Onderwerp: Bezoek-historie

Herstelbesluit; Nota van Antwoord (bijlage 6); vergunning spieringvisserij Waddenzee
Geldigheid:01-10-2025 t/m 28-02-2031Status: Geldig vandaag

Dit onderwerp bevat de volgende rubrieken.

Geachte,

Recent ben ik in de context van de lopende hoger beroepsprocedure tegen de aan u verleende vergunning geattendeerd op (een) technische omissie(s) in de Nota van Antwoord bij de vergunningen voor vaartuigen WR 16, WR 141, WR 161 en WR 225. Het betreft, meer specifiek, enkele onjuist- en onvolkomenheden van gebieds- en soortenkenmerken in tabel A1 uit de bijlage van de Nota van Antwoord spieringvisserij Waddenzee.

Correcties en inhoudelijke duiding

In onderstaande Tabel 1 is een overzicht gegeven van de wijzigingen tussen de oorspronkelijke Nota van Antwoord (d.d. 10 juni 2025) en de gerectificeerde Nota van Antwoord (en bijbehorende Tabel A1). In Tabel 1 betreffen rectificaties in rijen 2 t/m 4, 6 t/m 20 en rij 27 slechts nadere specificaties die de conclusies van het besluit en de Nota van Antwoord niet wijzigen. De doorwerking van de rectificaties in rijen 5 en 21 t/m 26 worden hieronder nader geduid:

  • Rij 5: De Waddenzee is voor de lepelaar aangewezen als broed- én foerageergebied. De soort heeft echter een gunstige landelijke staat van instandhouding en haalt de gebiedsdoelstellingen. Derhalve blijven significant negatieve effecten uitgesloten en wijzigen de conclusies niet.

  • Rij 21: Het voorkomen van de fuut overlapt met de gehele duur van de visserij, maar de soort komt slechts in lage aantallen voor in de maanden december t/m februari. De fuut overwintert namelijk in hoge aantallen langs de Noordzeekust en is slechts in zeer geringe mate aanwezig in de Waddenzee. Desalniettemin is de beoordeling van significant negatieve effecten niet gebaseerd op de oorspronkelijke tabel A1, maar diende deze tabel slechts ter ondersteuning van de inhoudelijke beoordeling. Derhalve blijven significant negatieve effecten uitgesloten en wijzigen de conclusies niet.

  • Rij 22: Het voorkomen van de aalscholver overlapt met de gehele duur van de visserij, maar de soort komt vanaf november t/m maart slechts in lagere aantallen in de Waddenzee voor. De ruimtelijke overlap met verstorende effecten van de vergunde spieringvisserij is dus beperkt. Eveneens is de landelijke staat van instandhouding gunstig. Derhalve blijven significant negatieve effecten uitgesloten en wijzigen de conclusies niet.

  • Rij 23: Het voorkomen van de grote zaagbek overlapt met de gehele duur van de visserij, al wordt de soort nauwelijks/in lage aantallen waargenomen in oktober. Het voorkomen van zeer lage aantallen in oktober gaf eerder reden om de maand oktober niet te betrekken in tabel A1. Echter zijn, volledigheidshalve, in de gerectificeerde tabel alle maanden toegevoegd, dus ook maanden waarin de soort nauwelijks voorkomt. De spiering blijft, zoals in de eerdere versie van de tabel geconcludeerd, van matig belang in de voedselmix van de grote zaagbek. Derhalve blijven significant negatieve effecten uitgesloten en wijzigen de conclusies niet.

  • Rij 24: Het voorkomen van het nonnetje overlapt met de gehele duur van de visserij, al wordt de soort nauwelijks/in lage aantallen waargenomen in oktober. Het nonnetje is echter geen volgens de VHR aangewezen soort voor de Waddenzee, derhalve zijn significant negatieve effecten op deze soort uitgesloten.

  • Rij 25: Het voorkomen van de lepelaar overlapt slechts in oktober met de vergunde spieringvisserij op de specifieke locaties in de Waddenzee. Echter wordt de lepelaar nauwelijks/in lage aantallen waargenomen in oktober, worden de gebiedsdoelen in het Natura 2000-gebied Waddenzee gehaald en heeft de soort een gunstige landelijke staat van instandhouding. Derhalve blijven significant negatieve effecten uitgesloten en wijzigen de conclusies niet.

