezicht ten behoeve van de veilige en geleidelijke terugkeer van de tbs-gestelden in de samenleving. Bij vervolg-dbc’s geldt deze uitzondering nietForensisch psychiatrisch toezicht wordt per dag gedeclareerd.

Uitbreiding regiebehandelaarschap bij toegekende experimenteerruimtePrestatiebeschrijving Ambulante dagbesteding (fz)

Er geldtBij de setting ‘forensische en beveiliging zorg - klinische zorg’ is dagbesteding integraal onderdeel van het verblijfstarief. In aanvulling op behandeling in de setting ‘Forensische en beveiligde zorg – niet-klinische of ambulante zorg’ is het mogelijk om dagbesteding te declareren via deze prestatie ambulante dagbesteding (fz). De prestatie kan ook in combinatie met een ontheffing op de lijst met beroepen voor het regiebehandelaarschap als een zoals in het model-kwaliteitsstatuut benoemde derdeZZP worden gedeclareerd wanneer ook ambulante behandeling wordt geleverd. Het is niet mogelijk om extramurale parameters naast dagbesteding (onafhankelijkebinnen het Zorgprestatiemodel) partij eente declareren. tweezijdig verzoek ontvangt tot uitbreidingDagbesteding wordt per tijdseenheid van het regiebehandelaarschap en goedkeurt60 minuten gedeclareerd.

Het betreffende initiatief kan gebruik maken van een keuzemogelijkheid op dbc-niveau.

Prestatiebeschrijving Zorgmachtiging Wet verplichte ggz

Alleen BIG-geregistreerde beroepen kunnen in aanmerking komen voorDeze prestatie is voor de kosten van het aanvragen van een uitbreiding opzorgmachtiging, wat relatief veel indirecte tijd kost. In de lijst met beroepen voortariefbeschikking zal de NZa het regiebehandelaarschapvoorschrift opnemen dat deze prestatie eenmaal per aanvraag zorgmachtiging gedeclareerd mag worden.

Voorschrift regiebehandelaarPrestatiebeschrijving Rijbewijs keuringen (ggz)

In de tariefbeschikking zal de NZa als voorwaarde opnemen dat de dbc in rekening gebracht kan worden als de regiebehandelaar direct patiëntgebonden tijd heeft besteed aan de patiëntDeze prestaties zijn voor wie wordt gedeclareerd.:

  • Rijbewijs: rapport op verzoek van het CBR voor rekening van de te keuren persoon (houder respectievelijk aanvrager rijbewijs). Deze omvat 15 minuten patiëntgebonden tijd en 15 minuten indirecte tijd (inlezen en rapport schrijven).
  • Rijbewijs: rapport op verzoek van politie, voor rekening van CBR. Deze prestatie omvat 15 minuten patiëntgebonden tijd en 15 minuten indirecte tijd (inlezen en rapport schrijven).
  • Rijbewijs: rapport op verzoek van CBR voor rekening te keuren persoon (houder respectievelijk aanvrager rijbewijs). Deze toeslag bevat 15 minuten direct patiëntgebonden tijd of (met voorwaarden) 15 min indirecte tijd, met een maximum van 2 toeslagen.
  • Rijbewijs: rapport op verzoek van politie voor rekening van CBR. Deze toeslag bevat 15 minuten extra direct patiëntgebonden tijd of 15 minuten indirecte tijd met een maximum van 4 toeslagen.

Prestatiebeschrijving informatieverstrekking

Voor informatieverstrekking aan derden wordt één prestatie onderscheiden met een maximumtarief.

Het betreft hier werkzaamheden die niet tot de te verzekeren prestaties bij of krachtens de Zorgverzekeringswet behoren en aldus door de aanvrager zelf moeten worden betaald, althans niet bij de zorgverzekeraar van de betreffende patiënt ten laste van de Zvw in rekening kunnen worden gebracht.

Voor het declareren van deze prestatie gelden de volgende voorwaarden, voorschriften en beperkingen:

  1. Er dient sprake te zijn van een schriftelijk informatieverzoek afkomstig van een derde (al dan niet via de patiënt) die niet volgt uit zorg- of dienstverlening in het kader van de Zvw;
  2. De informatie dient schriftelijk te worden verstrekt aan de aanvrager;
  3. De patiënt dient schriftelijk toestemming te verlenen voor het verstrekken van de informatie aan de derden;
  4. Naast de declaratie van de prestatie ‘informatieverstrekking aan derden’ mag geen andere prestatiebeschrijving in het kader van de informatieverstrekking in rekening worden gebracht.

Deze prestatie mag niet in rekening worden gebracht:

  1. indien het een informatieverzoek betreft waarvoor bij enig wettelijk voorschrift is bepaald dat zorgaanbieders die informatie kosteloos ter beschikking moeten stellen.
  2. In het kader van zorgverlening waarvoor de zorgaanbieder:
    • de patiënt heeft verwezen, zoals bij een aanvraag/machtiging voor geneesmiddelen, hulpmiddelen;
    • een advies vraagt aan een andere zorgaanbieder.
  3. Voor een (later) gevraagde toelichting of verduidelijking op de verstrekte informatie.

Prestatiebeschrijving Niet-basispakketzorg consult (ggz)

Indien er geen aparte prestatie bestaat voor zorg die niet tot het basispakket behoort, dan kan deze prestatie gebruikt worden in het geval van een consult. Deze prestatie is bedoeld voor patiënten die zorg ontvangen die buiten de aanspraak op de Zvw valt maar wel zorg is zoals omschreven in de Wmg. Het tarief van de prestatie is per 60 minuten.

Prestatiebeschrijving Niet-basispakketzorg verblijf (ggz)

Indien er geen aparte prestatie bestaat voor zorg die niet tot het basispakket behoort, dan kan deze prestatie gebruikt worden in het geval van verblijf. Deze verblijfsprestatie betreft een verblijf met overnachting. Deze verblijfsprestatie is bedoeld voor patiënten die opgenomen zijn om zorg te ontvangen die buiten de aanspraak op de Zvw valt maar wel zorg is zoals omschreven in de Wmg. De behandeling zelf valt niet onder deze prestatie. Het gaat hier uitsluitend om de verblijfskosten.

