Onderwerp: Bezoek-historie

Beleidsregel Bekostigingsexperiment aanvullende beroepen gespecialiseerde ggz en fz - BR/REG-20151
Geldigheid:01-12-2019 t/m 31-12-2021Status: Geldig vandaag

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Gelet op artikel 57, eerste lid, onderdelen b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen.

 

Onder verwijzing naar artikel 58 van de Wmg, is in de voorliggende beleidsregel een experiment opgenomen. De daartoe vereiste aanwijzing van 8 november 2019 met kenmerk 1608564-198346-PZo, bedoeld in artikel 59, aanhef en onder f, van de Wmg, is door de minister van VWS met brief van 8 november 2019, met kenmerk 1608564-198346-PZo, aan de NZa gegeven.

Artikel 1: Begripsbepaling

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

 

Aanvullende beroepsbeoefenaar: zorgverlener die onder supervisie van een regiebehandelaar gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg levert of onder supervisie forensische zorg levert en die de daarvoor ingezette tijd niet kan afleiden naar een Diagnose Behandelcombinatie, respectievelijk een Diagnose Behandel Beveiligingscombinatie;

 

Db(b)c: Diagnose Behandel (Beveiligings)combinatie is een declarabele prestatie, die het resultaat is van (een deel van) het totale zorgtraject van de diagnose die de zorgverlener stelt tot en met de (eventuele) behandeling die hieruit volgt;

 

Experimentovereenkomst:een schriftelijke overeenkomst tussen één zorgaanbieder en één zorgverzekeraar die door hen is ondertekenend aangaande het experiment zoals bedoeld in deze beleidsregel;

 

Forensische zorg: zorg als omschreven bij of krachtens artikel 1.1., tweede lid, van de Wet forensische zorg (Wfz);

 

Gespecialiseerde ggz: geneeskundige geestelijke gezondheidszorg (ggz) als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (Zvw), niet zijnde generalistische basis-ggz;

 

Zorgaanbieder:

1°. natuurlijk persoon of rechtspersoon die beroeps- of bedrijfsmatig zorg in de zin van de Wmg verleent als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder c, van de Wmg;

2°. natuurlijk persoon of rechtspersoon voor zover deze tarieven in rekening brengt namens, ten behoeve van of in verband met het verlenen van zorg door een zorgaanbieder als bedoeld onder 1°;

 

Zorginhoudelijk patiëntcontact: contact tussen behandelaar en patiënt waarin de behandelaar in het kader van diagnostiek activiteiten uitvoert of in het kader van de behandeling activiteiten uitvoert uit het behandelplan.

Artikel 2: Doel van de beleidsregel

Het doel van deze beleidsregel is het mogelijk maken van een experiment met de bekostiging van de inzet van aanvullende beroepen.

Artikel 3: reikwijdte

Deze beleidsregel is van toepassing op de gespecialiseerde ggz. De beleidsregel is alleen van toepassing op beroepen die hun ingezette tijd niet kunnen afleiden naar een dbc.

 

Deze beleidsregel is van toepassing op forensische zorg. De beleidsregel is alleen van toepassing op beroepen die hun ingezette tijd niet kunnen afleiden naar een db(b)c.

Artikel 4: bekostigingsexperiment

Artikel 4.1

Voor dit experiment worden dbc’s (gespecialiseerde ggz) respectievelijk dbbc’s (forensische zorg) in rekening gebracht.

Artikel 4.2: Tariefsoort

Voor de onder 4.1 genoemde zorgprestaties gelden maximumtarieven zoals bedoeld in artikel 50 lid 1 sub c  van de Wmg.

Artikel 4.3: Voorwaarden, voorschriften en beperkingen

Om gebruik te maken van dit experiment dient aan de volgende voorwaarden te worden voldaan, deze zullen worden opgenomen in de experimentbeschikking:

- Er is een experimentovereenkomst;

- De zorgaanbieder en zorgverzekeraar die een experimentovereenkomst zijn aangegaan hebben dit gemeld bij de NZa door een e-mail te sturen aan info@nza.nl o.v.v. ‘deelname experiment aanvullende beroepen gespecialiseerde ggz en fz’;

- Na bevestiging door de NZa van de melding, stuurt de zorgaanbieder een kopie van de experimenteerovereenkomst;

- In de experimentovereenkomst is opgenomen hoe dubbele bekostiging als gevolg van dit experiment wordt voorkomen. Zorgverzekeraar en zorgaanbieder hebben een adequate afslag afgesproken op de max-tarieven van de bijbehorende dbc of dbbc om dubbele bekostiging te voorkomen;

- De regiebehandelaar (g-ggz) of hoofdbehandelaar (fz) is ook de verantwoordelijk regiebehandelaar of hoofdbehandelaar bij het experiment;

- Personen aan wie zorg wordt verleend, komen door het experiment niet in een nadeliger positie te verkeren, dan wanneer het experiment niet zou plaatsvinden.