  • Rij 26: Het voorkomen van de kleine mantelmeeuw overlapt in tijd met de visserij in november en februari. De kleine mantelmeeuw wordt echter nauwelijks/in lage aantallen waargenomen in het Natura 2000-gebied Waddenzee in beide maanden. Bovendien worden de gebiedsdoelen gehaald en heeft de soort een gunstige landelijke staat van instandhouding. Derhalve blijven significant negatieve effecten uitgesloten en wijzigen de conclusies niet.

De tabel is integraal onderdeel van de Nota van Antwoord, derhalve doe ik u de gecorrigeerde versie van de Nota van Antwoord, inclusief tabel A1, toekomen als bijlage 1 van deze correctie.

Hieronder volgen, ter verduidelijking, de specifieke inhoudelijke aanpassingen van de Nota van Antwoord:

Tabel 1: correctie/wijziging Nota van Antwoord spieringvisserij Waddenzee

 

Nota van Antwoord

Origineel

Rectificatie

2

Reactie 2E5, p. 14

Verspreidingskaarten

Overige verspreiding over Nederland

3

Reactie 2G4, p. 25

Verspreidingskaarten

overige verspreiding over Nederland

4

Tabel A1, kolom 2, p. 29

Functie

Gebiedsfunctie

5

Lepelaar

Broeden

Broeden/foerageren

6

Tabel A1, kolom 2, p. 29

Foerageer

Foerageren

7

Tabel A1, kolom 3, p. 29

Seizoen aanwezig

Aanwezigheid in seizoen

8

Fuut

Januari en februari

Jaarrond, minder van december tot en met februari

9

Aalscholver

November tot maart

Jaarrond, minder van november tot en met maart

10

Grote zaagbek

November tot maart

Oktober tot en met april, nauwelijks in april en oktober.

11

Middelste zaagbek

Oktober tot april

Jaarrond, relatief hoge aantallen van oktober tot en met april

12

Nonnetje

November tot maart

Oktober tot en met april, nauwelijks in april en oktober

13

Zwarte Stern

April tot september

April tot september, piek in mei en juni

14

Lepelaar

April tot september

Maart tot en met oktober, nauwelijks aanwezig in oktober

15

Kleine mantelmeeuw

Maart tot september

Februari tot en met november, nauwelijks in februari en november

16

Tabel A1, kolom 4, p. 29

Verspreiding

Overige verspreiding over Nederland

17

Zwarte stern

Friesland & Randstad

Friesland, oost Flevoland, oost Gelderland & Randstad

18

Lepelaar

TVTAS (Wad), Afsluitdijk & zuidwestelijke delta

Waddeneilanden, Afsluitdijk & zuidwestelijke delta

19

Kleine mantelmeeuw

TVTAS (Wad), Maas & zuidwestelijke delta

Waddeneilanden, Maasvlakte & zuidwestelijke delta

20

Tabel A1, kolom 5, p. 29

Overlap met visserij

Overlap in tijd met visserij

21

Fuut

Ja, twee van de vijf maanden

Ja, gedurende de gehele visserijperiode

22

Aalscholver

Ja, twee van de vijf maanden

Ja, gedurende de gehele visserijperiode

23

Grote zaagbek

Ja, vier van de vijf maanden

Ja, gedurende de gehele visserijperiode

24

Nonnetje

Ja, vier van de vijf maanden

Ja, gedurende de gehele visserijperiode

25

Lepelaar

Nee

Nauwelijks

26

Kleine mantelmeeuw

Nee

Nauwelijks

27

Tabel A1, kolom 6, p. 29

Staat van Instandhouding

Landelijke Staat van Instandhouding

 

 

Hoogachtend,

De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,
namens deze;

 

MT-lid Natuurvergunningen

Directoraat-Generaal Natuur en Visserij

 

 

BIJLAGE:

  1. Nota van Antwoord spieringvisserij Waddenzee (gecorrigeerd)

HOGER BEROEP

De belanghebbende die in hoger beroep is gegaan tegen het oorspronkelijke besluit, wordt op grond van artikel 6:19 van de Algemene wet bestuursrecht geacht rechtstreeks beroep te hebben ingesteld tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zal die belanghebbende in de gelegenheid stellen op dit besluit te reageren.

PUBLICATIE BESLUIT

De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur maakt dit correctiebesluit openbaar op grond van artikel 3 van de Wet open overheid. Het zal onder anonimisering van de persoonsgegevens geplaatst worden op https://puc.overheid.nl/natuurvergunningen.

Naar boven