Prestatiebeschrijving Facultatieve prestatie

  1. Een facultatieve prestatie kan worden aangevraagd door middel van een gezamenlijke aanvraag van ten minste één zorgaanbieder en ten minste één zorgverzekeraar. De aanvraag kan worden ingediend met het formulier ‘Aanvraagformulier facultatieve prestatie ggz/fz’. Het formulier moet volledig worden ingevuld en worden ondertekend. Daarnaast moet de aanvraag aan de volgende voorwaarden voldoen:
    • Uit de prestatiebeschrijving moet concreet en duidelijk blijken wat de inhoud is van de prestatie.

    • Uit de aanvraag blijkt, of in de aanvraag wordt toegelicht, dat de prestatie onder de reikwijdte valt van deze beleidsregel en specifiek geneeskundige ggz of fz betreft.

    • De indieners verklaren dat declaratie van de facultatieve prestatie herleidbaar is tot het niveau van de individuele verzekerde.

    • Het vaststellen van de facultatieve prestatiebeschrijving mag niet tot gevolg hebben dat zorg waarvoor een maximumtarief in rekening kan worden gebracht, zorg wordt waarvoor een vrij tarief in rekening kan worden gebracht.

  2. De NZa neemt na ontvangst van een aanvraag als bedoeld in het eerste lid een besluit met inachtneming van de geldende beslistermijnen uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In het besluit wordt de datum van inwerkingtreding vermeld.
  3. Het besluit bedoeld in het vorige lid is een beschikking als bedoeld in artikel 50, eerste lid, van de Wmg. Het besluit wordt gepubliceerd op de website van de NZa. Het besluit wordt per post gestuurd aan de aanvragende partijen.
  4. Het besluit bedoeld in het tweede lid wordt verwerkt in de eerst volgende nieuwe versie van de tariefbeschikking volgend op de inwerkingtredingsdatum van het besluit.
  5. De facultatieve prestatie kent een vrij tarief.
  6. In de tariefbeschikking zal de NZa opnemen dat een facultatieve prestatie alleen gedeclareerd kan worden indien er schriftelijke overeenstemming is tussen zorgaanbieder en zorgverzekeraar over het gebruik van die facultatieve prestatie.

Prestatiebeschrijving Transitieprestatie

De transitieprestatie is een prestatie voor het afrekenen van het geheel van zorgprestaties. De transitieprestatie heeft een vrij tarief.

Voor geneeskundige ggz kan de transitieprestatie worden toegepast om

  • de door zorgverzekeraar en zorgaanbieder vooraf gezamenlijk bedoelde/gewenste effecten van de overgang naar het Zorgprestatiemodel op te vangen, en/of;
  • de door zorgverzekeraar en zorgaanbieder onvoorziene, en door hen gezamenlijk als ongewenst benoemde, effecten van de overgang naar het Zorgprestatiemodel op te vangen, en/of;
  • de door zorgverzekeraar en zorgaanbieder vooraf gezamenlijk onbedoelde/ongewenste benoemde effecten van de overgang naar het Zorgprestatiemodel, waarbij dit effect het gevolg is van een tekortkoming in het Zorgprestatiemodel zelf,

voor zover die die effecten niet redelijkerwijs binnen de max-max tarieven kunnen worden opgevangen. De gezamenlijke overeenkomst moet tweezijdig (zorgverzekeraar en zorgaanbieder) worden ondertekend.

Voor forensische zorg kan de transitieprestatie worden toegepast om de door zorgaanbieders en DJI vooraf gezamenlijk vastgestelde ongewenste of achteraf gezamenlijk geconstateerde onvoorziene effecten van de overgang naar het Zorgprestatiemodel op te vangen. Over de verdere invulling van deze transitieprestatie wordt een veldafspraak gemaakt.

Artikel 5.2 Overige prestaties Acute ggz binnen budget

Voor de acute ggz binnen budget bestaan de volgende prestaties:

  • Consult Acute ggz binnen budget
  • Verblijfsdag D (gemiddelde verzorgingsgraad) Acute ggz binnen budget
  • Verblijfsdag E (intensieve verzorgingsgraad) Acute ggz binnen budget
  • Verblijfsdag F (extra intensieve verzorgingsgraad) Acute ggz binnen budget
  • Verblijfsdag G (zeer intensieve verzorgingsgraad) Acute ggz binnen budget
  • Verblijfsdag H (high intensive care (hic)) Acute ggz binnen budget

Prestatiebeschrijving

De prestaties Acute ggz binnen budget zijn voor acute psychiatrische hulpverlening bestaande uit de functies triage, beoordeling, beschikbaarheid (outreachende) ambulante crisisbehandeling (inclusief beoordelingsruimte), beschikbaarheid crisisbedden en opname. De zorg wordt geleverd conform de eisen die de generieke module acute psychiatrie stelt aan de organisatie en expertise van het team en de samenwerkingsafspraken (regioplan).

De prestaties Acute ggz binnen budget zijn ter dekking van budget acute ggz.

  • De prestaties Acute ggz binnen budget zijn voor de acute ggz binnen budget gedurende de eerste 3 kalenderdagen.
  • De periode waarin prestaties Acute ggz binnen budget worden geleverd start op de kalenderdag waarop de eerste prestatie in dit kader wordt geregistreerd.

De consulten Acute ggz binnen budget worden gedifferentieerd naar:

  • Beroep van de zorgverlener conform artikel 2.2 van deze Beleidsregel.
  • Tijdsindeling conform artikel 2.3 van deze Beleidsregel.

Er wordt geen onderscheid gemaakt in diagnostiek- en behandelconsulten. Er wordt geen onderscheid gemaakt naar setting.

De toeslagen zijn niet van toepassing bij de prestaties Acute ggz binnen budget.

De prestaties binnen budget hebben een vast tarief als bedoeld in artikel 50 lid 1 sub b van de Wmg

HOOFDSTUK 6. Tarieven TARIEVEN

6.1 Dbc’sArtikel 6.1

Voor de dbc’s geldt dat sprake is van maximumtarieven, zoals bedoeld in artikel 50, eerste lid, onder c, van de Wmg. Dit betekent dat prijsafspraken kunnen worden gemaakt op of onder het maximumtarief met een ondergrens van € 0,-

6.1.1

In aanvulling op hetVoor de volgende prestaties gelden maximumtarieven, zoals bedoeld in artikel 6.1 gestelde50, eerste lid, onder c, van de Wmg. Dit betekent dat prijsafspraken kunnen worden gemaakt op of onder het maximumtarief met een ondergrens van € 0,-. In aanvulling hierop biedt de NZa aan zorgaanbieders een mogelijkheid om tot een maximum van 10% boven het op basis van artikel 6.1 geldende maximumtarief prijsafspraken te maken. Dit is het max-max tarief. Het max-max tarief is een vorm van een maximum tarief. Om hiervoor in aanmerking te komen dient sprake te zijn van een schriftelijke overeenkomst met de zorgverzekeraar.

