Onderwerp: Bezoek-historie

Besluit Omgevingsvergunning N2000-activiteit; aanpassing geldigheidsduur Aramis-initiatief - CO2 transport kenmerk DGNV / 95666427
Geldigheid:30-04-2026 t/m Status: Geldig vandaag

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Geachte,

Bij besluit van 24 april 2025 is aan TotalEnergies EP Nederland B.V. een vergunning verleend op grond van de Omgevingswet (hierna: Ow) voor het Aramis-initiatief (kenmerk: DGAN-NB/16015055).

Op 26 januari 2026 heeft u via het omgevingsloket van het Digitaal Stelsel Omgevingswet een aanpassing van de geldigheidsduur van deze vergunning aangevraagd (zie bijlage 1). U heeft hiervan een automatische bevestiging ontvangen.

Aanvulling

Op 9 en 10 februari 2026 heb ik verzocht om verduidelijking van de aanvraag
op enige punten. Hierop heb ik op 13 februari 2026 en 15 april 2026 van u een antwoord ontvangen.

Procedure

Het project Aramis valt onder de Mijnbouwwet (hierna: Mbw) waarvoor een projectbesluit moet worden opgesteld (artikel 141a Mbw). In artikel 141a, tweede lid, van de Mbw is bepaald dat artikel 16.7 van toepassing is op de besluiten ter uitvoering van het projectbesluit. Dat wil zeggen dat op de benodigde besluiten ter uitvoering van het project Aramis afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) van toepassing is, waarbij de Staatssecretaris van Klimaat en Groene Groei als coördinerend bestuursorgaan optreedt. Het voorliggende besluit betreft een wijziging van een eerder genomen besluit voor het project Aramis.

Het voorliggende wijzigingsbesluit betreft een wijziging van ondergeschikte aard als bedoeld in artikel 16.83 Ow. Daarom wordt voor de voorbereiding hiervan niet de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 Awb gevolgd, maar een reguliere procedure conform titel 4.1 Awb.

Op grond van artikel 3:26, tweede lid, Awb, worden dit besluit en een ander wijzigingsbesluit gelijktijdig door de Staatssecretaris van Klimaat en Groene Groei bekendgemaakt. Ook doet de Staatssecretaris van Klimaat en Groene Groei daarvan mededeling in de Staatscourant.

Naast publicatie door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat maakt de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur dit besluit ook openbaar op grond van artikel 3 van de Wet open overheid. Het zal onder anonimisering van de persoonsgegevens geplaatst worden op https://puc.overheid.nl/natuurvergunningen.

Overweging

Activiteiten ongewijzigd

Er is slechts sprake van dat de activiteiten in de aanleg- en testfase op een ander moment plaatsvinden, waardoor een verlengde looptijd van de vergunning voor deze aanleg- en testfase is aangevraagd.

De activiteiten worden verder ongewijzigd uitgevoerd, dus overeenkomstig de uitgangspunten en inhoud van de eerder bij de aanvraag van het besluit met kenmerk DGAN-NB/16015055 van 24 april 2025 ingediende documenten.

Stikstofdepositie

Op 7 oktober 2025 is de AERIUS Calculator geactualiseerd naar versie 20251. De stikstofdepositie is voor verschillende scenario's (verschillende looptijden) uitgerekend met deze geactualiseerde versie. Dit heeft geleid tot andere depositiewaarden dan in de oorspronkelijke aanvraag: in de worst case situatie is tijdens de aanlegfase de hoogste depositiewaarde 0,01 mol/ha/jaar hoger dan de waarde die getoetst is voor de huidige omgevingsvergunning (zie bijlagen 6 en 2).

Er is opnieuw onderzocht (zie bijlage 3) wat de mogelijke effecten van deze deposities zouden kunnen zijn. De uitkomsten van dit onderzoeken wijken niet af van de uitkomsten van de initiële aanvraag.

Voor de testfase en het UXO-onderzoek berekent AERIUS Calculator een lagere, respectievelijk gelijke depositiewaarde (zie bijlagen 6 en 2).

De onderbouwing is destijds door het bevoegde gezag geaccepteerd en heeft mede ten grondslag gelegen aan de vigerende toestemming.

Herziene bepaling bruinvisverstoring

Tussen het nemen van het besluit (kenmerk: DGAN-NB/16015055) en het wijzigingsverzoek zijn nieuwe verspreidingsdata van de bruinvis beschikbaar gekomen. Omdat bij het wijzigingsverzoek gebruik dient te worden gemaakt van de meest recente inzichten en wetenschappelijke kennis is de bruinvisverstoring door het project opnieuw berekend (bijlage 5). Op basis van de nieuwe data wordt geconcludeerd dat in de worst case situatie het Aramis-initiatief een minder groot effect heeft op de bruinvispopulatie dan op basis van de data die gebruikt is in de initiële aanvraag. De conclusie dat er geen significant negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen is, blijft hiermee ongewijzigd.

