Onderwerp: Bezoek-historie

Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen
Publicatiedatum:14-08-2025Geldigheid:14-08-2025 t/m Versie:vergelijk Status: Geldig vandaag

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen

Artikel 1

relaties0

Artikel 2

relaties0

Artikel 3

Met voorwaardelijk tot het vervoer over de binnenwateren toegelaten gevaarlijke stoffen als bedoeld in bijlage 1 mogen de handelingen, bedoeld in artikel 2 van het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen, worden verricht, mits de in deze regeling gestelde voorschriften in acht worden genomen.

relaties0relaties0

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2011]

[Red: Vervallen]

relaties0relaties0

Artikel 5

  • 1. Met de in de bij deze regeling behorende bijlagen 1 tot en met 3 vastgestelde technische normen of technische eisen worden gelijkgesteld daaraan gelijkwaardige technische normen of technische eisen, vastgesteld door of vanwege een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel door of vanwege een staat die partij is bij de overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte.relaties0
  • 2. Met de in de bij deze regeling behorende bijlagen 1 tot en met 3 geëiste typegoedkeuringen worden gelijkgesteld daaraan gelijkwaardige typegoedkeuringen, geëist door of vanwege een andere lid-staat van de Europese Unie dan wel door of vanwege een staat die partij is bij de overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte.relaties0
relaties0

Artikel 6

Bijlage 1 wordt bekendgemaakt op https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-infrastructuur-en-waterstaat.

relaties0relaties0

Artikel 7

Deze regeling treedt in werking op 1 januari 1999.

relaties0relaties0

Artikel 8

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen.

relaties0relaties0

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen 1 en 2, die ter inzage worden gelegd bij het Directoraat-Generaal Goederenvervoer van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Nieuwe Uitleg 1 te Den Haag.

De
Minister
van Verkeer en Waterstaat,
T.
Netelenbos

Bijlage 1 als bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, onderdeel a, en 3 van de Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen

[Red: Gepubliceerd op https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-infrastructuur-en-waterstaat.]

relaties0

Bijlage 1a [Vervallen per 31-03-2012]

[Red: Vervallen]

relaties0

Bijlage 2 Regeling vervoer gevaarlijke stoffen met zeeschepen

Regeling vervoer gevaarlijke stoffen met zeeschepen

relaties0

Bijlage 3 bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c, van de Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen
Aanvullende voorschriften

Artikel 1

De bepalingen van deze bijlage zijn van toepassing op vervoer van gevaarlijke stoffen over de binnenwateren en hebben voorrang boven de bepalingen van bijlage 1.

relaties0relaties0

Artikel 1a Multilaterale overeenkomsten

  • 1. Niet-grensoverschrijdend vervoer mag plaatsvinden overeenkomstig multilaterale overeenkomsten als bedoeld in randnummer 1.5.1.1 van bijlage 1, die door Nederland zijn ondertekend.relaties0
  • 2. Bij het vervoer dat voldoet aan de in het eerste lid bedoelde multilaterale overeenkomsten worden de voorschriften met betrekking tot het vervoer in acht genomen die in deze overeenkomst zijn opgenomen.relaties0
relaties0

Artikel 3 Routering

  • 1. Het is verboden stofnummer 9000, Ammoniak, watervrij, sterk gekoeld, Klasse 2, 3TC, of brandbare gassen van de Klasse 2 te vervoeren met tankschepen langs Dordrecht, Zwijndrecht of Papendrecht, anders dan over de Dordtse Kil.relaties0
  • 2. Het eerste lid is niet van toepassing op:
    • a. tankschepen die minder dan 25 ton vervoeren;relaties0
    • b. tankschepen die volledig voldoen aan randnummer 9.3.1.11.2 van het ADN conform het Certificaat van Goedkeuring, ofrelaties0
    • c. vervoer uitsluitend tussen de Volkeraksluizen en Amsterdam, mits het betrokken schip zich ten minste één uur voor het opvaren van de Oude Maas meldt bij de Regionale Verkeerscentrale Dordrecht. relaties0
    relaties0
relaties0