  • Consulten
  • Verblijfsdagen, zzp’s en extramurale parameters
  • Toeslagen
  • Overige prestaties, met uitzondering van:
    • Facultatieve prestatie
    • Transitieprestatie
    • Overige prestaties Acute ggz binnen budget

6.1.2

Het in rekening te brengen maximale tarief is de som van het maximumtarief als omschreven in artikel 6.1 en indien daarvoor in aanmerking gekomen wordt, de mogelijkheid als omschreven in artikel 6.1.1.

6.1.3 Deelprestatie verblijf-dbc

Op de deelprestaties voor verblijf in de dbc-systematiek is een component voor de normatieve huisvestingscomponent (nhc) van toepassing. De nhc-component is integraal onderdeel van de deelprestatie verblijf.

6.1.4 Tariefopbouw dbc

De NZa heeft in beleidsregels haar beleid voor het vaststellen van de dbc-tarieven vastgelegd. De tarieven zijn in beginsel gebaseerd op de historische kosten van aanbieders. Dit vloeit voort uit de beleidsregel ‘Algemeen kader tariefprincipes curatieve zorg’.

Om de historische kosten van een dbc vast te stellen maakt de NZa gebruik van kostprijsgegevens van aanbieders en gegevens over de gemiddelde tijdsbesteding per dbc uit het DIS. Het door de NZa gehanteerde kostprijsmodel is beschreven in de beleidsregel 'Kostprijsonderzoek ggz en fz en de Beleidsregel tariefopbouw dbc’s, dbbc’s, prestaties generalistische basis-ggz en ozp’s.'

Tariefopbouw overige deelprestaties

Het tarief voor de overige deelprestaties wordt eveneens op basis van kostenonderzoek vastgesteld. Uitzondering hierop zijn de tarieven voor de verrichting ambulante methadonverstrekking (amv) en voorbereiding zorgmachtiging. Het tarief voor amv is gebaseerd op een historisch vastgestelde kostprijs.Het tarief voor de voorbereiding zorgmachtiging is gebaseerd op een expert benadering. In de tarieven is geen vergoeding voor kapitaallasten opgenomen.

6.1.5 Toeslag oorlogsgerelateerd psychotrauma

De toeslag oorlogsgerelateerd psychotrauma kan alleen na overeenstemming met de zorgverzekeraar daarover in rekening worden gebracht. De zorgverzekeraar en de zorgaanbieder dienen deze overeenstemming schriftelijk vast te leggen.

6.1.6 Voorbereiding zorgmachtiging

Het tarief voor de overige deelprestatie voorbereiding zorgmachtiging is gebaseerd op het verschil tussen de gemiddelde inzet van behandelaren binnen diagnostiek dbc’s en de normatieve inzet van een psychiater op basis van de Wet verplichte ggz.

6.2 Zzp-ggzArtikel 6.2

Voor de zzp’s ggz en de toeslagen aanvullend op de zzp’s ggz geldt dat sprake is van maximumtarievenvolgende prestaties gelden vaste tarieven, alszoals bedoeld in artikel 50, eerste lid, onder cb, van de Wmg, met een ondergrens van € 0,-.

Voor de nhc en de nic behorend bij de zzp’s ggz geldt dat deze integraal onderdeel uitmaken van het maximum tarief van de zzp.

6.2.1 Tariefopbouw zzp-ggz

De zzp’s ggz zijn gebaseerd op:

  • een gemiddelde tijdsduur per week, uitgedrukt in direct en indirect patiëntgebonden uren, voor de functies persoonlijke verzorging, verpleging, begeleiding, behandeling;Overige prestaties Acute ggz binnen budget
  • -een bedrag per uur voor deze functies persoonlijke verzorging, verpleging, begeleiding, behandeling;
  • een vast bedrag per dag voor verblijf en als dat van toepassing is de zorggebonden materiële kosten artikel 3.1.1 Wet langdurige zorg onder d.

De NZa heeft het tarief per zzp-ggz berekend door het aantal uur per functie te vermenigvuldigen met het uurbedrag per functie. Hierbij is opgeteld een vast bedrag per dag voor de functie verblijf en als dat van toepassing is de zorggebonden materiële kosten op grond van artikel 15 BZa.

Onderbouwing van de uren per functie per zzp-ggz

De gemiddelde tijdsduur per functie is gebaseerd op de zzp’s die door de staatssecretaris van VWS zijn vastgesteld.

Tarieven in- of exclusief dagbesteding

Voor patiënten die zijn aangewezen op een zzp-ggz met dagbesteding is de component dagbesteding een onlosmakelijk onderdeel van het zzp-ggz. Dagbesteding kan niet apart worden afgesproken. Wel kunnen zorgaanbieders afspraken maken via onderlinge dienstverlening als de dagbesteding door een andere zorgaanbieder wordt geboden dan waar de patiënt verblijft.

Toeslag vervoer dagbesteding

Het onderdeel vervoer heeft uitsluitend betrekking op patiënten die zijn aangewezen op zorg met dagbesteding, waarvoor de dagbesteding wordt aangeboden op een andere locatie dan waar de patiënt verblijft.

Per aanwezigheidsdag waarop vervoer naar de dagbesteding plaatsvindt, kan een normvergoeding voor het vervoer worden afgesproken. Deze vergoeding per dag is voor het vervoer van en naar de locatie waar de dagbesteding wordt aangeboden.

Het uitgangspunt is dat de zzp-ggz prestaties en tarieven inclusief de profielen, bevroren worden in de overgangsfase. Dit wil zeggen dat er geen onderhoud en tariefherijkingen plaatsvinden, met uitzondering van indexering van de tarieven.

6.3 Overige zorgproducten (Ozp’s)

Voor de prestaties overige zorgproducten die de NZa op grond van deze beleidsregel vaststelt c.q. heeft vastgesteld, gelden maximumtarieven, als bedoeld in artikel 50, eerste lid, onderdeel c, van de Wmg.