Cumulatietoets

De cumulatietoets is opnieuw uitgevoerd (bijlage 4 en 4a). Hierbij is gekeken naar de gewijzigde looptijd en de projecten die in dezelfde periode worden uitgevoerd. Er wordt geconcludeerd dat ook in cumulatie met deze projecten significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen zijn uitgesloten. De conclusies blijven ongewijzigd ten opzichte van de initiële aanvraag.

Ik onderschrijf de conclusie dat significant negatieve effecten ook bij het aanpassen van de looptijd van de vergunning kunnen worden uitgesloten.

Besluit

Ik besluit voorschrift 17 en 20 van het besluit van 24 april 2025 met als kenmerk DGAN- NB/16015055 als volgt te wijzigen:

17. De vergunning voor de aanleg- en testfase is geldig in de periode van 1 januari 2027 tot en met 31 december 2033, waarbij de werkzaamheden in de aanleg- en testfase die in de gebruikte AERIUS-berekeningen tot depositie kunnen leiden in maximaal 4 aaneengesloten jaren worden uitgevoerd. De vergunning voor de gebruiksfase is geldig voor onbepaalde tijd.

20. De emissies behorende bij de werkzaamheden dienen per projectonderdeel en -fase, als genoemd in de geactualiseerde PB, stikstofonderzoek en AERIUS-berekeningen (zie bijlagen onderhavige besluit), niet te worden overschreden

De overige voorschriften en beperkingen blijven onverkort van kracht.

TER INFORMATIE

Op grond van afdeling 4.1.1. van de Awb kan een verzoek tot wijziging van de vergunning worden ingediend.

Op grond van de artikelen 5.39 en 5.40, lid 1 en lid 2 Ow kan de verleende vergunning worden ingetrokken of gewijzigd.

Als de vergunninghouder handelt in strijd met de vergunning, kan op grond van artikel 18.4 Ow een last onder bestuursdwang worden opgelegd.

Conform artikel 5:32, lid 1, Awb kan een bestuursorgaan dat bevoegd is bestuursdwang toe te passen, in plaats daarvan aan de overtreder een last onder dwangsom opleggen.

 

Hoogachtend,

De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur

namens deze:

 

 

b.a.

MT-lid Natuurvergunningen

Directoraat-Generaal Natuur en Visserij

 

 

 

Bijlagen

  1. Verzoek Aanpassing geldigheidsduur N2000-activiteit Aramis

  2. Herziene versie stikstofdepositieonderzoek

  3. Herziene Passende Beoordeling, onderdeel stikstof

  4. Actualisatie cumulatietoets

    • Oplegnotitie cumulatietoets

  5. Herziene bepaling bruinvisverstoring door Aramis-initiatief

  6. AERIUS Calculatorberekeningen

  7. Mogelijke planning aanleg- en testfase inclusief flexibiliteit

  8. Herberekeningen stikstofdepositie met nieuwste versie AERIUS 2025.3

Beroep

Dit besluit betreft uitsluitend een wijziging van de uitvoeringstermijn van de eerder op 24 april 2025 verleende omgevingsvergunning (kenmerk DGNV / 95666427).

Omdat er al beroep is ingediend tegen die omgevingsvergunning, is artikel 6:19 van de Awb van toepassing. Dit houdt in dat het lopend beroep mede betrekking heeft op dit wijzigingsbesluit, tenzij partijen daarbij geen belang hebben.

Voor zover tegen dit wijzigingsbesluit beroep wordt ingesteld, kunnen de beroepsgronden uitsluitend betrekking hebben op de wijziging die met dit besluit wordt aangebracht.

Hoe gaat u in beroep?

Bent u het niet eens met het besluit? Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA, Den Haag. De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken en begint met de ingang van de dag na die waarop het besluit ter inzage is gelegd.

Op dit besluit is de bijzondere regeling over het aanvoeren van gronden van beroep van toepassing (artikel 16.86 Ow). Dit betekent dat in het beroepschrift moet worden aangegeven welke beroepsgronden de indiener aanvoert tegen het besluit. Na afloop van de termijn van zes weken kunnen geen nieuwe beroepsgronden meer worden aangevoerd. In afwijking van artikel 6:6 van de Awb wordt het beroep tegen een projectbesluit of tegen een besluit ter uitvoering van een projectbesluit niet-ontvankelijk verklaard als in het beroepschrift geen gronden zijn opgenomen. Dit geldt alleen niet als wij u hierover onvoldoende hebben geïnformeerd en u dat redelijkerwijs niet kan worden verweten.

Actuele informatie over in beroep gaan vindt u op: www.raadvanstate.nl/bestuursrechtspraak

In deze periode zijn de documenten met informatie over de besluiten online te bekijken op http://www.rvo.nl/aramis

U kunt op twee manieren in beroep gaan:

Post: Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Postbus 20019

2500 EA Den Haag.

Digitaal: via de website: https://www.raadvanstate.nl/bestuursrechtspraak-procederen/procederen/burger/

We verzoeken u vriendelijk om daarnaast ook een kopie van het beroepschrift te sturen aan: Ministerie Economische Zaken en Klimaat, T.a.v. directie WJZ, Postbus 20401, 2500 EK Den Haag.

Naar boven