Artikel 4.4

Dit bekostigingsexperiment voorziet in een afwijking van artikel 5.1.4.1 van de Regeling gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg (NR/REG-1927) en artikel 3.1.4.2 van de Regeling - Dbbc's, zzp's en extramurale parameters forensische zorg (NR/REG-1930).

Artikel 5: evaluatie

Artikel 5.1:

De NZa evalueert de effecten van het experiment.

Artikel 5.2:

Voor de evaluatie maakt de NZa gebruik van de bij de melding aangeleverde kopie van de experimenteerovereenkomst. Daarnaast verplicht de NZa de zorgaanbieder om ten behoeve van de evaluatie jaarlijks informatie aan te leveren zoals bepaald in de regeling bekostigingsexperiment aanvullende beroepen gespecialiseerde ggz en fz.

Artikel 5.3:

Als de NZa eerder of tussentijds gegevens nodig heeft, dan maakt zij gebruik van haar wettelijke mogelijkheden om gegevens op te vragen.

Artikel 6: Inwerkingtreding / Bekendmaking

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 december 2019 en vervalt met ingang van 1 januari 2022.

Indien de Staatscourant waarin de mededeling als bedoeld in artikel 20, tweede lid, onderdeel b, van de Wmg, wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 december 2019, treedt de beleidsregel in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin de mededeling wordt geplaatst.

Artikel 7: citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel Bekostigingsexperiment aanvullende beroepen gespecialiseerde ggz en fz.

Toelichting

Artikelsgewijs

 

Artikel 2

Het doel van het experiment is het mogelijk maken van bekosting van de inzet van beroepen waarvan de tijd niet afleidt naar een db(b)c. De beroepen dragen bij aan het verkorten van de wachttijden en het verhelpen van capaciteitstekorten in de ggz of het verminderen van personeelstekorten in de fz.

 

Artikel 3

De reikwijdte van het experiment is beperkt tot de gespecialiseerde ggz en de fz. Daarnaast is de reikwijdte nog verder beperkt tot die beroepen waarvan de tijd niet afleidt naar een db(b)c. De lijst met beroepen waarvan de tijd wel afleidt naar een db(b)c is te vinden in de beroepentabel.

De beroepentabel is te vinden als bijlage 3 bij de Regeling gespecialiseerde gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg (NR/REG-1927) of als bijlage 5 bij de Regeling Dbbc’s, zzp’s en extramurale parameters forensische zorg (NR/REG-1930).

 

Het experiment en de inzet van de aanvullende beroepen mag niet resulteren in een verslechtering van de kwaliteit. Zorgaanbieders en verzekeraars moeten onderling bepalen welke beroepen daadwerkelijk zorg kunnen levereren in het kader van dit experiment. Hierbij is het van belang dat de taken zoals uitgevoerd door de aanvullende beroepsbeoefenaren vallen onder verzekerde zorg als bedoeld in de Zorgverzekeringswet.

 

Artikel 4.2

De maximumtarieven zijn gelijk aan de maximumtarieven zoals opgenomen in de tariefbeschikking gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg (TB/REG – 19627-02 of opvolgers) respectievelijk tariefbeschikking forensische zorg (TB/REG –19629-02 of opvolgers).

 

Artikel 4.3

De NZa stelt een verplichting om het experiment te melden. Via de meldplicht heeft de NZa zicht op het gebruik van het experiment en is zij in staat gerichter de evaluatie (artikel 5) uit te voeren.

 

Na melding brengt de NZa een beveiligde verbinding tot stand. Via de beveiligde verbinding wordt de experimenteerovereenkomst, de geleverde prestaties en de evaluatie naar de NZa gestuurd.

 

Een voorwaarde voor het experiment is dat zorgaanbieder en zorgverzekeraar afspraken maken over het voorkomen van dubbele bekostiging. De inzet van beroepen waarvan de tijd niet afleidt in een db(b)c worden nu bekostigd via het tarief de db(b)c. In het tarief zit een opslag verdisconteerd voor beroepen waarvan de tijd niet afleidt. Zorgverzekeraar en zorgaanbieder dienen hier rekening mee te houden.

 

Het behandelplan voor de totale behandeling in de gespecialiseerde ggz moet worden vastgesteld door een regiebehandelaar, onder wiens supervisie de overige behandelaren functioneren. Ook de deelnemende beroepsbeoefenaren in het experiment werken onder supervisie.

 

Artikel 4.4

Het experiment voorziet in een afwijking van de nadere regel gespecialiseerde ggz en de nadere regel fz. In de regelingen is de regel opgenomen dat alleen behandelaren van wie het beroep op de openingsdatum van de dbc is opgenomen in de dbc-beroepentabel (Bijlage 3: Dbc-beroepentabel resp. bijlage 5: beroepentabel fz) mogen tijd registreren. Alleen van beroepen die in deze tabel onder ‘Tijd leidt af’ een ‘ja’ hebben staan, leidt de tijd af naar een prestatie.

Binnen het experiment is het mogelijkheid om van beroepen in deze tabel onder ‘Tijd leidt af’ een ‘nee’ hebben staan, de tijd af te leiden naar een dbc of dbbc.

Naar boven