6.3.1 Tariefopbouw ozp’s

Voor de overige zorgproducten, met uitzondering van de prestaties niet-basispakketzorg consult en niet-basispakketzorg verblijf, geldt dat de tarieven zijn gebaseerd op historisch vastgestelde kostprijzen. In het kader van de overige zorgproducten vinden geen kostenonderzoeken plaats. De hoogte van de tarieven houdt verband met de gemiddelde tijdsduur van de te leveren zorg en de gemiddelde loonkosten. Het tarief voor de ozp niet-basispakketzorg consult is gebaseerd op het gemiddelde van drie zorgproducten van de basis-ggz (licht, middel, zwaar). Het tarief voor de ozp niet-basispakketzorg verblijf is gebaseerd op het gemiddelde van de maximumtarieven van de verblijfscategorieën in de gespecialiseerde ggz. Het maximumtarief van het ozp niet-basispakket consult is gebaseerd op een consult van 60 minuten. Het maximumtarief voor de ozp niet-basispakket verblijf is gebaseerd op een verblijf van 24 uur.

6.4 Onderlinge dienstverleningArtikel 6.3

Voor zorg die in het kader van de prestatiebeschrijving ‘onderlinge dienstverlening’ wordt verleendvolgende prestaties gelden vrije tarieven, geldt een vrij tarief alszoals bedoeld in artikel 50, eerste lid, onderdeelonder a, van de Wmg.

  • Facultatieve prestatie
  • Transitieprestatie

6.5 Jaarlijkse indexatie

De tarieven worden in beginsel jaarlijks geïndexeerd8. Voor wat betreft de loonkosten wordt de index vastgesteld door het ministerie van VWS. Deze index houdt verband met de cao-afspraken. Voor wat betreft de materiële kosten wordt aangesloten bij de prijsindexcijfer particuliere consumptie uit het Centraal Economisch Plan (CEP) van het Centraal Planbureau (CPB).

Voor de kapitaallasten bij behandeling geldt een jaarlijkse indexatie van 2,5%, conform debeleidsregel ‘Normatieve huisvestingscomponent (nhc) en normatieve inventariscomponent (nic) gespecialiseerde ggz, forensische zorg en langdurige zorg’

Het tarief wordt vastgesteld op basis van een voorcalculatie9 voor jaar t en de definitieve indices van jaar t-1. De op het tarief toe te passen index is het gewogen gemiddelde van de loon- en materiële index waarbij wordt uitgegaan van een aandeel van 85% loonkosten en 15% materiële kosten. Dit gewogen gemiddelde geldt niet voor de toeslag vervoer dagbesteding.

6.5.1 Jaarlijkse indexatie vervoer dagbesteding

Het tarief voor de toeslag vervoer dagbesteding wordt geïndexeerd op basis van het prijsindexcijfer materiële kosten.

6.6 Toetsingskader beoordeling db(b)c-productstructuur

Met het oog op de toekomstige tariefvaststelling kan de NZa besluiten tot het houden van een kostprijsonderzoek. De NZa heeft voor het beoordelen van kostprijsonderzoeken criteria vastgelegd in de beleidsregel ‘Toetsingskader beoordeling productstructuur dbc-systematiek’. Daarnaast kan de NZa besluiten om de gegevens die beschikbaar zijn over de zzp’s ggz te gebruiken voor het doorontwikkelen van de productstructuur.

7. Procedure bij tarief en prestatieverzoekHOOFDSTUK 7 WIJZIGINGSVERZOEKEN

Ambtshalve of op aanvraag

Binnen de ggz worden de prestaties en tarieven in beginsel ambtshalve door de NZa vastgesteld. In geval van een wijziging van een bestaande of in geval van een nieuwe prestatie en/of tarief, kan hiertoe een verzoek worden ingediend.

De aanvraag

Naast de hiervoor genoemde ambtshalve vaststelling door de NZa hebben zorgaanbieders en zorgverzekeraars ook de (wettelijk geregelde) mogelijkheid om zelf een aanvraag bij de NZa in te dienen met het verzoek om een nieuwe of een gewijzigde prestatie en/of tarief vast te stellen. In de beleidsregel ‘Toetsingskader beoordeling productstructuur dbc-systematiek’ is beschreven hoe de NZa aanvragen tot vaststelling van nieuwe tarieven en/of prestaties voor de geldende productstructuur behandelt.

Een aanvraag tot een prestatie- en tariefvaststelling in afwijking van de geldende productstructuur c.q. aanvragen tot tariefvaststelling van een overig zorgproduct, moeten aan de volgende criteria voldoen:

- voldoet aan de vereisten van artikel 54 Wmg. Dit houdt in dat de aanvraag een voorstel bevat voor de toe te passen prestatiebeschrijving, het in rekening te brengen tarief en de periode waarvoor het tarief zal gelden. Als de NZa hierover geen nadere regel(s) heeft vastgesteld, moet de aanvraag ook een voorstel bevatten voor degene aan wie, degene door wie en de manier waarop het tarief in rekening wordt gebracht;

- heeft betrekking op de uitvoering van taken die voortvloeien uit nieuwe wet- of regelgeving en die niet kunnen worden ondergebracht bij een bestaande prestatiebeschrijving;

- wordt ondersteund door de representatieve belangenverenigingen.

Artikel 7.1 Formele eisen

Het verzoek moet worden ingediend:

  • Door een zorgaanbieder, een zorgverzekeraar, een vertegenwoordiger van zorgaanbieders of een vertegenwoordiger van zorgverzekeraars;
  • Via het daarvoor bestemde digitale formulier dat is te vinden op de website van de NZa;
  • Inclusief het standpunt van Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en ten minste één branchepartij die de belangen behartigt van zorgaanbieders waarop het verzoek inhoudelijk betrekking heeft, of een verklaring waarom geen standpunt is verstrekt.
  • Voor 1 oktober jaar t-2.

Artikel 7.2 Termijnen

De tijdslijn voor wijzigingsverzoeken ziet er als volgt uit:

  • Vóór 1 oktober t-2 aanvragen ingediend
  • December jaar t-2 publicatie longlist met gevraagde wijzigingen
  • Februari jaar t-1 publicatie shortlist met uitgewerkte voorstellen
  • Juli jaar t-1 publicatie nieuw beleid
  • 1 januari jaar t inwerkingtreding Tariefbeschikking

Jaar t is het jaar waarin de wijziging van kracht wordt. De NZa kan afwijken van deze tijdslijn als zij dit om zorginhoudelijke redenen of andere zwaarwegende belangen nodig vindt.