Op het vervoer van gevaarlijke stoffen op de Westerschelde en haar mondingen, op het Kanaal van Gent naar Terneuzen en in de buitenvoorhavens te Terneuzen, op de Eems en op de Dollard zijn de voorschriften bij of krachtens de artikelen 3.14, 3.21, 3.32, 4.04 en 6.28, negende en tiende lid van het Binnenvaartpolitiereglement van overeenkomstige toepassing.

relaties0relaties0

Artikel 5 Beperkingen vervoer met duwstellen rn. 7.1.5.1.1 en 7.1.5.1.2

  • 1. Duwstellen, waarvan de afmetingen 195 bij 24 meter overschrijden, mogen geen tankschepen bevatten, die gevaarlijke goederen vervoeren of niet ontgast zijn.relaties0
  • 2. Stoffen of voorwerpen, bedoeld in randnummer 7.1.5.1.2 van bijlage 1 mogen slechts dan met duwstellen of gekoppelde samenstellen worden vervoerd indien de afmetingen ervan niet groter zijn dan 195 bij 24 meter. Tijdelijk voorspan is echter toegestaan.relaties0
relaties0

Artikel 6 Bewaartermijn opleidingsdossiers

De werkgever bewaart de dossiers, bedoeld in randnummers 1.3.3 en 1.10.2.4 van bijlage 1 gedurende de arbeidsrelatie met de werknemer, die de opleiding heeft genoten.

relaties0relaties0

Artikel 7 Vervoerdocument

In geval het vervoer van gevaarlijke stoffen uitsluitend binnen Nederland plaatsvindt, is het toegestaan dat de documenten die op basis van het ADN verplicht aan boord moeten worden meegevoerd, uitsluitend zijn gesteld in de Nederlandse taal.

relaties0relaties0

Artikel 8 Uitzondering verplichting veiligheidsadviseur

De voorschriften onder randnummer 1.8.3 van bijlage 1 zijn niet van toepassing op ondernemingen als bedoeld in randnummer 1.8.3.2.

relaties0relaties0
relaties0

Bijlage 4 als bedoeld in artikel 2, onderdeel d, van de Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen

Erkende instanties

Artikel 1

In de onderstaande tabel zijn de erkende instanties opgenomen met betrekking tot de uitvoering van de voorschriften in de vermelde randnummers van bijlage 1 voor zover bedoelde handelingen worden uitgevoerd door Nederlandse instanties.

