Onderwerp: Bezoek-historie

Beleidsregel kraamzorg - BR/REG-20131
Geldigheid:01-01-2020 t/m Status: Toekomstig geldig

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Beleidsregel kraamzorg - BR/REG-20131

Ingevolge artikel 57, eerste lid, onderdelen b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen.

 

Ingevolge artikel 52 aanhef en onderdeel e Wmg worden de tarieven en prestatiebeschrijvingen die uit de voorliggende beleidsregel voortvloeien ambtshalve door de NZa vastgesteld.

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze beleidsregel wordt, tenzij anders vermeld, verstaan onder:

 

Kraamzorg

Zorg als omschreven in artikel 2.11 van het Besluit zorgverzekering.

 

Inschrijving

Onder inschrijving worden de volgende handelingen verstaan:

  • het verwerken van de (telefonische) aanmelding;
  • het toesturen van informatiemateriaal en het inschrijfformulier;
  • het op basis van het ingevulde inschrijfformulier verrichten van diverse administratieve handelingen;
  • het plannen van het op termijn in te zetten personeel.

 

Intake

  • of bij de cliënt thuis
  • of telefonisch

 

Het verkennen en verduidelijken van de hulpvraag van de cliënt, het inventariseren van de zorgbehoefte en het met inachtneming van de volgende criteria (noodzakelijkheidsprincipe, aanvullend op eigen mogelijkheden, ontbreken van deskundigheid, preventie, bijsturing) objectief bepalen welke hulp naar inhoud en omvang en kwaliteit nodig is op grond waarvan verantwoorde beslissingen omtrent inzet en financiering van zorg mogelijk zijn, mede ter effectuering van de zorgaanspraken.

 

Partusassistentie

Het voorbereiden op, het assisteren bij de bevalling en het verzorgen van moeder en kind direct na de bevalling. De partusassistentie wordt verricht onder leiding van een verloskundige of huisarts. De locaties waar partusassistentie kan plaatsvinden, zijn:

  • thuis bij moeder en kind;
  • in een vervangende thuissituatie; of
  • in een poliklinische situatie.

Artikel 2 Doel van de beleidsregel

Het doel van deze beleidsregel is vastlegging van de prestatie-beschrijvingen en de tariefstructuur voor kraamzorg.

Artikel 3 Reikwijdte

Deze beleidsregel is van toepassing op kraamzorg als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (Zvw).

Artikel 4 Prestaties

In het kader van deze beleidsregel worden de volgende prestaties onderscheiden:

  • Per uur kraamzorg;
  • Per uur partusassistentie;
  • Per inschrijving;
  • Per intake:
    • of bij de cliënt thuis;
    • of telefonisch;
  • Per partusassistentie;
  • Onderlinge dienstverlening.

Artikel 5 Onderdelen ter vaststelling van de tariefopbouw

In dit artikel worden de onderdelen voor de vaststelling van de tariefopbouw weergegeven.

1. Begripsbepalingen en onderdelen ter vaststelling van de tariefopbouw

Praktijkkostenbestanddeel

Het aandeel van de normatief bepaalde praktijkkosten van een kraamzorginstelling in het tarief. Het praktijkkostenbestanddeel van het tarief bedraagt € 6.784.956 (definitief niveau 2019). Het praktijkkostenbestanddeel bestaat uit onder meer de volgende elementen: personeelskosten, huisvestingskosten, vervoerskosten, opleidingskosten, afschrijvingskosten, rentekosten, kostenvergoeding voor gederfd rendement eigen vermogen.

 

Rekennorm aantal uren kraamzorg

Begripsaanduiding voor een normatief bepaald aantal uren kraamzorg, inclusief uren partusassistentie per jaar. De rekennorm aantal uren kraamzorg bedraagt 137.332 per jaar.

2. Tariefsoort

De tarieven voor kraamzorg zijn maximumtarieven.

3. Jaarlijkse indexering

De tarieven voor kraamzorg worden in beginsel jaarlijks ambtshalve geïndexeerd. Voor wat betreft de loonkosten wordt de index vastgesteld door het Ministerie van VWS. Deze index houdt verband met de CAO-afspraken. Voor wat betreft de materiële kosten wordt aangesloten bij de prijsindexcijfer particuliere consumptie uit het Centraal Economisch Plan (CEP) van het Centraal Planbureau (CPB). De op het tarief toe te passen index is het gewogen gemiddelde van de loon- en materiële indices waarbij wordt uitgegaan van een aandeel van 90% loonkosten en 10% materiële kosten. Het tarief wordt vastgesteld op basis van een voorcalculatie voor jaar t en de definitieve indices van jaar t-1.