De NZa communiceert zoveel mogelijk over ingediende wijzigingsverzoeken. Het formele besluitmoment is de Tariefbeschikking, waar ook bezwaar en beroep tegen open staat.

8. Ingangsdatum prestaties en tarieven

8.1 Reguliere tariefvaststelling

Tariefwijzigingen als gevolg van een kostprijsonderzoek of een indexatie worden enkel per 1 januari van het eerstvolgende kalenderjaar doorgevoerd.

8.2 Tussentijdse wijziging

Bij tussentijdse wijziging van het tarief vanwege gegrondverklaring van een bezwaar of beroep of vanwege een herzieningsverzoek, hanteert de NZa de volgende werkwijze. Allereerst wordt het nieuw vast te stellen tarief per jaar berekend. Daarna wordt vastgesteld met ingang van welke datum het nieuwe tarief kan worden gedeclareerd voor prestaties die met ingang van die genoemde datum zijn geopend. De NZa stelt het dan geldende tarief vast door de optelling van het nieuwe tarief en een vast bedrag (compensatiebedrag) ter dekking van het verschil tussen de eerder gedeclareerde bedragen en het nieuwe tarief (dat bedrag kan zowel positief als negatief zijn). Dit compensatiebedrag past de NZa in beginsel enkel in het lopende kalenderjaar toe, tenzij de vaststelling van het nieuwe tarief plaatsvindt in een later kalenderjaar of dit tot onaanvaardbare schommelingen in de hoogte van het te declareren tarief leidt. In die gevallen kan het compensatiebedrag ook in het navolgende jaar worden toegepast. In alle gevallen waarbij sprake is van een tijdelijke compensatie, wordt in de tariefbeschikking de tariefopbouw gespecificeerd weergegeven.

9. Intrekking voorgaande beleidsregel

Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de beleidsregel Prestaties en tarieven gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg, met kenmerk BR/REG-20141a ingetrokken.

10. Overgangsregeling

De beleidsregel ‘Prestaties en tarieven gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg’ met kenmerk BR/REG-20141a blijft van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun grondslag vinden in die beleidsregel en die betrekking hebben op de periode waarvoor die beleidsregel gold.

11. Inwerkingtreding en citeerregelHOOFDSTUK 8 SLOTBEPALINGEN

Deze beleidsregel treedt in werking op 1 januari 2021.

Ingevolge artikel 20, tweede lid, onderdeel b, van de Wmg, zal van de vaststelling van deze beleidsregel mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Deze beleidsregel kan worden aangehaald als: Beleidsregel prestaties en tarieven gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg.

Artikel 8.1 Intrekken oude beleidsregel(s)

Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de volgende beleidsregels ingetrokken: Beleidsregel Generalistische basis-ggz, met kenmerk BR/REG-21143a, Beleidsregel prestaties en tarieven gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg, met kenmerk BR/REG-21134, en Beleidsregel prestaties en tarieven forensische zorg, met kenmerk BR/REG-21135.

Verder worden ingetrokken de al wel vastgestelde, maar nog niet in werking getreden Beleidsregel prestaties en tarieven geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg, met kenmerk BR/REG-22137, en Beleidsregel prestaties en tarieven geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg, met kenmerk BR/REG-22137a.

Artikel 8.2 Toepasselijkheid voorafgaande beleidsregel

De beleidsregels genoemd in artikel 8.1 blijven van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun grondslag vinden in die beleidsregels en die betrekking hebben op de periode waarvoor die beleidsregels golden.

Artikel 8.3 Inwerkingtreding / Bekendmaking

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2022. Ingevolge artikel 5, aanhef en onderdeel e, van de Bekendmakingswet, zal deze beleidsregel in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 8.4 Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel prestaties en tarieven geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg.

ToelichtingTOELICHTING

In deze Algemeen beleidsregel wordt het beleid vastgesteld dat wordt gehanteerd bij het vaststellen van prestatiebeschrijvingen en tarieven voor de gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg.

De zorgprestaties binnen de gespecialiseerde ggz zijn onderverdeeld in dbc’s, zzp’s ggz, overige zorgproducten en onderlinge dienstverlening.

In het Besluit zorgverzekering (Bzv) artikel 2.12 staat het volgende opgenomen over de aanspraak op verblijf:

  • Verblijf omvat verblijf gedurende een onafgebroken periode van ten hoogste 1095 dagen, dat medisch noodzakelijk is in verband met de geneeskundige zorg, bedoeld in artikel 2.4, of in verband met chirurgische tandheelkundige hulp van specialistische aard als bedoeld in artikel 2.7, al dan niet gepaard gaande met verpleging, verzorging of paramedische zorg.
  • Een onderbreking van ten hoogste dertig dagen wordt niet als onderbreking beschouwd, maar deze dagen tellen niet mee voor de berekening van de 1095 dagen.
  • In afwijking van het tweede lid tellen onderbrekingen wegens weekend- en vakantieverlof mee voor de berekening van de 1095 dagen.

Voor de gespecialiseerde ggz betekent bovenstaand artikel dat verblijf in het kaderDe afbakening van behandeling in een ggz instelling tot en met 1095 dagen vanuit de Zvw wordt gefinancierd. Vanaf 1096 dagen aaneengesloten verblijf eindigt de financiering voor deze zorg vanuit de Zvw en gaat dit over naar de Wet langdurige zorg (Wlz). Indien behandeling niet meer in combinatie met verblijf nodigaanspraak door het Zorginstituut is, zal de zorg vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) bekostigd worden leidend.

Met de telling van aaneengesloten verblijf tot en met 1095 dagen worden alle vormen van verblijf noodzakelijk in verband met geneeskundige zorg meegeteld. Het gaat hierbij om verblijf in een ggz instelling, maar ook om verblijf in een ziekenhuis of andere instelling in verband met somatische problematiek.

Van de 1095 dagen verblijf met behandeling in een ggz instelling op grond van de Zvw wordt tot 365 dagen aaneengesloten verblijf bekostigd middels de dbc’s. Na 365 dagen verblijf wordt deze zorg bekostigd met een zzp-ggz.

In onderstaande tabel wordt de samenloop van dbc’s, zzp’s ggz en ozp’s weergegeven.