Tabel 1
1.2.1 Monstername ILT
1.2.1 Opleiding CBR
1.2.1 Onderzoeksinstantie ILT
1.2.1 Openingsdruk ILT
1.2.1 Vervoer ILT
1.3.3 Documentatie ILT
1.5.3.1; 1.5.3.2; 1.6.7.2.2; 1.5.2.2.1; 1.5.2.2.2; 1.5.2.3.2 ILT
1.7.4 Autoriteit
1.8.1.1; 1.8.1.2 ILT
1.8.1.3 Ligplaats: havenmeester/HID-RWS Maatregelen en ophouden: ILT
1.8.2 ILT
1.8.1.4.3 ILT
1.8.1.4.3; 1.8.3.3; 1.8.3.5 ILT
1.8.3.7; 1.8.3.8; 1.8.3.10; 1.8.3.12; 1.8.3.14; 1.8.3.16 CBR
1.8.5.1; 1.8.5.3; 1.8.5.4 ILT
1.10.1.6 CBR
1.10.2.4, tweede volzin ILT
1.10.3.2.2, Opmerking politie
1.15.2.1; 1.15.4.3 ILT
1.16.1.2.3 ILT
1.16.1.2.4 ILT
1.16.1.2.5 ILT
1.16.1.3 ILT
1.16.1.4.3 ILT
1.16.2 ILT
1.16.3 ILT
1.16.5 ILT
1.16.6 ILT
1.16.10 ILT
1.16.11 ILT
1.16.12.1 ILT
1.16.13 ILT
1.16.14 ILT
1.16.15 ILT
2.2.1.1, voor zover het betreft de autoriteit in het Handboek beproevingen en criteria TNO
2.2.1.1.3 TNO of Defensie, laatstgenoemde voor zover het betreft uitsluitend voor de krijgsmacht bestemde munitie
2.2.1.1.7.2 TNO
2.2.1.1.8.1; 2.2.1.1.8.2; 2.2.1.1.9.1 TNO
2.2.1.3, Opmerking bij UN-nummer 0190 TNO of Defensie, laatstgenoemde voor zover het betreft uitsluitend voor de krijgsmacht bestemde munitie
2.2.2.1.5 ILT
2.2.41.1, voor zover het betreft de autoriteit genoemd in het Handboek beproevingen en criteria; 2.2.41.1.13 TNO
2.2.51.1 en 2.2.52.1, beide voor zover het betreft de autoriteit genoemd in het Handboek beproevingen en criteria TNO
2.2.51.2.2 TNO
2.2.52.1.8 TNO
2.2.62.1.9, Opmerking; 2.2.62.1.12 EZ of VWS
2.2.9.1.7 ILT
3.1.2.6 ILT
3.2.3.1, kolom 20, Extra eisen of Aantekeningen 12 p) en 12 q) ILT
3.2.3.1, kolom 20, Extra eisen of Aantekeningen 28 b) In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
3.2.3.1, kolom 20, Extra eisen of Aantekeningen 33 i).2 ILT
3.3.1, bijzondere bepaling 16 en 178 TNO of Defensie, laatstgenoemde voor zover het betreft uitsluitend voor de krijgsmacht bestemde munitie
3.3.1, bijzondere bepaling 181 en 237 TNO
3.3.1, bijzondere bepaling 239 ILT
3.3.1, bijzondere bepaling 266, 271, 272 en 278 TNO
3.3.1, bijzondere bepaling 283 ILT
3.3.1, bijzondere bepaling 288, 307, 309 en 311 TNO
3.3.1, bijzondere bepaling 356, 363, 371 en 376 ILT
3.3.1, bijzondere bepaling 364 TNO
3.3.1, bijzondere bepaling 636, Opmerking ILT
3.3.1, bijzondere bepaling 645 TNO
3.3.1, bijzondere bepaling 662, 666 en 670 ILT
3.3.1, bijzondere bepaling 407 TNO of Defensie, laatstgenoemde voor zover het betreft uitsluitend voor de krijgsmacht bestemde munitie
5.1.5 Autoriteit
5.2.2.1.9; 5.4.1.2.1 TNO
5.4.1.1.1 h) ILT
6.4 Autoriteit
7.1.3.51.8; 7.1.4.7 In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
7.1.4.77 ILT
7.1.4.8 In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
7.1.4.9 ILT
7.1.4.16 ILT
7.1.5.1 ILT
7.1.5.4.2 In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
7.1.5.4.3; 7.1.5.4.4; 7.1.5.5; 7.1.6.14 voor HA03 In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
7.2.3.7.1.1; 7.2.3.7.1.2; 7.2.3.7.1.3 In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
7.2.3.7.1.6 SZW
7.2.3.7.2.1 In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
7.2.3.7.2.2 ILT
7.2.3.7.2.6 ILT
7.2.3.7.2.6 SZW
7.2.4.2.4 In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
7.2.4.7.1 In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
7.2.4.77 ILT
7.2.4.9 ILT
7.2.4.10.1 ILT
7.2.4.22.21 ILT
7.2.4.24 ILT
7.2.5.1; 7.2.5.4.2; 7.2.5.4.3; 7.2.5.4.4 In havens: havenmeester Buiten havens: HID-RWS
8.1.2.2; 8.1.2.3; 8.1.2.6; 8.1.2.7; 8.1.6.1; 8.1.6.2; 8.1.7 ILT
8.2.1.2; 8.2.1.3; 8.2.1.4; 8.2.1.5; 8.2.1.6; 8.2.1.7; 8.2.1.8 CBR
8.2.1.9; 8.2.1.10 ILT
8.2.2.6.1; 8.2.2.6.4; 8.2.2.6.5; 8.2.2.6.7; 8.2.2.7; 8.2.2.8 CBR
8.3.5 ILT
8.6.3; 8.6.4 ILT
9.1.0.1; 9.1.0.40.2.7; 9.2.0.94.4; 9.1.0.40.2.16 ILT
9.3.1.1; 9.3.1.23.1; 9.3.1.40.2.7; 9.3.1.40.2.16 ILT
9.3.2.1; 9.3.2.8.4; 9.3.2.23.5; 9.3.2.40.2.7; 9.3.1.40.2.16 ILT
9.3.3.1; 9.3.3.8.4; 9.3.3.23.5; 9.3.3.40.2.7; 9.3.1.40.2.16 ILT
9.3.4.1.4; 9.3.4.1.5 ILT
relaties0