Artikel 6 Totstandkoming (maximum)tarieven

De opbouw van de tarieven voor de in artikel 4 beschreven prestaties wordt in dit artikel op basis van de volgende indeling uitgewerkt.

  • Uurtarief kraamzorg
  • Uurtarief partusassistentie
  • Nevenverrichtingen

1. Uurtarief kraamzorg/uurtarief partusassistentie

Het maximum basis uurtarief is de uitkomst van de volgende berekening:

Praktijkkostenbestanddeel / rekennorm aantal uren kraamzorg

 

Het maximumtarief voor de in onderstaande lijst genoemde prestaties wordt bepaald door het basis uurtarief met de bijbehorende factor te vermenigvuldigen:

 

Prestaties Factor
Per uur kraamzorg 1,0
Per uur partusassistentie 1,0

2. Nevenprestaties

Naast de prestaties ‘per uur kraamzorg’ en ‘per uur partusassistentie’ kunnen nog een aantal nevenprestaties in rekening worden gebracht. Het maximumtarief voor een nevenprestatie wordt bepaald door het basis uurtarief met de bijbehorende factor te vermenigvuldigen:

 

Nevenprestaties Factor
Per inschrijving 0,92755
Per intake bij cliënt thuis 1,39109
Per intake telefonisch 0,46401
Per partusassistentie 1,85510

Artikel 7 Onderlinge dienstverlening

De zorgaanbieder heeft de mogelijkheid om (onderdelen van) de prestaties ‘per uur partusassistentie’, ‘per uur kraamzorg’ en de nevenprestatie ‘per partusassistentie’ met inachtneming van de geldende maximumtarieven, via onderlinge dienstverlening in rekening te brengen aan een andere zorgaanbieder. De betreffende prestaties kunnen enkel via onderlinge dienstverlening in rekening worden gebracht indien tussen zorgaanbieder en zorgverzekeraar van de cliënt een overeenkomst is gesloten, waarin de inhoud van de te leveren zorg, de hoogte van het in rekening te brengen tarief en de inhoud van de te leveren zorg die via onderlinge dienstverlening bij een derde zorgaanbieder wordt gecontracteerd zijn vastgelegd.

Artikel 8 Max-max tarieven

De maximumtarieven, berekend op basis van artikel 6.1 en 6.2, kunnen ten hoogste met 10% worden verhoogd indien hieraan een schriftelijke overeenkomst tussen de betreffende zorgaanbieder en ziektekostenverzekeraar ten grondslag ligt.

Een tarief dat niet hoger is dan berekend op basis van artikel 6.1 en 6.2 kan aan eenieder in rekening worden gebracht.

Een max-max tarief kan uitsluitend in rekening worden gebracht aan:

(a)    de ziektekostenverzekeraar met wie het verhoogde maximumtarief

         is overeengekomen; of

(b)    de verzekerde ten behoeve van wie een ziektekostenverzekering                

         met betrekking tot kraamzorg is gesloten bij een ziektekostenverzekeraar met wie een zodanig verhoogd

         maximumtarief schriftelijk is overeengekomen.

Artikel 9 Intrekking oude beleidsregel

Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de beleidsregel BR/CU-7149 ingetrokken.

Artikel 10 Toepasselijkheid voorafgaande beleidsregel, bekendmaking, inwerkingtreding, terugwerkende kracht en citeertitel

Toepasselijkheid voorafgaande beleidsregel

 

De beleidsregel ‘Kraamzorg', met kenmerk BR/CU-7149, blijft van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun grondslag vinden in die beleidsregel en die betrekking hebben op de periode waarvoor die beleidsregel gold.

 

Inwerkingtreding / Bekendmaking

 

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang op 1 januari 2020.

Ingevolge artikel 20 lid 2 onderdeel b Wmg zal van de vaststelling van deze beleidsregel mededeling worden gedaan in de Staatcourant.

 

Citeertitel

 

Deze beleidsregel kan worden aangehaald als: Beleidsregel kraamzorg.

Naar boven