Te declareren in combinatie met:

dbc ggz (Zvw)

dbc med spec zorg (Zvw)

Basis-ggz

ozp’s

zzp-ggz (Zvw)

Nee. Na 365 dagen aaneengesloten verblijf is er sprake van langdurige ggz. Dit wordt bekostigd met de zzp’s ggz. Vanuit het zzp-ggz wordt alle zorg in het kader van een ggz diagnose geleverd, ongeacht het type ggz diagnose die hieraan ten grondslag ligt.

Ja, mits sprake is van diagnose niet behorend tot de ggz, kan voor deze zorg een somatische dbc in rekening worden gebracht.

Nee, vanuit het zzp-ggz wordt alle zorg in het kader van een ggz diagnose geleverd, ongeacht het type ggz diagnose die hieraan ten grondslag ligt.

Ja

Dbc’s

Bij de dbc’s geldt dat de tarieven (inclusief jaarlijkse indexatie) zijn gebaseerd op het in 2013 gehouden kostprijsonderzoek. U kunt de verantwoording van dit kostprijsonderzoek teruglezen op www.nza.nl.9 De Toelichting op de tariefberekening db(b)c 2014 (www.nza.nl) geeft aan hoe de NZa vervolgens tarieven heeft berekend.

Experimenteerruimte regiebehandelaarschap

Hierbij is de eis aan de derde onafhankelijke partij dat zij objectief, gemotiveerd en zorgvuldig tot een oordeel komt over de ingediende aanvragen. Dit stelt eisen aan de governance, zoals de aanwezigheid van een aanvraag- en bezwaarprocedure. Tenslotte moet de looptijd van het experiment begrensd zijn door de derde partij.

Het betreffende initiatief kan gebruik maken van een keuzemogelijkheid op dbc-niveau. Hiermee kan de aanbieder aangeven dat het betreffende beroep voor de specifieke dbc fungeert als regiebehandelaar.

Anders dan onder de AWBZ is er niet langer een afzonderlijke prestatie voor dagbesteding of epilepsiezorg (gez). Om toch dagbesteding door een ander te laten verzorgen, kan de zorgaanbieder gebruik maken van onderlinge dienstverlening. Daarvoor bestaat een vrij tarief.

Overige zorgproducten

Een zorgaanbieder kan de prestaties ‘overige zorgproducten’ (ozp’s) gebruiken voor zorgvormen die onder de reikwijdte van de Wmg vallen, maar die niet passen binnen de reguliere dbc-structuur of zzp’s ggz.

De zorg die geleverd wordt met ozp’s is zorg die niet onder het basispakket valt. De ozp’s vallen dus niet onder dbc’s of zzp’s ggz.

Niet-verzekerde zorg

Als er geen aparte prestatie bestaat voor de niet-basispakketzorg, dan moet een zorgaanbieder de volgende prestaties gebruiken:

  • ozp niet-basispakketzorg consult
  • ozp niet-basispakketzorg verblijf

Werking bandbreedtetarief (artikel 6.1.1.)

Vanaf 2013 bestaat de mogelijkheid voor zorgaanbieders om tot 10% boven het maximumtarief prijsafspraken te maken. Hier is een schriftelijke overeenkomst tussen de zorgaanbieder en de zorgverzekeraar voor nodig.

Artikelsgewijs

Toelichting Artikel 1.1 Begripsbepalingen

Consult

In de definitie van consult is opgenomen dat een interactie ononderbroken is en dat met ononderbroken wordt bedoeld dat het niet is toegestaan om zonder zorginhoudelijke reden consulten op te knippen. Het halen van bijvoorbeeld een kopje koffie, een sanitaire stop of een korte pauze geldt niet als onderbreking.

Toelichting Hoofdstuk 2

Het is mogelijk om per patiënt meerdere consulten op een dag te declareren.

Toelichting artikel 2.1 Consulten diagnostiek en behandeling

Toelichting Diagnostiek

Deze activiteit kan in de vorm zijn van het opstellen van een verpleegkundige diagnose, een psychologische probleemanalyse en/of een psychiatrische structuurdiagnose, en een diagnostische classificatie volgens het vigerende psychiatrische classificatiesysteem.

Er kan ook sprake zijn van een of meerdere specifieke aanvullende (neuro)psychologische onderzoeken volgens een gestructureerde en gevalideerde testmethode, zoals een intelligentieonderzoek, een persoonlijkheidsonderzoek, een onderzoek naar specifieke psychiatrische beelden of ontwikkelingsstoornissen als er hieromtrent vermoedens gerezen zijn vanuit diagnostisch onderzoek, een neuropsychologisch onderzoek of in het geval van de forensische zorg van verdiepingsdiagnostiek. De diagnostiek resulteert in een intakeverslag en/of een diagnostisch rapport, dat resulteert in een behandelplan en/of toetsbare, significante en directe aanpassing en/of bijstelling van het behandelplan, alswel een toetsbare en directe evaluatie ervan.

Diagnostiekactiviteiten kunnen ook onderdeel zijn van behandelconsulten, maar alleen consulten die enkel als doel hebben het uitvoeren van diagnostiek mogen als een diagnostiekconsult gedeclareerd worden. Een consult is een ononderbroken contact en kan niet deels als diagnostiekconsult en deels als behandelconsult worden gedeclareerd.

Toelichting artikel 2.4 Consulten setting

Algemene omschrijving en verantwoording van settings

Zie de brief VWS d.d. 2 juli 2019: https://www.zorgprestatiemodel.nl/shared/content/uploads/2019/09/CZ-192343.pdf

Toelichting setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II

In de voorhangbrief aan de voorzitter van de tweede kamer heeft de staatssecretaris van VWS de volgende tekst opgenomen: “Met het oog op het belang van een passende inzet van beroepen zie ik in het zorgprestatiemodel nog wel het risico dat psychiaters in vrije vestiging tegen een hoog tarief patiënten met relatief lichte problematiek kunnen behandelen. Ik zal de NZa dan ook vragen om bij de invoering van de nieuwe bekostiging het voor vrijgevestigde psychiaters alleen mogelijk te maken een hoog ‘psychiatertarief’ in rekening te brengen voor zover zij zorg leveren aan cliënten die ook daadwerkelijk zorg van een psychiater nodig hebben; voor overige zorg krijgen zij dan een lager tarief dat aansluit bij de aard van de geboden zorg.”1

De NZa heeft besloten om per 2022 de opdracht van de staatsecretaris in te vullen door aan te sluiten bij het landelijk kwaliteitsstatuut. De NZa zal een tarief vaststellen voor psychiaters die vallen ander sectie II van het landelijk kwaliteitsstatuut voor zorg waarvoor voor de regiebehandelaar minimaal beroepsopleiding art. 14 wet BIG conform landelijk kwaliteitsstatuut vereist is. Dit tarief is ook van toepassing indien de betreffende psychiater vanwege zijn of haar specifieke expertise ter consultatie wordt betrokken bij de zorg aan een patiënt. Daarnaast zal de NZa een lager tarief vaststellen voor zorg waarvoor voor de regiebehandelaar minimaal beroepsopleiding art. 3 wet BIG conform landelijk kwaliteitsstatuut vereist is. Overigens kan de inzet van een psychiater als medebehandelaar – dus voor delen van de behandeling – voor deze cliënten soms wel noodzakelijk zijn. Daar is bij de bepaling van het lagere psychiatertarief rekening mee gehouden.