Artikel 2

  • 1.In deze bijlage wordt verstaan onder:
    • Autoriteit: Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Kernenergiewet;
    • CBR: Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen;
    • Defensie: Minister van Defensie;
    • dyslexieverklaring: verklaring waarin dyslexie is vastgesteld volgens de criteria voor onderkenning en verklaring van de Stichting Dyslexie Nederland (SDN, 2008);
    • EZ: Minister van Economische Zaken;
    • HID-RWS: Minister, namens deze de betrokken hoofdingenieur-directeur van het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat;
    • ILT: Minister, namens deze de Inspecteur-Generaal Leefomgeving en Transport;
    • politie: het landelijke politiekorps, bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de Politiewet 2012;
    • TNO: Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek;
    • VWS: Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
    relaties0
relaties0

Artikel 3

  • 1.In dit artikel wordt verstaan onder:
    • a.overeenstemming vooraf: het CBR doet schriftelijk een voorstel aan de Minister, die, indien akkoord, instemt;relaties0
    • b.informatie achteraf: het CBR informeert schriftelijk achteraf de Minister door toezending van een jaarlijks verslag, houdende:
      • 1°.aantallen examens;relaties0
      • 2°.aantallen geslaagden aan wie een verklaring als bedoeld in bijlage 1 is verstrekt; enrelaties0
      • 3°.een evaluatie van het in onderdeel a en b genoemde.relaties0
      relaties0
    relaties0
  • 2.Bij het uitoefenen van zijn bevoegdheden, bedoeld in artikel 1 van deze bijlage, geeft het CBR toepassing aan tabel 2.
    Tabel 2 Specifieke bevoegdheden CBR
    8.2.1.2 Afgifte verklaring deskundige   X
    8.2.1.6 Aantekening herhalingscursus deskundige   X
    8.2.1.4 of 8.2.1.5 Aantekening vervolgcursus Gas of Chemie   X
    8.2.1.7 of 8.2.1.8 Aantekening verlenging Gas of Chemie   X
    8.2.2.6 Erkenning opleidingen:    
      – vaststellen erkenningsrichtlijn X  
      – feitelijke erkenning opleidingen   X
    8.2.2.7 Vaststellen verloop van de examens:    
      – opstellen examenreglement X  
      – benoeming examencommissie   X
      Vaststellen inhoud van de examens:    
      – vaststellen nationale examenprogramma X  
    relaties0
relaties0

Artikel 4

  • 1.Het CBR kan toestaan dat een examenkandidaat die een stoornis heeft die specifiek betrekking heeft op taal of een zintuiglijke stoornis die effect heeft op taal, het examen geheel of gedeeltelijk aflegt op een wijze die is aangepast aan de mogelijkheden van die kandidaat. Voor die gevallen bepaalt het CBR middels het examenreglement de wijze waarop het examen kan worden aangevraagd en hoe het examen zal worden afgelegd.relaties0
  • 2.Een examenkandidaat die gebruik wil maken van de in het eerste lid geboden mogelijkheid voegt bij de aanvraag een medische verklaring van een specialist of een dyslexieverklaring.relaties0
  • 3.De aanpassing voor examenkandidaten met een stoornis als bedoeld in het eerste lid kan in ieder geval bestaan uit een verlenging van de duur van het examen met ten hoogste 30 minuten.relaties0
relaties0
relaties0
Naar boven