Toelichting setting Ambulant - kwaliteitsstatuut sectie III – monodisciplinair

De kwaliteitscriteria voor instellingen zijn onder andere opgenomen in het Kwaliteitsstatuut. Daarnaast moet vanuit de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen medezeggenschap geregeld worden indien er >10 zorgverleners zijn.

Daarnaast hebben veldpartijen de volgende operationalisering afgesproken van aanbieders die voldoen aan sectie III van het kwaliteitsstatuut. Deze operationalisering betreft een minimumgrens:

  • De aanbieder beschikt over een passende AGB-code met gekoppelde Wtza-vergunning
  • Een psychiater of klinisch psycholoog is aantoonbaar op afroep beschikbaar

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) controleert of zorgaanbieders aan deze verplichtingen voldoen. Diagnostiek kan in deze setting worden uitgevoerd door een andere zorgverlener dan de behandeling.

Toelichting Setting Outreachend

Voorbeelden van locaties zijn thuis, kantoor, of elders zoals het park. Beschikbaarheid van zorg buiten kantoortijden kan oftewel door het outreachende team zelf of door samenwerking met een klinische afdeling of crisisdienst. Het betreft vaak onplanbare zorg. Voorbeelden van outreachende zorg zijn FACT (Flexible Assertive Community Treatment) en IHT (intensive hometreatment).

Toelichting Artikel 3.4 Zzp’s en extramurale parameters voor de forensische zorg

Naast consulten en verblijfsdagen bestaan in de fz zzp’s en extramurale parameters. Deze prestaties zijn met de overgang naar het zorgprestatiemodel zonder beleidswijziging overgenomen uit de NZa-regels zoals die golden voor de fz in 2021. Het blijft mogelijk om parallel aan zzp’s andere prestaties te declareren. Om geen beleidswijziging door te voeren zijn ook de gevallen overgenomen waarin toch een prestatie in rekening mag worden gebracht terwijl de patiënt niet aanwezig is.

Toelichting artikel 4.1 Toeslagen op consulten

Toelichting Prestatiebeschrijving Toeslag repetitieve Transcraniële Magnetische Stimulatie (rTMS) (ggz en fz)

Consult declarerende beroepen binnen de ggz/fz maken voor het declareren van een rTMS behandeling gebruik van een consult met een toeslag voor rTMS. Geaccrediteerde rTMS-Technicians die geen consult mogen declareren binnen de ggz/fz kunnen gebruik maken van de overige prestatie ten behoeve van de rTMS-Technician.

Toelichting artikel 4.2 Toeslagen Verblijfsdagen

Toelichting Toeslag TBS-patiënt (fz)

Binnen de setting forensische zorg klinisch wordt door TBS-klinieken relatief veel indirecte tijd geschreven. Dit komt voornamelijk voort uit de indirecte tijd die nodig is om aan de juridische randvoorwaarden en randvoorwaarden op het gebied van veiligheid te voldoen en niet zozeer aan behandeling zelf. Zij zouden structureel ondergecompenseerd worden binnen de setting. De TBS-toeslag compenseert dit door het gemiddelde verschil in indirecte tijd met de Overige forensische instellingen als een opslag op de verblijfsdag te vergoeden.

Toelichting artikel 5.1 Overige prestaties

Toeslag zorgmachtiging Wet verplichte ggz

Als een behandelaar voor een patiënt op een zitting verschijnt, dan worden de kosten voor het ter zitting verschijnen gedragen door de Staat. Deze kosten vallen niet onder de Zvw.

Toelichting Onderlinge dienstverlening

Bij een betaling voor onderlinge dienstverlening moet altijd gebruik worden gemaakt van een door de NZa vastgestelde prestatie. Voor het in rekening brengen van zorg heeft een opdrachtnemende zorgaanbieder twee mogelijkheden:

  • Directe declaratie van een reguliere prestatie door een opdrachtnemende zorgaanbieder aan de zorgverzekeraar (alleen voor Zvw). Hiervan is sprake als de opdrachtnemende zorgaanbieder de vergoeding voor de zorgprestatie die hij in opdracht heeft geleverd direct bij de zorgverzekeraar in rekening brengt. Wanneer de zorg die wordt geleverd wel in rekening kan worden gebracht op basis van een reguliere prestatie, dan moet deze prestatie dus ook worden gebruikt. Deze prestaties kunnen worden gebruikt voor zowel declaratie aan de zorgverzekeraar als voor een betaling voor onderlinge dienstverlening. De bepalingen in de omschrijvingen en het geldende max-tarief zijn van toepassing, ook wanneer de reguliere prestaties worden gebruikt voor een betaling voor onderlinge dienstverlening. In de forensische zorg is deze route niet mogelijk.
  • Betaling voor onderlinge dienstverlening als er geen reguliere prestatie is. Van een betaling voor onderlinge dienstverlening is sprake wanneer de opdrachtgevende zorgaanbieder een vergoeding uitkeert aan de opdrachtnemende zorgaanbieder voor (het onderdeel van) de zorgprestatie die de opdrachtnemende zorgaanbieder heeft uitgevoerd. De prestatie onderling dienstverlening is vormvrij (aanbieders spreken onderling af om welke zorg het gaat) en kent een vrij tarief.

De contractrelatie (of het gebrek daaraan) van de aanbieder die bij de verzekeraars declareert is van toepassing.

Toelichting informatieverstrekking

Het verzoek

Verzoeken kunnen afkomstig zijn van onder meer bedrijfs- of verzekeringsartsen, advocaten, justitie/politie.

Op grond van het Besluit uitbreiding en beperking werkingssfeer Wmg wordt onder ‘zorg’ niet verstaan bedrijfsgeneeskundige zorg en verzekeringsgeneeskundige zorg. Bedrijfsgeneeskundige zorg en verzekeringsgeneeskundige zorg vallen dus niet onder de prestatie- en tariefregulering van de NZa.

Deze prestatie mag dus gebruikt worden als een zorgaanbieder in de zin van de Wmg een informatieverzoek ontvangt van een bedrijfs- of verzekeringsarts. Echter, wanneer een bedrijfs- of verzekeringsarts een informatieverzoek ontvangt, bijvoorbeeld van een (letselschade)advocaat, mag deze prestatie niet worden gebruikt. Bedrijfsgeneeskundige zorg en verzekeringsgeneeskundige zorg zijn immers uitgezonderd van de prestatie- en tariefregulering van de Wmg.

Schriftelijke verstrekking

Digitale verstrekking, zoals e-mails al dan niet met bijlagen, staat gelijk aan een schriftelijke verstrekking.

Toestemming patiënt

De toestemming van de patiënt kan zowel direct als indirect plaatsvinden. De patiënt kan dus zelf rechtstreeks schriftelijk toestemming verlenen aan de zorgaanbieder om de informatie (aan een derde) te verstrekken. Daarnaast kan de patiënt schriftelijk toestemming geven aan de derde, die het verzoek namens deze persoon indient bij de zorgaanbieder en deze schriftelijke toestemming meestuurt met het verzoek.

Geen andere prestatiebeschrijvingen

Naast de declaratie van de prestatiebeschrijving ‘informatieverstrekking aan derden’ mag geen andere prestatiebeschrijving in rekening worden gebracht. Zo mag er bijvoorbeeld geen consult in rekening worden gebracht als er contact met de patiënt heeft plaatsgevonden in het kader van het informatieverzoek.

Kosteloze verstrekking

Artikel 88 Zvw bepaalt bijvoorbeeld dat verzoeken om de verstrekking van inlichtingen en gegevens (= informatie) van zorgverzekeraars aan zorgaanbieders, die nodig is ter uitvoering van de zorgverzekeringen, kosteloos moet worden verstrekt. En artikel 12, vijfde lid, van de Algemene Verordening Gegevensbescherming bepaalt bijvoorbeeld dat informatieverzoeken die (louter) betrekking hebben op de verstrekking van kopieën uit het medisch dossier van een betrokkene (patiënt) kosteloos dienen te worden verstrekt, ongeacht van wie dit verzoek afkomstig is. De prestatiebeschrijving ‘informatieverstrekking aan derden’ mag onder meer in deze situaties dus niet in rekening worden gebracht.

Toelichting Spravato

Het Zorginstituut heeft geadviseerd over o.a. de effectiviteit en de kosteneffectiviteit van Spravato. Onderdeel van dit advies is een advies over de plaats van Spravato binnen de aanspraak: https://www.zorginstituutnederland.nl/publicaties/adviezen/2020/09/30/pakketadvies-esketamine-neusspray-spravato

Toelichting Facultatieve prestatie

Het zorgprestatiemodel biedt op zichzelf al ruimte voor innovatieve en digitale zorg. Het contact tussen behandelaar en patiënt kan op alle digitale manieren plaatsvinden en is declarabel door middel van de consulten. Daarnaast geeft het vervallen van de disciplinemix meer ruimte om behandelmethodieken in te zetten met een andere dan de gemiddelde disciplinemix en biedt het max-max tarief ruimte om een extra vergoeding voor innovatieve zorg overeen te komen.

De facultatieve prestatie is een instrument om innovatieve zorgvormen te faciliteren. De facultatieve prestatie is bedoeld voor de bekostiging van zorg met een innovatief karakter. Het kan ook gaan om een innovatieve manier van organiseren van zorg zolang deze binnen de reikwijdte van het ggz-/fz-domein valt. Het is een laagdrempelige manier om te starten met initiatieven die niet in de reguliere prestaties van het zorgprestatiemodel te vangen zijn. Voorbeelden zijn: 1. Initiatieven waarbij de inzet behandelaren (voor een deel) wordt vervangen door digitale toepassingen waarbij geen direct contact met de patiënt plaatsvindt, 2. Integrale vormen van bekostiging of 3. Nieuwe innovatieve zorg binnen ggz-/fz-domein.

Toelichting transitieprestatie

De transitieprestatie kan door een zorgaanbieder en zorgverzekeraar overeen worden gekomen in de vorm van een totaal bedrag (lump-sum) die het geheel aan prestaties vormt. Deze prestatie hoeft niet op individueel patiëntniveau in rekening gebracht te worden.

De transitieprestatie kan door zorgverzekeraar en zorgaanbieder worden toegepast om vooraf gezamenlijke als onbedoelde/ongewenste benoemde effecten van de overgang naar het Zorgprestatiemodel op te vangen, waarbij dit effect het gevolg is van een omissie in het Zorgprestatiemodel zelf. Geconstateerde tekortkomingen worden op een landelijke tafel besproken en opgenomen op de doorontwikkelagenda.

Toelichting artikel 5.2 Overige prestaties Acute ggz binnen budget

De acute ggz kent een budgetkant en een opbrengstenkant. Beide kanten stonden voor invoering van het zorgprestatiemodel beschreven in specifieke acute-ggz regelgeving (een beleids- en nadere regel). De budgetkant bestaat uit budgetparameters (aantal fte dat beschikbaar is voor acute ggz en aantal bedden dat beschikbaar is voor acute ggz) en wordt niet geraakt door het zorgprestatiemodel. De opbrengstenkant bestond uit crisis-dbc's binnen budget en verblijfsdagen binnen budget. Deze crisis-dbc’s worden in het zorgprestatiemodel vervangen door consulten Acute ggz binnen budget en verblijfsdagen Acute ggz binnen budget.

Bijlagen bij deze Beleidsregel:

  • Bijlage 1 Prestatiebeschrijvingen verblijfsdagen ggz
  • Bijlage 2 Prestatiebeschrijvingen verblijfsdagen fz
  • Bijlage 3 Beveiligingsniveaus
  • Bijlage 4 Prestatiebeschrijvingen zzp’s
  • Bijlage 5 Prestatiebeschrijvingen extramurale parameters